Commis­sie­bij­drage Raads­voorstel Ontwerp-Regionale Ener­gie­stra­tegie en concept-bod


3 september 2020

Voorzitter, wat wij als Partij voor de Dieren willen met hernieuwbare energie werd vorige keer toen we de RES bespraken al duidelijk: we willen snel en veel hernieuwbare energie. Ons voorstel voor meer hiertoe werden vorige keer weggestemd, en dus vinden we de RES U16 nog steeds niet ambitieus genoeg.

En als we terugkijken, wil ik kort specifieke aandacht geven aan biomassa. Het inzicht dat biomassa niet duurzaam is, wordt steeds meer gedeeld. Het is en blijft jammer dat de coalitiepartijen hier in Utrecht biomassa als mogelijkheid overeind hielden, terwijl er een mooie kans lag nieuwe biomassacentrales te weren. Ik hoop dat de coalitiepartijen blij zijn dat er aan de hand van hun motie nu op Lage Weide een nieuwe biomassacentrale op basis van houtverbranding mag komen. Onze fractie is in elk geval niet blij en baalt er enorm van.

In het Raadsvoorstel dat we vanavond lezen, zien wij als Partij voor de Dieren weinig nieuws. Het concept-bod sluit aan bij wat we al wisten, en de plekken die aangewezen worden voor het opwekken voor hernieuwbare energie waren ook al bekend. Met het vaststellen van het raadsvoorstel bij de Startnotitie is opdracht gegeven om actief te gaan zoeken naar plekken in onze gemeente waar in de periode tot 2030 meer energie geproduceerd kan worden. We vinden het jammer dat die nieuwe inzichten er nog niet zijn. We hebben wel een onderzoek toegestuurd gekregen over allerlei vormen van warmte, en die blijken nog echt in de onderzoeksfase te zitten. Vraag aan de wethouder: wanneer mogen we wel informatie verwachten over nieuwe plekken? En over wat voort soort energie gaat het dan: zon, wind, iets anders?

Ik vraag dit ook vanwege het volgende: het raadsvoorstel leunt erg op het energielandschap in Rijnenburg. Het uitnodigingskader is met een kleine meerderheid vastgesteld en omdat de gemeente weinig grond heeft in de polder, kan het zijn dat er geen of een minder ambitieuze energieopwekking tot stand komt. Wat brengt het college dan in om het eigen bod te realiseren? Met spoed op zoek gaan naar alternatieven is essentieel, en ik wil dan ook een toezegging van de wethouder dat ze met alternatieve zoekgebieden voor met name windturbines komt.

In de verbetervoorstellen van andere gemeentes zien we ook een voorstel van gemeente Lopik om minder prioriteit te geven aan zonneweides. Dat snap ik van die gemeente, want in de weidegebieden daar broeden en leven steeds spaarzamer wordende weidevogels als grutto en kievit. Bij het vaststellen van het uitnodigingskader Rijnenburg was de negatieve impact van zonnevelden op weidevogels een pijnpunt. Vraag: welke rol kan de wethouder spelen bij het openhouden van weilanden voor vogels binnen de RES U16? Wat en wanneer heeft ze van onze raad nodig om voldoende leef- en broedgebieden voor weidevogels te behouden?