Monde­linge Vragen Kap van 90 bomen Heycopstraat Eelder­diephof


Indiendatum: dec. 2019

Mondelinge vragen 3, 12 december 2019

Afgelopen week is een vergunning aangevraagd voor het kappen van 90 bomen op de Heycopstraat. Dit heeft te maken met gewenste woningbouwontwikkeling op het terrein van de Roycofabriek. Er staan 100 bomen 'in de weg'. De ontwikkelaar wil er 10 verplanten en de rest zou gekapt moeten worden. De Partij voor de Dieren constateert dat het bestemmingsplan om deze ontwikkeling mogelijk te maken nog niet door de raad is vastgesteld, en dat de omgevingsvergunning om te kunnen bouwen nog niet verleend is. Het bestemmingsplan ligt momenteel ter inzage en zou dan in de eerste helft van volgend jaar aan de raad voorgelegd worden.

De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

1. Is het college bekend met de motie kappen met kappen, die vaststelt dat er pas tot het kappen van bomen voor ruimtelijke plannen overgegaan kan worden op het moment dat álle overige procedures doorlopen zijn en alle andere benodigde vergunningen onherroepelijk zijn?

2. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat als er om wat voor reden dan ook vertraging in een bestemmingsplan optreedt, dat bomen daarvan niet de dupe moeten worden?

3. Klopt het dat het stedenbouwkundig plan waarop deze ontwikkeling gebaseerd is stamt uit 1997, en is het college het met de PvdD eens dat er nu voortschrijdende inzichten zijn over hoe we moeten omgaan met groen in deze stad?

4. Is het college het met de PvdD eens dat besluitvorming over bomen zorgvuldig moet gebeuren en dat raad een bestemmingsplan moet kunnen beoordelen in samenhang met de impact op de omgeving?

5. Is het college bereid om de aanvrager te vragen om deze vergunningaanvraag tijdelijk op te schorten, zodat erover besloten kan worden nádat het bestemmingsplan is vastgesteld?

6. Is het college bereid om te laten onderzoeken of andere verkaveling of andere bouwmethodieken het grote aantal van 100 bomen dat men wil kappen, kan verkleinen?

Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren

Indiendatum: dec. 2019
Antwoorddatum: 12 dec. 2019

Mondelinge vragen 3, 12 december 2019

Afgelopen week is een vergunning aangevraagd voor het kappen van 90 bomen op de Heycopstraat. Dit heeft te maken met gewenste woningbouwontwikkeling op het terrein van de Roycofabriek. Er staan 100 bomen 'in de weg'. De ontwikkelaar wil er 10 verplanten en de rest zou gekapt moeten worden. De Partij voor de Dieren constateert dat het bestemmingsplan om deze ontwikkeling mogelijk te maken nog niet door de raad is vastgesteld, en dat de omgevingsvergunning om te kunnen bouwen nog niet verleend is. Het bestemmingsplan ligt momenteel ter inzage en zou dan in de eerste helft van volgend jaar aan de raad voorgelegd worden.

De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

1. Is het college bekend met de motie kappen met kappen, die vaststelt dat er pas tot het kappen van bomen voor ruimtelijke plannen overgegaan kan worden op het moment dat álle overige procedures doorlopen zijn en alle andere benodigde vergunningen onherroepelijk zijn?

Ja, wij zijn met deze motie bekend. Wij kunnen de lijn volgen, maar er zijn ook andere gronden waarop men dit beoordeelt, bijvoorbeeld ziekte, gronduitgifte en bouwrijp maken. Mits goed gemotiveerd, is het mogelijk om toestemming te geven om bomen te vellen vóór het bestemmingsplan is vastgesteld. De herplantplicht weegt hierbij zeer zwaar.

2. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat als er om wat voor reden dan ook vertraging in een bestemmingsplan optreedt, dat bomen daarvan niet de dupe moeten worden?

Zie antwoord 1

3. Klopt het dat het stedenbouwkundig plan waarop deze ontwikkeling gebaseerd is stamt uit 1997, en is het college het met de PvdD eens dat er nu voortschrijdende inzichten zijn over hoe we moeten omgaan met groen in deze stad?

Gevraagd is of wij wisten dat het plan uit 1997 is. Ja, dat klopt. Er is al een groot gedeelte van uitgevoerd. Het ontwerpbestemmingsplan ligt op dit moment ter inzage. Het is gebaseerd op het huidige beleid. Zoals men wellicht heeft vernomen, is een geplande straat komen te vervallen vanwege groen in een parklaan. Daarmee is het duidelijk dat wij de inzichten van deze tijd hebben toegevoegd aan het oudere stedenbouwkundige plan.

4. Is het college het met de PvdD eens dat besluitvorming over bomen zorgvuldig moet gebeuren en dat raad een bestemmingsplan moet kunnen beoordelen in samenhang met de impact op de omgeving?

Wij beoordelen elke aanvraag voor de omgevingsvergunning zorgvuldig. Het is zeker wenselijk dat de raad een bestemmingsplan beoordeelt in samenhang met de impact op de omgeving.

5. Is het college bereid om de aanvrager te vragen om deze vergunningaanvraag tijdelijk op te schorten, zodat erover besloten kan worden nádat het bestemmingsplan is vastgesteld?

Op de vraag om de vergunningaanvraag op te schorten, is het antwoord negatief, omdat het een projectontwikkelaar vrij staat om het moment van indienen van een vergunningaanvraag zelf te kiezen. Wij beoordelen die aanvraag en nemen daarop een beslissing. Wij kunnen een afwijzend besluit nemen, altijd om ons moverende redenen. Aangezien de aanvraag pas kortgeleden is ingediend, kunnen wij nu nog niet zeggen of wij positief of negatief op de aanvraag reageren.

6. Is het college bereid om te laten onderzoeken of andere verkaveling of andere bouwmethodieken het grote aantal van 100 bomen dat men wil kappen, kan verkleinen?

Gevraagd is of wij willen bekijken of een andere vorm van verkaveling mogelijk is. In het ontwerpproces is uitgebreid onderzocht of de bomen kunnen worden behouden. Dat was niet mogelijk zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit en de mogelijkheden van het plan. Het is ook niet mogelijk om met de informatie die wij nu hebben minder bomen te kappen. Dat kan alleen als wij het complete plan loslaten. Maar nu sluit het plan juist heel erg aan op de omgeving en voegt het veel kwaliteit toe. Wij proberen parkeren op te lossen in de bakken onder de groene dekken. Wij hebben aan het plan een groene laan toegevoegd. Dat zou allemaal niet mogelijk zijn geweest als wij
de bomen hadden laten staan.

Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren