Commis­sie­bij­drage Kanto­ren­brief 2019


4 april 2019

Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst kreeg onze fractie het beeld dat de kantorenmarkt ontzettend verwend is: oude kantoren zijn ongewenst, kantoren op afgelegen plekken zijn ongewenst. Want: de bedrijven willen allemaal nieuwe en fraaie kantoren op dezelfde plek, en ze pikken alle beschikbare plekken in, en college werkt daaraan mee.

We hebben twijfels over het loslaten van de voorverhuureis (een minimale bezetting van een gebouw voordat er gebouwd mag worden). We kunnen maar beter star omgaan met het faciliteren van nieuwe kantoren, want voor je het weet moeten er kantoren bij. En dan vinden wij onwenselijk, want waar gaat er gebouwd worden? Waar kan er nog gebouwd worden? De druk op de openbare ruimte, zeker in het Stationsgebied, is enorm. En de druk op de woningmarkt en het toch al weinig beschikbare groen is enorm.

Niet nog meer bouwen, is ons idee, maar: focus eerst maar eens op bestaande kantoren. We zouden willen dat het college niet zomaar accepteert dat nieuwe kantoren de enige optie is. Maak van ongewilde leegstand weer gewilde leegstand. En maak van ongewilde locaties juist gewilde locaties – ook buiten de gemeente. Werk dus samen met andere gemeentes als Nieuwegein en Ronde Venen. En verbeter het bestaande aanbod. Dit is extra slim, omdat er signalen zijn dat economie weer afzwakt en nu kantoren realiseren zou kunnen betekenen dat we later nog meer lege gebouwen hebben. Welke inspanningen ziet de wethouder voor zichzelf op dit punt?

Voorzitter, economische groei is niet de oplossing voor alle problemen; het is het begin ervan. Dit verhaal van ons is bekend. Onze fractie vraagt zich daarom af: Hoe erg is het nu als toename bedrijven stokt? Knapt onze stad ervan op als we kantoren gaan huisvesten en als mensen er niet meer kunnen worden en groen en dieren in de knel komen?

Van de raadsbrief en tijdens de RIB hierover kreeg onze fractie een onaangenaam gevoel. Alles wordt op alles gezet om de economie van Utrecht als een malle te laten draaien. We weten dat dit college Utrecht investeringsstad nummer 1 van Nederland wil maken en daarom worden internationale bedrijven hierheen gelokt, met onder meer onduurzame internationale evenementen; en nu moet er voor hen ook werkplekken gemaakt worden. En natuurlijk moeten al die kantoren dan ook maar gerealiseerd worden in het Utrechtse stationsgebied, want we zouden als een feit moeten accepteren dat niemand nog wil werken in Nieuwegein of Ronde Venen. En daarom moet Utrecht maar de schoppen in de grond zetten om die bedrijven te huisvesten.

De vragen die we hebben:

-Hoe ziet de wethouder de spanning tussen kantoren en woningen in de krappe openbare ruimte?

-De kantorenmarkt is krap, en er zijn tekorten aan werkplekken: waarom is het college dan nog actief bezig met het binnen hengelen van nieuwe bedrijven? Is de wethouder het met ons eens dat dit leidt tot nieuwe problemen? Graag een reflectie.

- Creatieve werkplekken en verzamelwerkplekken zijn belangrijk in de stad. Want ZZP’ers en kleine bedrijfjes profiteren van elkaars kennis als ze dichtbij elkaar zitten. Maar we hoorden op de RIB dat de grote en internationale bedrijven kantoorplekken als Stadstuinen aan het wegdrukken zijn, omdat de prijs per m2 aan het stijgen is. Welke garantie kan de wethouder bieden voor betaalbare huisvesting van kleine, innoverende bedrijven?

Op de RIB over de kantorenbrief is er gesproken, en gister ook in nieuws, over bouw boven op het spoor. Als PvdD kunnen we alleen voorstander zijn, als er naast steen ongelooflijk veel groen bij komt; hoogwaardig park, ecologische verbinden, groene daken etc. Wat zijn de ideeën van de wethouder hierover?