Vraag

16 apr. 2026

Schriftelijke vragen ook de natuur is belanghebbende in Rijnenburg!

Schriftelijke vragen 74/2026

Op 26 maart is de gemeenteraad door het college geïnformeerd over het samenwerkingsplan voor de uitgangspuntennotitie en de volgende fasen in de planontwikkeling voor de gebiedsontwikkeling in Rijnenburg. In deze brief geeft het college aan een breed geluid te willen ophalen. Er wordt omschreven dat "alle belanghebbende Utrechters, waaronder ook de woningzoekenden, en ook die (groepen) mensen van wie we nog onvoldoende een beeld hebben van wat zij vinden van de ontwikkeling van Rijnenburg, en wat zij belangrijk vinden als we dit gebied gaan ontwikkelen" zullen worden meegenomen, in lijn met eerdere aansporingen van de raad wat betreft participatie. 

Met het aannemen van het initiatiefvoorstel Erken de rechten van de Utrechtse natuur heeft de raad uitgesproken dat "niet-menselijk leven om ons heen belangen heeft die mee moeten worden gewogen in gemeentelijk beleid bestuurlijke besluitvorming en samenwerking". Ook heeft het college bij eerdere besprekingen van deze gebiedsontwikkeling toegezegd "om tijdens de bouw maximaal rekening te houden met het belang van dieren" en aangegeven dat bij de planvorming rekening zal worden gehouden met deze toezegging (toezeggingenlijst commissie Ruimte 16 april 2026). Ook heeft de raad al vroeg in het proces Motie 8 Een plan voor de dieren in Rijnenburg aangenomen, waarin ook wordt verzocht de dieren in het gebied te betrekken bij o.a. de uitgangspuntennotitie.

Dieren en de natuur zijn bij uitstek belanghebbende in dit gebied. Tijdens de bespreking van de de leidende principes afgelopen januari is het meenemen van deze ongehoorde geluiden (en aanvullend ook klimaat) aan bod gekomen. Het verbaast ons dan ook dat deze volledig missen in deze update over het samenwerkingsproces. Wij hebben de volgende vragen:

1. Hoe duidt het college de eerdere besluitvorming van de gemeenteraad wat betreft het betrekken van dieren en de natuur bij deze gebiedsontwikkeling?

2. Deelt het college dat dieren en de natuur in haar algemeenheid ook een belang hebben bij de ontwikkelingen in Rijnenburg en dat er nu onvoldoende beeld is van wat zij vinden van de ontwikkeling van Rijnenburg? Zo nee, waarom niet? Zo ja, waarom missen deze stemmen nu in de participatie/samenwerking? En wordt ervoor gezorgd dat deze stemmen worden meegenomen? 

3. Op welke manieren wordt de uitspraak van de raad met het initiatiefvoorstel Erken de rechten van de Utrechtse natuur dat "niet-menselijk leven om ons heen belangen heeft die mee moeten worden gewogen in gemeentelijk beleid bestuurlijke besluitvorming en samenwerking" toegepast in de ontwikkelingen in Rijnenburg, specifiek in participatie/samenwerking? 

4. Klopt het dat het bij uitstek bij grote gebiedsontwikkelingen van belang is ook de ongehoorde stem van dieren, natuur en klimaat vroegtijdig op te halen, mee te wegen en inzichtelijk te maken voor de raad ter afweging? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe wordt ervoor gezorgd dit dat geborgd wordt bij ontwikkelingen, waaronder die van Rijnenburg?

Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren