Schrif­te­lijke vragen Een verkeers­veilige Ooster­spoorbaan met respect voor de omgeving


Schriftelijke vragen 40/2020

Onlangs hebben wij een bezoekje gebracht aan de Oosterspoorbaan, en dan in het bijzonder het stukje waar deze samenkomt met de Maliesingel.

Op 16 juli 2019 is het Definitief Ontwerp door het college vastgesteld. Een omwonende gaf aan dat zij eerder in het proces (sinds oktober 2017) de gemeente had gevraagd om te laten weten welke processtappen gezet gingen worden en welke ruimte daarvoor was voor participatie en inspraak. Hierover zouden ook tijdig gesprekken zijn gevoerd met de wethouder Mobiliteit en de wijkwethouder, die signalen zouden hebben afgegeven dat eventuele bezwaren “prematuur” waren.

1. Hoe heeft het college de communicatie met en participatie van omwonenden voor dit stukje van de Oosterspoorbaan ervaren?

2. Hoe kijkt het college terug op haar besluitvormingsproces?

3. Op welk moment is de definitieve hoogte van het fietspad vastgesteld, wanneer is dat met inwoners gecommuniceerd en wanneer en op welke wijze konden zij hierover meepraten?

4. Hoe breed wordt het toekomstige fietspad, in vergelijking met de huidige bouwweg?

5. Op welke manier kunnen bewoners meebeslissen over de invulling van de ruimte langs het fietspad?

We hebben begrepen dat de gemeente meerdere redenen heeft gehad om het fietspad op deze wijze aan te leggen, onder andere dat het fietspad een maximale helling mag hebben van 1 op 25 (4%). Oftewel per 25 strekkende meter 1 meter omhoog. Desondanks hebben wij nog de volgende inhoudelijke vragen:

6. Had de gemeente het ongewenste dal of kuil in het fietspad tussen de Abstederdijk en Maliesingel (overbruggen van het hoogteverschil) op een andere manier kunnen oplossen? Welke andere ontwerpkeuzes zijn overwogen? Waarom is daar niet voor gekozen.

7. Waarom is een wat steilere helling vóór de aansluiting op de Maliesingel per se onwenselijk en minder veilig? Men zou ook kunnen beargumenteren dat er sprake is van een natuurlijke afremming van de snelheid die de verkeersveiligheid ten goede komt.

8. Voor het fietspad gaat gebruik gemaakt worden van de fundering die achterblijft van de bouwweg die de ontwikkelaar van het Hieronymuserf gebruikt. Omdat die bouwweg zwaarder belast werd ligt deze hoger dan dat voor een fietspad nodig is. Hoeveel tijd en budget zou ermee gemoeid zijn als er voor het fietspad geen gebruik gemaakt wordt van de bouwweg van deze ontwikkelaar, maar de gemeente een fietspad aanlegt op een lager niveau?

We hebben begrepen dat de huidige brug niet hergebruikt kan worden maar plaats moet maken voor een nieuwe brug. Ook zou de oude spoorbaan, een cultuurhistorisch element, door de ophoging van het fietspad minder goed zichtbaar blijven.

9. Ziet de gemeente kans om het ontwerp van het fietspad aan te passen, zodat er toch beter rekening kan worden gehouden met de bestaande aanwezige objecten?

Ter plekke stond een informatiebord met daarop een afbeelding van de toekomstige situatie, waarop ook de ontworpen kruising van het fietspad met de Maliesingel was weergegeven. We waren blij met het informatiebord, maar verbaasd over het ontwerp.

10. Hoe denkt het college over de wijze waarop het fietspad wordt aangesloten op de Maliesingel, met een redelijk scherpe bocht langs de bebouwing? Waarom is hiervoor gekozen? Hoe beoordeelt het college de verkeersveiligheid hiervan?

We hebben begrepen dat er momenteel een beroep bij de rechtbank loopt tegen de in oktober 2019 verleende omgevingsvergunning. Deze vergunning is aangevraagd vanwege afwijking van het bestemmingsplan voor het deel nabij de Abstederdijk (ten zuiden van de Minstroom). Het is nog niet bekend wanneer de zitting plaatsvindt.

