Schrif­te­lijke vragen Riool- en grond­wa­ter­over­stort in Utrecht


Indiendatum: 19 jul. 2017

Schriftelijke vragen 71/2017

Al diverse keren trok de Partij voor de Dieren aan de bel omdat er vissen en vogels waren gestorven door riooloverstort en zuurstoftekort in de Utrechtse wateren. Dit was onder meer het geval in oktober 2016 bij Molen De Ster (zie het artikel "Dode vissen en honden met diarree" in het AD), in november 2016 in de Daalsesingel* (dode vissen en vogels) en in juni 2017 bij de Catharijnesingel ("Rioollucht teistert deel Catharijnesingel").

Omdat in Utrecht een gemengd stelsel van riolering en regenwater is, kunnen dit soort situaties dus nog vaker voorkomen, zeker gezien door klimaatverandering het aantal en de kracht van regenbuien gaan toenemen. Dit veroorzaakt niet alleen maar meer vissterfte, maar ook een ongezonde situatie voor dieren en mensen. De gemeente is verantwoordelijk voor riooloverstorten en moet voldoen aan de Wet Verontreiniging Oppervlaktewater (WVO). Daarnaast had een bedrijf in januari 2017 teveel grondwater opgepompt bij bouwwerkzaamheden langs de Leidsche Rijn, waardoor er teveel ijzer in het water terechtkwam. Ook ijzer onttrekt zuurstof aan het water, waardoor dieren en planten gevaar lopen.

De Partij voor de Dieren heeft over het bovenstaande de volgende vragen:

1. Houdt het college bij hoe vaak er riooloverstort in Utrecht plaatsvindt en waar, en hoe vaak dieren hierdoor sterven? Zo nee, waarom niet?

2. Indien er een overzicht is van situaties van riooloverstort, wil het college deze dan naar de Partij voor de Dieren/de gemeenteraad sturen? Zo nee, waarom niet?

3. Gaat het hier volgens het college om incidenten of moeten er volgens het college meer maatregelen genomen worden om te voorkomen dat er riooloverstorten (en dus vaak vissterfte) plaatsvinden?

4. Indien er volgens het college meer maatregelen genomen moeten worden: welke maatregelen gaat het college nemen en wanneer?

5. Hoe vaak en waar komt het in Utrecht voor dat er teveel grondwater aan de grond onttrokken wordt, wat problemen oplevert in wateren als de Leidsche Rijn? Graag een overzicht.

6. Gaat het college met het hoogheemraadschap en Rijkswaterstaat in gesprek over maatregelen om te voorkomen dat riooloverstort door extreme regenval, maar ook het onttrekken van teveel grondwater nog eens gebeurt en dan weer slachtoffers maakt? Zo nee, waarom niet?

7. Is in bovenstaande gevallen voldaan aan de vergunning Wet Verontreiniging Oppervlaktewater?

8. In het geval van de riooloverstort bij de Catharijnesingel in juni 2017: wat was de schade voor de flora en fauna in de Catharijnesingel?

Eva van Esch, Partij voor de Dieren

* In antwoord op mondelinge vragen van de PvdD op 24 november 2016 werd aangegeven dat het ging om een kapotte pomp, in de media werd gezegd dat de vissen gestorven waren door meeuwen en er zijn nog meer redenen gegeven, maar op 20 januari 2017 bleek dat het om riooloverstort ging: “Voor het kerstreces was al vast komen te staan dat het lage zuurstofgehalte was ontstaan omdat er vuilwater vanuit het riool was geloosd op het oppervlaktewater. Deze overstort heeft plaats kunnen vinden omdat de zinker die wijk C verbindt met het hoofdrioolsysteem verstopt zat.”. Dat verklaarde ook de rioollucht die vanaf november 2016 rond de Daalsesingel hing.

Indiendatum: 19 jul. 2017
Antwoorddatum: 22 aug. 2017

Schriftelijke vragen 71/2017

Al diverse keren trok de Partij voor de Dieren aan de bel omdat er vissen en vogels waren gestorven door riooloverstort en zuurstoftekort in de Utrechtse wateren. Dit was onder meer het geval in oktober 2016 bij Molen De Ster (zie het artikel "Dode vissen en honden met diarree" in het AD), in november 2016 in de Daalsesingel* (dode vissen en vogels) en in juni 2017 bij de Catharijnesingel ("Rioollucht teistert deel Catharijnesingel").

Omdat in Utrecht een gemengd stelsel van riolering en regenwater is, kunnen dit soort situaties dus nog vaker voorkomen, zeker gezien door klimaatverandering het aantal en de kracht van regenbuien gaan toenemen. Dit veroorzaakt niet alleen maar meer vissterfte, maar ook een ongezonde situatie voor dieren en mensen. De gemeente is verantwoordelijk voor riooloverstorten en moet voldoen aan de Wet Verontreiniging Oppervlaktewater (WVO). Daarnaast had een bedrijf in januari 2017 teveel grondwater opgepompt bij bouwwerkzaamheden langs de Leidsche Rijn, waardoor er teveel ijzer in het water terechtkwam. Ook ijzer onttrekt zuurstof aan het water, waardoor dieren en planten gevaar lopen.

