Commis­sie­bij­drage Woonvisie


2 juli 2019

Commissie Stad & Ruimte, 2 juli 2019

De PvdD leest een aantal goede ambities in deze Woonvisie, bijvoorbeeld het streven naar meer gemengde wijken, het inzetten op het vergroten van het aandeel sociale huur en midden huur, en het verbeteren van de doorstroming. In het algemeen kunnen wij ons dan ook vinden in de Woonvisie.

Echter, in de Woonvisie worden de woorden “ambities” en “streven naar” vaak genoemd. De PvdD mist een verdere uitwerking van de te nemen maatregelen. De druk op de woningmarkt is hoog, en er zijn grote opgaven te leveren. Wat mijn fractie betreft is het vooral van belang ambities zo snel mogelijk te vertalen naar actie.

Bijvoorbeeld op het thema duurzaamheid: in de Woonvisie staat dat Utrecht “zo snel mogelijk klimaatneutraal en circulair” wil zijn. Er worden mooie concrete doelen gesteld voor in 2030, bijvoorbeeld wat betreft het aardgasvrij maken van woningen, maar doelstellingen voor de korte termijn ontbreken nog. Wat houdt zo snel mogelijk in? Welke acties worden bijvoorbeeld de komende twee jaar genomen?

Het is goed om te lezen dat duurzaamheid een speerpunt is in de Woonvisie. Wel geeft dit meteen aanleiding tot de vraag of de speerpunten zijn gerangschikt op volgorde van belangrijkheid. Wordt gelijk ingezet op alle speerpunten, of is er een volgorde wat betreft prioriteiten? Duurzaamheid wordt nu als laatste genoemd, terwijl het college in de Woonvisie letterlijk aangeeft dat het huidige tempo van verduurzaming van de woningvoorraad niet snel genoeg is om de ambitie uit het collegeakkoord te halen. Gezien de noodzaak en urgentie van verduurzaming, zou dit punt wat de PvdD betreft bovenaan de prioriteitenlijst moeten staan. Graag een reactie van de wethouder op dit punt.

De PvdD is blij te lezen dat er op het gebied van verduurzaming concrete en afrekenbare doelen worden nagestreefd. Wel vraagt onze fractie zich af hoe de balans zal worden gevonden tussen investeren in het bouwen van woningen en het investeren in verduurzaming. Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst gaven corporaties aan hun prioriteiten te moeten verdelen tussen deze twee. Graag een reflectie van de wethouder op dit punt.

Waar duurzaamheid een speerpunt is, is groen helaas nauwelijks een thema in deze Woonvisie. De PvdD hecht eraan te benadrukken dat wonen meer is dan enkel huizen bouwen, maar dat de fysieke leefomgeving van inwoners een cruciaal aspect is. Bij de ambitie om meer te bouwen en daarmee te verdichten komt het groen in de stad potentieel (nog verder) onder druk. Op welke manier worden de belangen van leefbaarheid en biodiversiteit meegenomen in deze Woonvisie? Het college stelt in de Woonvisie enkel dat bouwers zullen worden gevraagd bij te dragen aan “voldoende groen”. Blijft dit enkel bij vragen naar, en hoe wordt “voldoende groen” hierbij beoordeeld? Graag een reactie van de wethouder op dit punt, want als het niet concreter gemaakt kan worden overweegt mijn fractie een amendement om leefbaarheid en groen beter te verankeren in de woonvisie.

Een derde punt waar wij op in willen gaan is leegstand. De vraag naar woonruimte in Utrecht is groot, en tegelijkertijd zijn er nog leegstaande gebouwen en braakliggende terreinen. In de Woonvisie lezen wij weinig terug over de mogelijkheden om leegstaande gebouwen te gebruiken voor woningen, al dan niet voor tijdelijke huisvesting. Het tijdelijk anders bestemmen van panden, zodat deze voor huisvestingsdoeleinden kunnen worden gebruikt, zou een mogelijkheid zijn. Kan de wethouder uitleggen welke mogelijkheden hij hiertoe ziet?

Met enige creativiteit zijn ook andere (al dan niet tijdelijke) woonvormen te bedenken voor leegstaande locaties. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het bouwen van noodwoningen, die tijdelijk op een locatie kunnen staan, weer afgebroken kunnen worden en op een andere locatie weer opgebouwd. Ook Tiny Houses en stadsnomaden kunnen een plek vinden op braakliggend terrein. Het college geeft zelf in de Woonvisie aan te “onderzoeken of tijdelijke locaties kansen bieden voor flexibele woonconcepten”. Kan de wethouder hier meer uitleg over geven? Welke tijdelijke locaties worden hier bedoeld, en welke flexibele woonconcepten? Kan de wethouder toezeggen om hier meer vaart achter te zetten?

Ten aanzien van de al bestaande woningvoorraad geeft het college in de Woonvisie aan de “mogelijkheden voor woningruil en doorverhuizen te willen stimuleren, om kwalitatieve scheefheid in de bestaande voorraad tegen te gaan”. In de onlangs vastgestelde regionale huisvestingsverordening zijn een aantal maatregelen opgenomen gericht op verbetering van de doorstroming. De PvdD vraagt zich af welke maatregelen in deze Woonvisie worden bedoeld. Hoe gaat het college woningruil en doorverhuizen stimuleren? Graag een reactie van de wethouder op dit punt.

Wat betreft het bouwen van nieuwe woningen maak ik twee korte punten.

Ten eerste, in de Woonvisie staat dat bouwers worden gevraagd circulair bouwen als uitgangspunt te nemen. In het kader van ambitie tonen op duurzaamheid zou het wat de PvdD betreft goed zijn om een stap verder te gaan. De Partij voor de Dieren zou willen dat het als eis zo kunnen worden gesteld dat alle nieuwbouw circulair wordt gebouwd, maar helaas is dit niet mogelijk wegens het bouwbesluit. Kan de wethouder toezeggen dit punt onder de aandacht te brengen bij het rijk?

Ten tweede, in de Woonvisie staat dat bouwers worden gewezen op de mogelijkheden diervriendelijk te bouwen. Wij zijn benieuwd naar de stand van zaken op dit punt. Hoeveel woningen zijn er nu diervriendelijk gebouwd, en hoeveel nog te bouwen woningen zullen diervriendelijk gebouwd worden? Ook op dit punt graag een reactie.