Schrif­te­lijke vragen Bi-culturele LHBT en Veilige Haven Utrecht


Schriftelijke vragen 50/2015

In de afgelopen jaren hebben meerdere rapporten[1] de noodzaak voor specifieke hulpverlening voor lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders uit etnische of religieuze minderheden aangetoond. Deze bi-culturele LHBT hebben een verhoogde kans op psychosociale problemen, depressie, suïcide, verslaving en – mede door uithuiszetting – schulden. Inmiddels draait het programma ‘Jezelf zijn in Utrecht’ waardoor er meer aandacht is voor het thema. Desalniettemin sluit de huidige hulpverlening nog onvoldoende aan op de bestaande situatie en behoeften van deze groep. Amsterdam kent reeds sinds langere tijd een zogenaamde ‘Veilige Haven’, die voorziet in deze specifieke hulpverlening. Onlangs waren diverse partijen aanwezig bij een COC debat over het Roze Stembusakkoord. Tijdens dat debat kwam eensluidend naar voren dat er meer gedaan moet worden voor de LHBT in de gemeente Utrecht uit een etnische- of religieuze minderheid. Dit leidt voor de fracties van GroenLinks, D66, PvdD, PvdA en SP tot de volgende vragen:

1. Is het college bekend met de specifieke problematiek van deze groep?

2. Heeft het college zicht op hoeveel LHBT uit culturele- of religieuze minderheidsgroepen verblijven in Utrecht? Zo nee, is het college bereid dit in kaart te brengen?

3. Op welke manier wordt momenteel ondersteuning geboden aan deze groep?

4. Worden de diverse hulpverleners in Utrecht opgeleid om met deze specifieke problematiek om te kunnen gaan en zo passende hulp te bieden? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, is het college het met ons eens dat dit wel nodig is?

5. Is het college het met GroenLinks, D66, PvdD, PvdA en SP eens dat een Veilige Haven een adequate aanvulling zou zijn op de huidige hulpverlening? Zo ja, welke mogelijkheden ziet het college voor een Veilige Haven in Utrecht? Zo nee, waarom niet?

[1] O.a. Movisie – De kastdeur op een kier (2015), Stichting Katilim – Ik ben Turkse en Lesbisch (2014), Art. 1 – Jezelf zijn in Utrecht (2014), Movisie - Homoseksualiteit in multicultureel Nederland (2009)

Antwoorddatum: 19 mei 2015

Schriftelijke vragen 50/2015

In de afgelopen jaren hebben meerdere rapporten[1] de noodzaak voor specifieke hulpverlening voor lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders uit etnische of religieuze minderheden aangetoond. Deze bi-culturele LHBT hebben een verhoogde kans op psychosociale problemen, depressie, suïcide, verslaving en – mede door uithuiszetting – schulden. Inmiddels draait het programma ‘Jezelf zijn in Utrecht’ waardoor er meer aandacht is voor het thema. Desalniettemin, sluit de huidige hulpverlening nog onvoldoende aan op de bestaande situatie en behoeften van deze groep. Amsterdam kent reeds sinds langere tijd een zogenaamde ‘Veilige Haven’, die voorziet in deze specifieke hulpverlening. Onlangs waren diverse partijen aanwezig bij een COC debat over het Roze Stembusakkoord. Tijdens dat debat kwam eensluidend naar voren dat er meer gedaan moet worden voor de LHBT in de gemeente Utrecht uit een etnische- of religieuze minderheid. Dit leidt voor de fracties van GroenLinks, D66, PvdD, PvdA en SP tot de volgende vragen:

1. Is het college bekend met de specifieke problematiek van deze groep?

Antwoord: Ja

2. Heeft het college zicht op hoeveel LHBT uit culturele- of religieuze minderheidsgroepen verblijven in Utrecht? Zo nee, is het college bereid dit in kaart te brengen?

Antwoord: Ja. Het percentage niet-westerse bi–culturele inwoners van Utrecht is grofweg 65.000. Het aantal LHBT’s omvat 5 à 10% van de mensheid, ongeacht afkomst, cultuur, religie of anderzijds. Dat betekent dat er in onze stad naar schatting 3.250 – 6.500 bi-culturele LHBT’s leven. Hiervan heeft zo’n 40 procent behoefte aan een gesprek of specifieke hulpverlening (bron: Prisma groep, Isjed Hussain).

3. Op welke manier wordt momenteel ondersteuning geboden aan deze groep?

Antwoord: Gericht op ondersteuning van deze groep loopt momenteel het programma ‘Jezelf kunnen zijn in Utrecht’. Dat programma loopt t/m 2016, ook in de drie andere grote steden en wordt ondersteund door het ministerie van OCW en het ministerie van SZW. De kernactiviteiten zijn het creëren van draagvlak en dialoog in eigen kring (binnen MZO’s en bij sleutelfiguren), het opzetten van een netwerk van biculturele LHBT’s (vrnl. jongeren) en deskundigheidsbevordering van professionals (jongerenwerkers, buurtteams e.d.). In het kader van ‘Jezelf kunnen zijn in Utrecht’ is er qua directe ondersteuning elke drie weken een ontmoetingsmogelijkheid voor bi-culturele LHBT’s georganiseerd door de Prismagroep.

4. Worden de diverse hulpverleners in Utrecht opgeleid om met deze specifieke problematiek om te kunnen gaan en zo passende hulp te bieden? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, is het college het met ons eens dat dit wel nodig is?

Antwoord: Ja, via het programma ‘Jezelf kunnen zijn in Utrecht’ (zie verder antwoord op vraag 3) . Na afloop van dat programma is inbedding in de reguliere hulpverlening noodzakelijk.

5. Is het college het met GroenLinks, D66, PvdD, PvdA en SP eens dat een Veilige Haven een adequate aanvulling zou zijn op de huidige hulpverlening? Zo ja, welke mogelijkheden ziet het college voor een Veilige Haven in Utrecht? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Een Veilige Haven biedt ondersteuning aan bi-culturele LHBT’s die een plek zoeken waar ze terecht kunnen met hun gevoelens. De methodiek van Veilige Haven kan in Utrecht binnen of als aanvulling op de huidige hulpverlening zinvol zijn en er zal naar verwachting door 100 personen per jaar gebruik van gemaakt worden (bron: Prismagroep, Isjed Hussain) . We zullen dan ook actief de mogelijkheden hiervan onderzoeken.

[1] O.a. Movisie – De kastdeur op een kier (2015), Stichting Katilim – Ik ben Turkse en Lesbisch (2014), Art. 1 – Jezelf zijn in Utrecht (2014), Movisie - Homoseksualiteit in multicultureel Nederland (2009)