De Partij voor de Dieren heeft over het bovenstaande de volgende vragen:

1. Houdt het college bij hoe vaak er riooloverstort in Utrecht plaatsvindt en waar, en hoe vaak dieren hierdoor sterven? Zo nee, waarom niet?

Ja, Bij de belangrijkste (grootste) overstorten (130 van de 160) meten we hoe vaak ze jaarlijks overstorten. Daarnaast registreren we hoe vaak we jaarlijks meldingen krijgen van grootschalige vissterfte of dode watervogels en onderzoeken we wat de oorzaak is.

2. Indien er een overzicht is van situaties van riooloverstort, wil het college deze dan naar de Partij voor de Dieren/de gemeenteraad sturen? Zo nee, waarom niet?

Van de riooloverstorten zullen we u in september 2017 een overzicht sturen over de periode 1 juli 2016 – 1 juli 2017.

3. Gaat het hier volgens het college om incidenten of moeten er volgens het college meer maatregelen genomen worden om te voorkomen dat er riooloverstorten (en dus vaak vissterfte) plaatsvinden?

Het gaat hier in alle gevallen om incidenten die gerelateerd zijn aan bouw- of onderhoudsactiviteiten. De incidenten geven geen aanleiding om meer algemene maatregelen tegen riooloverstort te nemen dan die in het Plan gemeentelijk watertaken Utrecht 2016-2019 zijn opgenomen. Wel kijken we samen met het waterschap nog kritischer naar noodzakelijke maatregelen bij bouw- en onderhoud-sactiviteiten.

4. Indien er volgens het college meer maatregelen genomen moeten worden: welke maatregelen gaat het college nemen en wanneer?

Zie het antwoord op vraag 3.

5. Hoe vaak en waar komt het in Utrecht voor dat er teveel grondwater aan de grond onttrokken wordt, wat problemen oplevert in wateren als de Leidsche Rijn? Graag een overzicht.

Hierop kan het waterschap HDSR het exacte antwoord geven. Voor het onttrekken van grondwater is een melding bij of een vergunning van het waterschap nodig. Ook voor het lozen van grondwater op watergangen als Leidsche Rijn is een melding of vergunning nodig van het waterschap. Voor het lozen van grondwater op de gemeentelijke riolering is een vergunning van de gemeente nodig.

6. Gaat het college met het hoogheemraadschap en Rijkswaterstaat in gesprek over maatregelen om te voorkomen dat riooloverstort door extreme regenval, maar ook het onttrekken van teveel grondwater nog eens gebeurt en dan weer slachtoffers maakt? Zo nee, waarom niet?

We hebben regelmatig overleg met waterschappen en Rijkswaterstaat over verbetermaatregelen om riooloverstorten te beperken bij extreme regenval en over het lozen van onttrokken grondwater op de riolering. Daarnaast wordt elk incident door alle partijen uitgebreid onderzocht en worden zo nodig verbetermaatregelen doorgevoerd.

7. Is in bovenstaande gevallen voldaan aan de vergunning Wet Verontreiniging Oppervlaktewater?

De Wet verontreiniging oppervlaktewateren is in 2008 overgegaan in de Waterwet.
Bij de incidenten bij Molen de Ster, Daalsesingel en de Catharijnesingel traden de overstorten onverwacht op. HDSR heeft de gemeente aangesproken op deze incidenten en gevraagd om maatregelen te nemen om de waterkwaliteit te verbeteren. Deze maatregelen zijn uitgevoerd. Bij de Leidsche Rijn heeft HDSR een melding van de ontwikkelaar ontvangen en goedgekeurd (zie het antwoord op vraag 5). De HDSR heeft de bronnering door de ontwikkelaar stilgelegd toen geconstateerd was dat er teveel grondwater onttrokken werd.

8. In het geval van de riooloverstort bij de Catharijnesingel in juni 2017: wat was de schade voor de flora en fauna in de Catharijnesingel?

We hebben geen schade waargenomen.

Eva van Esch, Partij voor de Dieren


*In antwoord op mondelinge vragen van de PvdD op 24 november 2016 werd aangegeven dat het ging om een kapotte pomp, in de media werd gezegd dat de vissen gestorven waren door meeuwen en er zijn nog meer redenen gegeven, maar op 20 januari 2017 bleek dat het om riooloverstort ging: “Voor het kerstreces was al vast komen te staan dat het lage zuurstofgehalte was ontstaan omdat er vuilwater vanuit het riool was geloosd op het oppervlaktewater. Deze overstort heeft plaats kunnen vinden omdat de zinker die wijk C verbindt met het hoofdrioolsysteem verstopt zat.”. Dat verklaarde ook de rioollucht die vanaf november 2016 rond de Daalsesingel hing.