Monde­linge vragen Scholen van gas naar groen!


Deze week werd bekend dat schoolbesturen en de gemeente bij twintig scholen onderzoeken hoe zij van het gas af kunnen. De Partij voor de Dieren juicht dit uiteraard toe, omdat het bijdraagt aan de vergroening van onze energievoorziening, én omdat we de energietransitie hiermee een concreet gezicht geven aan kinderen.

Het onderzoek wordt in april afgerond en wij willen daarom op dit moment meegeven dat we er goed aan doen als ‘van gas naar groen’ ook echt van ‘gas naar groen’ betekent. Zo zou het onwenselijk zijn als de verduurzaming een vorm van greenwashing wordt, bijvoorbeeld door scholen aan te sluiten op biomassa-gestookte stadsverwarming.

De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

1. Is het college bereid om in het onderzoek naar een alternatief voor gasverwarming bij scholen, het gebruik van biomassa uit te sluiten?

2. Is het college bereid om aansluiting op stadsverwarming niet verplicht te stellen, en (juist) aan te sturen op meer duurzame warmtebronnen.

3. Is het college bereid om de resultaten van het onderzoek te delen met de raad?

De Partij voor de Dieren vindt het belangrijk dat het gasvrij maken van scholen niet ten koste gaat van het onderwijs. Scholen zijn gemeentelijke gebouwen en daarom vinden wij dat de gemeente een belangrijke bijdrage dient te leveren aan de voorliggende vergroeningsopgave.

4. Hoe denkt het college het gasvrij maken van scholen te kunnen financieren?

5. Kan het college toezeggen dat het gasvrij maken van scholen niet ten koste gaat van gelden die bedoeld zijn voor het onderwijs?

Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 24 jan. 2019

Deze week werd bekend dat schoolbesturen en de gemeente bij twintig scholen onderzoeken hoe zij van het gas af kunnen. De Partij voor de Dieren juicht dit uiteraard toe, omdat het bijdraagt aan de vergroening van onze energievoorziening, én omdat we de energietransitie hiermee een concreet gezicht geven aan kinderen.

Het onderzoek wordt in april afgerond en wij willen daarom op dit moment meegeven dat we er goed aan doen als ‘van gas naar groen’ ook echt van ‘gas naar groen’ betekent. Zo zou het onwenselijk zijn als de verduurzaming een vorm van greenwashing wordt, bijvoorbeeld door scholen aan te sluiten op biomassa-gestookte stadsverwarming.

De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

1. Is het college bereid om in het onderzoek naar een alternatief voor gasverwarming bij scholen, het gebruik van biomassa uit te sluiten?

Voorzitter, al vaker hebben wij gesproken over biomassa en stadsverwarming. Wij zullen niet zeggen dat scholen geen stadsverwarming mogen hebben en andere mensen wel. Het onderzoek gaat uiteraard over de schoolgebouwen zelf, de installaties, de schil, de isolaties en wat wij daaraan kunnen doen en niet zozeer over het groene gehalte van de elektriciteit of van de warmte.

Wat in het algemeen geldt, staat in het coalitieakkoord: stadsverwarming zal duurzamer zijn of zal geen toekomst hebben. Daarover zijn wij het met elkaar eens. Wij zullen de komende jaren met elkaar werken aan een regionale energiestrategie voor het opwekken van duurzame vormen van energie, ongeacht dat elektriciteit is of warm water. Wij zullen met elkaar werken aan een transitievisie Warmte om te bepalen in welk gebied welke warmtebron en welke warmte-infrastructuur er komt. Scholen zijn niet anders dan woningen of kantoren. Ze gaan gewoon mee in de gebiedsgerichte aanpak. Aan het einde van de rit moet dat allemaal duurzaam worden gevoed, zowel de elektriciteit als het warme water, dus ook de stadsverwarming. De stadsverwarming is daarmee bezig, maar de zeer grote fossiele bronnen die wij nu hebben, vereisen veel Heine duurzame bronnen om te worden vervangen. Dat zal een langdurige en noeste arbeid vergen. Daarvoor - wij zijn het daarover met elkaar eens - is biomassa onze minst favoriete duurzame bron.

2. Is het college bereid om aansluiting op stadsverwarming niet verplicht te stellen, en (juist) aan te sturen op meer duurzame warmtebronnen.

Het aansluiten op stadsverwarming is volgens mij nooit verplicht geweest. lk ken daar geen voorbeelden van. Ook in dit geval niet.

3. Is het college bereid om de resultaten van het onderzoek te delen met de raad?

Wij kunnen de raad zeker de resultaten van het onderzoek meedelen. Wij zullen ook andere gemeenten en het Rijk daarbij betrekken. De resultaten worden openbaar.

De Partij voor de Dieren vindt het belangrijk dat het gasvrij maken van scholen niet ten koste gaat van het onderwijs. Scholen zijn gemeentelijke gebouwen en daarom vinden wij dat de gemeente een belangrijke bijdrage dient te leveren aan de voorliggende vergroeningsopgave.

4. Hoe denkt het college het gasvrij maken van scholen te kunnen financieren?

5. Kan het college toezeggen dat het gasvrij maken van scholen niet ten koste gaat van gelden die bedoeld zijn voor het onderwijs?

Binnen de begroting van de gemeente hebben wij specifiek geld voor de onderwijshuisvesting. Dat bedrag wordt elk jaar door de raad bekrachtigd. Dat betreft aparte fondsen. Daarmee wordt dit soort investeringen gedaan. Het onderzoek moet uitwijzen in hoeverre er sprake is van een onrendabele top. Wij hopen dat te kunnen financieren met de besparing. Dat is ideaal. Als dat niet zo is, moeten wij een gesprek voeren met schoolbesturen en met onszelf. Dat is echter vers twee. Wij zullen de zaak eerst in beeld brengen en inzicht verwerven. In principe zijn onderwijsgeld en huisvestinggeld aparte geldstromen.

Aanvullende vraag van Erik Strandstra : Voorzitter, ik begrijp vanzelfsprekend dat een schoolgebouw niet alleen als school wordt bekeken, maar dat daarbij het gehele gebied wordt betrokken om te zien hoe dat van energie wordt voorzien. Kan in het onderzoek worden bekeken of er mogelijkheden zijn om zonder biomassa de gebouwen van energie te voorzien? Er kan sprake zijn van met, maar wij moeten ook bekijken of het zonder kan. Dan kunnen wij zelf met de schoolbesturen afspraken maken over wat de meest gewenste oplossing is.

Voorzitter, wij hebben zowel landelijk als lokaal gekozen voor een gebiedsgerichte aanpak. Wat het alternatief voor gas ook is, er is sprake van twee smaken: warm water of elektriciteit. In beide gevallen is het de vraag hoe dat wordt gemaakt. De toekomst voor Utrecht en heel Nederland is dat warm water en/of elektriciteit altijd duurzaam zal moeten worden gemaakt. Daar werken wij naar toe. Wij doen dat uiteindelijk gebiedsgericht omdat wij dat zo efficient mogelijk willen doen. Als een gebied elektrisch wordt, moeten wij ervoor zorgen dat alle elektriciteit groen wordt en als het een warmwatergebied wordt, moeten wij ervoor zorgen dat al het warme water groen wordt. Wij denken sowieso niet aan pelletkachels. In alle gevallen geldt dat biomassa onze minst favoriete duurzame bron is.

Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren