Commis­sie­bij­drage Koers­do­cument maat­schap­pe­lijke voor­zie­ningen


13 februari 2020

In een leefbare complete stad, een gezonde en aantrekkelijke samenleving met kansen voor iedereen zijn maatschappelijke voorzieningen nodig op het gebied van zorg, welzijn, cultuur, sport en onderwijs.

Groen als maatschappelijke voorziening die bijdraagt aan een gezonde en aantrekkelijke samenleving ontbreekt een beetje in dit rijtje. Tegelijkertijd is de Partij voor de Dieren blij dat dit bij lezing van het document wel terugkomt als het gaat over bijvoorbeeld ruimte voor sporten, spelen en schoolpleinen. Mensen die zich in een groene omgeving bevinden, kunnen zich beter concentreren en herstellen beter. Daarom dank aan de wethouder dat n.a.v. vorige bespreking ook ruimte voor groen en dieren als toevoeging aan ruimte voor onderwijs en zorg is toegevoegd. Een kansrijke combinatie.

In het koersdocument wordt de vraag gesteld hoe we omgaan met de toenemende druk op de ruimte en welke belangenafweging tussen economische, ecologische en sociale waarden gemaakt wordt. Vervolgens ontbreekt het aan een antwoord hierop. De huidige biodiversiteits- en klimaatcrisis geven volgens mij heel duidelijk de grenzen aan van wat kan. Ook voor het concreter maken van de mooie ambities en vraagstukken in dit koersdocument kunnen het sociale minimum en ecologisch plafond bruikbare uitgangspunten bieden. Misschien kan de wethouder welzijn het boek de donut-economie eens lenen van zijn collega.

Hoewel de status van het koersdocument vaag blijft, is de Partij voor de Dieren blij dat ermee erkent wordt dat het streven naar groei van de stad, ook een enorm toenemende druk op onze maatschappelijke voorzieningen meebrengt. Het draaien aan normen om hierbij meer te kunnen groeien, een van de suggesties uit de RSU richtlijnen, is nadrukkelijk niet een keuze die wij zouden willen maken.

Daarom goed dat in het koersdocument normen worden voorgesteld. Een vraag is wel of dit dan normen of ambities zijn:

Bij het bijlage document “vastgestelde normen en ambities” heb ik de vraag of en in hoeverre dit nog ambities zijn, of dat we deze normen al halen. is daar zicht op?

In die tabel staat bij onderwijsruimte iets over het aantal lokalen, maar niets over buitenruimte bij scholen en bso’s.

In de RSU gaat het echt over de ruimte en zullen we nog meer ingaan op het belang van kwalitatief en biodivers groen dichtbij. Omdat alle kleine beetjes helpen is het goed dat bij alle maatschappelijke voorzieningen ook wordt onderzocht hoe groen in te passen.

Ik mis in het koersdocument nog een puntje over diervriendelijk, natuurinclusief en duurzaam bouwen. Als we dan toch maatschappelijke voorzieningen bouwen, doe het dan goed. Waarom staat het er niet in, kan het nog toegevoegd worden of kan de wethouder er een toezegging op doen?

Afsluitend: we lezen in het koersdocument niets over voorzieningen voor dieren. Met de groei van de stad, is er ook behoefte aan voldoende dierenartsen, hondenspeelvelden, dierenvoedselbanken en dierenopvangcentra. Ook de leefgebieden van dieren komen verder onder druk te staan. Kan het college toelichten waarom we hierover geen maatregelen of visie terugzien in het koersdocument?

En tenslotte viel het ons op dat in het koersdocument helemaal niets staat over voorzieningen voor de LHBTI’ers. Vroeger was er bijvoorbeeld een COC plek, of we denken aan regenbooghuizen. Hoe kan de wethouder hier een plek aan geven?

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer