Commissiebijdrage Hoog tijd voor een gesprek over het Ondernemersfonds Utrecht
Door de bezuinigingen zijn er grote klappen terecht gekomen bij de meest kwetsbaren groepen. Zo zijn schoollunches wegbezuinigd, is er gekort op de bijzondere bijstand en is er een enorme hap genomen uit het klimaatbeleid. Tegelijkertijd zit er 15,4 miljoen euro in het Ondernemersfonds in 2025. Het doel van deze 15,4 miljoen? Investeren in die eindeloze en destructieve zoektocht naar groei. Voorbeelden van uitgaven zijn ruim 2 miljoen aan aankleding waarvan 550 duizend euro aan sfeerverlichting en ruim 2 miljoen aan marketing. De Partij voor de Dieren vindt dit scheef. Daarom hebben we bij de programmabegroting een voorstel gedaan om het geld wat in het Ondernemersfonds zit anders te besteden. De raad bleek daar nog niet klaar voor. Daarom kijken we vandaag naar wat we hopelijk wel kunnen veranderen. Want als we een mensenrechtenstad willen blijven in Utrecht. Als we onze klimaatdoelen willen behalen. En als we willen opkomen voor kwetsbare groepen in de samenleving. Dan moeten we prioriteiten stellen.
Het eerste wat we kunnen veranderen is de grote van het fonds. Die is sinds het begin in 2012 is gegroeid van 1,8 miljoen naar 15,4 miljoen in 2025. Om het in perspectief te plaatsen, het initiatievenfonds, een fonds waar bedrijven en organisaties ook aanspraak op kunnen maken, heeft 5,3 miljoen euro. Dat is echt niet in balans. Daarnaast worden aanvragen bij het initiatievenfonds wel getoetst terwijl het Ondernemersfonds regelarm is. Wat de Partij voor de Dieren betreft is het tijd voor een maximum vastgezet bedrag voor het Ondernemersfonds Utrecht. De rest van het geld kan beter naar kwetsbare groepen in de samenleving en naar het Initiatievenfonds.
Ook is het tijd om aanpassingen te maken aan de regelarmheid van het fonds. Zolang het Ondernemersfonds bestaat is het belangrijk dat het geld wel waardevol besteed wordt. Een van de dingen hierin is dat veel partijen binnen de politiek al jaren bedrijven oproepen om hun verantwoordelijkheid te nemen in de klimaat- en biodiversiteitcrisis. Maar, kijkend naar bijvoorbeeld de NEx meting van vorig jaar bleek dat er nog een wereld te winnen valt in de aanpak van bedrijven rondom de kilmaat- en biodiversiteitscrisis. Het Ondernemersfonds zou deze rol goed kunnen spelen. Vaak is er namelijk wel een wens om te verduurzamen maar willen bedrijven daar niet zelf in investeren. Door het geld van het Ondernemersfonds hiervoor in te zetten kan geïnvesteerd worden in verduurzaming en de biodiversiteit zonder een lastenverzwaring. Daarom pleit de Partij voor de Dieren voor een vast percentage wat benut moet worden aan verduurzaming en biodiversiteit in het Ondernemersfonds. Belangrijk is wel dat er strenge criteria komen wat valt onder verduurzaming of verbetering van de biodiversiteit, zodat investeringen in een bomenbal of een maisdoolhof die hier weinig tot niks mee te maken hebben, hier niet onder gaan vallen, zoals ze nu wel doen. Dat het college zegt dat ze geen kaders kunnen stellen aan het fonds gaat niet samen met andere fondsen waar wel duidelijke regels en criteria aan zitten. Waarom kiest de wethouder ervoor om aan dit fonds geen doelgerichte criteria rondom duurzaamheid en biodiversiteit te verbinden? De ruimte is er – en een doelmatige besteding van het geld is nodig om bedrijven mee te krijgen in de aanpak van de klimaatcrisis- en biodiversiteitscrisis.
Dan naar de ongelijke verdeling binnen het Ondernemersfonds. Wat wij zien is dat hier grote verschillen in zitten. Dat sommige kleine gebieden een stuk hogere bedragen ontvangen dan grote gebieden. Het idee hierachter is dat de OZB-niet woningen inleg weer bij dezelfde groep bedrijven terugkomt. Dit betekent dat er heel veel geld kan gaan naar kleine gebieden waar weinig mensen wonen of werken. Ook zorgt het ervoor dat hele rijke buurten heel veel geld ontvangen. Neem bijvoorbeeld het gebied rond de Rabobank waar ontzettend veel geld zit, de Rabobank kan prima voorzieningen voor de omgeving uit hun eigen 5 miljard aan winst regelen. Het inzetten op een andere verdeelsleutel zou ten goede komen aan de stad en het fonds meer tot haar recht laten komen. Een verdeelsleutel die wij voor ons kunnen zien is een verdeling waar wordt gekeken naar de combinatie van het aantal werknemers en bewoners in een trekkingsgebied. Hierdoor krijgt de omgeving het meeste baat bij het ondernemersfonds en is er een eerlijkere verhouding. Wat vindt de wethouder van deze verdeelsleutel?
Als laatste, het college spreekt graag over hoe goed zij vinden dat het Ondernemersfonds werkt. Echter horen wij verhalen dat er maar een klein deel is van de OZB-niet woningen bezitters die deelnemen aan bepaalde trekkingsgebieden. Dat is zorgwekkend. Want het is dan niet door en voor OZB-niet woningen betalers, maar door OZB-niet woningen betalers, en voor de belangen van een klein groepje ondernemers. Het evaluatieonderzoek laat deze betrokkenheid goed zien, namelijk dat er maar 151 reacties op de evaluatie kwamen terwijl er in 2023 bijna 39 duizend bedrijfsvestigingen waren volgens het CBS. Het verschil is enorm en om een fonds als deze goed te laten werken is het belangrijk dat er niet een kleine groep is die alle uitgavekeuzes maakt. Ook is het belangrijk dat maatschappelijke organisaties die OZB-niet woningen betalen hierbij betrokken worden. Hoe kijkt de wethouder naar een minimum aantal of minimum percentage ondernemers per trekkingsgebied? En hoe gaat de wethouder maatschappelijke organisaties stimuleren deel te nemen aan het Ondernemersfonds?
Wij staan voor:
Interessant voor jou
Commissiebijdrage Utrechtse horeca
Lees verderCommissiebijdrage Beleidsnota Vastgoed 2025-2030
Lees verder