Schrif­te­lijke vragen Sluit kinderen liever niet op in een poli­tiecel


Indiendatum: jan. 2020

Schriftelijke vragen 28/2020

Op woensdag 29 januari kwam het rapport uit van De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). NRC en NOS berichtten daarover: "Een kind van 12 jaar of ouder dat verdacht wordt van een overtreding of misdrijf mag door de politie worden vastgezet, in afwachting van verhoor. Bij zwaardere misdrijven kunnen ze daarna maximaal drie dagen in verzekering worden gesteld. Opsluiten is volgens de wet een uiterste maatregel, die voor de kortst mogelijk duur moet gelden. Daarbij moet rekening
worden gehouden met de belangen van het kind. Volgens de RSJ gebeurt dat lang niet altijd."

De RSJ wil dat kinderen alleen in uitzonderlijke gevallen worden vastgezet, bijvoorbeeld als ze een direct gevaar voor zichzelf of de samenleving vormen. Kinderen zouden een
politieonderzoek thuis moeten kunnen afwachten. De RSJ pleit verder voor kindvriendelijke cellen, opleidingen voor het omgaan met minderjarige arrestanten en een maximale
detentieduur van 24 uur. De politie heeft al regels opgesteld voor de omgang met minderjarigen, zo lazen we. Dat is een goede stap.

Wij willen dat de conclusies en aanbevelingen van de RSJ opvolging krijgen. Wij willen dat net zoals al wordt toegepast in politiedistricten Twente en IJsselland, kinderen
niet meer worden opgesloten voor kleine vergrijpen. Voorts willen wij dat er, vooruitlopend op mogelijke landelijke wetgeving, zoveel mogelijk opvolging gegeven wordt aan de aanbevelingen van de RSJ, binnen de lokale wettelijke mogelijkheden.

Daarom stellen onze partijen de volgende vragen aan het college:

1. In hoeverre is het college het eens met de conclusies van het rapport?

2. Hoeveel kinderen zijn er in de afgelopen jaren vastgezet in Utrecht?

3. Ten aanzien van de bejegening: de politie heeft landelijk al regels opgesteld voor de omgang met minderjarigen. Zo wordt een speciale arrestantenverzorger ingezet die
extra aandacht heeft voor minderjarigen. Hoeveel van deze arrestantverzorgers zijn werkzaam in de regio Utrecht en zijn deze ook 24 uur per dag beschikbaar?

Het rapport spreekt over het bestaan van de volgende richtlijnen: De wet laat toe dat minderjarigen tijdens de inverzekeringstelling op een zogeheten alternatieve locatie verblijven, bijvoorbeeld thuis bij de ouders, in een kleinschalige voorziening of in een justitiële jeugdinrichting. Dit wordt in de praktijk echter nog weinig toegepast.

4. Welke (landelijke) richtlijn(en) worden momenteel gehanteerd? Bestaan er in Utrecht aanvullende regels of protocollen waarmee ‘rekening gehouden wordt met de belangen van het kind’ – en zo ja, hoe luiden die?

5. Welke zorginstanties zijn betrokken bij de jeugdbeschermingsmaatregelen die worden gehanteerd in onze gemeente? Zo ja, hoe ziet die samenwerking eruit? Hebben zij een specifieke visie of aanpak?

6. Een specifieke kwetsbare groep is de groep met een licht verstandelijke beperking en heeft speciale aandacht nodig bij het ophouden en inverzekeringstelling. Wat is de
werkwijze van de politie op dit moment om zich ervan te vergewissen of er sprake is van een licht verstandelijke beperking?

7. Is het college bereid middels een brief uitvoeriger terug te komen op dit onderwerp, en daarbij aan te geven in hoeverre onze ‘driehoek’, in nauwe afstemming met
zorginstellingen, lokaal invulling wil geven aan de aanbevelingen van het rapport?

8. Is het college ook bereid er bij het Rijk op aan te dringen dat – voor zover er sprake is van Rijksbeleid - ook dat wordt aangepast naar aanleiding van de aanbevelingen?

Maarten Koning, D66
Maarten van Heuven, Partij voor de Dieren
Rachel Streefland, ChristenUnie
Heleen de Boer, GroenLinks
Kenneth De Boer-Kreeft, Stadsbelang Utrecht
Mahmut Sungur, DENK
Bulent Isik, Partij van de Arbeid
Ruurt Wiegant, SP
Queeny Rajkowski, VVD