11. Is de wethouder bereid om ons hierover op de hoogte te houden?

Jantine Zwinkels, CDA
Anne Sasbrink, PvdD

Antwoorddatum: 19 mrt. 2020

Schriftelijke vragen 40/2020

Onlangs hebben wij een bezoekje gebracht aan de Oosterspoorbaan, en dan in het bijzonder het stukje waar deze samenkomt met de Maliesingel.

Op 16 juli 2019 is het Definitief Ontwerp door het college vastgesteld. Een omwonende gaf aan dat zij eerder in het proces (sinds oktober 2017) de gemeente had gevraagd om te laten weten welke processtappen gezet gingen worden en welke ruimte daarvoor was voor participatie en inspraak. Hierover zouden ook tijdig gesprekken zijn gevoerd met de wethouder Mobiliteit en de wijkwethouder, die signalen zouden hebben afgegeven dat eventuele bezwaren “prematuur” waren.

1. Hoe heeft het college de communicatie met en participatie van omwonenden voor dit stukje van de Oosterspoorbaan ervaren?

Omwonenden zijn gedurende het totale planproces op verschillende momenten en op verschillende manieren geïnformeerd over het plan. Daarbij is het proces uitgelegd en is toegelicht waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt. Hieronder de belangrijkste communicatiemomenten:
-Op 10 oktober 2017 is het voorlopig ontwerp aan omwonenden toegelicht tijdens een informatieavond. O.a. de relatie tussen de tijdelijke bouwweg voor de nieuwe woningen aan het Hieronymuserf en het toekomstige fietspad is toegelicht. Toen is aangegeven dat, vanwege de complexiteit van dit deel van de
Oosterspoorbaan, invloed op het ontwerp slechts beperkt kan zijn tot groeninrichting. Deze complexiteit komt voort uit het feit dat het fietspad hier niet over de voormalige spoorlijn kan lopen omdat het spoor in gebruik dient te blijven voor het rangeren van treinen vanuit het Spoorwegmuseum. Door de ligging direct langs een in gebruik zijnde spoorlijn is een vergunning vanuit de spoorwegwet nodig. Daarnaast maakt de aanwezigheid van vele kabels en leidingen, de Minstroom, bodemverontreiniging en de ontsluiting van het
naastgelegen project Hieronymuserf dit deel complex. Dit alles maakt de fysieke ruimte voor het ontwerp beperkt en heeft tot gevolg dat dit gedeelte van de Oosterspoorbaan niet geschikt is voor uitgebreide participatie in de zin van uitgebreide invloed en inspraak op het ontwerp zoals bij fase 1 van de
Oosterspoorbaan (tracé Koningsweg tot Abstederdijk) het geval was.
-Op 16 oktober 2018 is het definitief ontwerp aan omwonenden gepresenteerd. Naast de planning is het ruimtelijk proces toegelicht; waaronder een project afwijkingsbesluit met een formele inspraakprocedure van 6 weken ter inzagelegging van de omgevingsvergunning. Ook is aangegeven dat er een collegebesluit zou volgen.
 -Op 7 november 2018 heeft een gesprek plaatsgevonden met leden van de stichting Oosterspoorbaan, de gemeente en de ontwerper over de groeninrichting en de nieuw te planten bomen. Met de input van belanghebbenden is het plan aangepast wat betreft de groeninrichting en de te planten bomen. Al met al zijn belanghebbenden uitgebreid geïnformeerd en hadden zij de mogelijkheid hun mening te geven. Waar mogelijk is rekening gehouden met de meningen van belanghebbenden. Ook hadden zij de mogelijkheid om formeel een zienswijze in te dienen, waarover zij van tevoren zijn geïnformeerd. Het plan lag van 26 juli 2019 tot 6 september 2019 ter inzage. Daarop zijn 4 zienswijzen ingediend.
Hierop is het plan op details
aangepast, waaronder de boogstraal van de bocht nabij de Maliesingel (zie antwoord 10). Daarnaast is er een boom toegevoegd. Na publicatie van het definitieve besluit op 29 oktober 2019 gold een beroepstermijn van 6 weken. Hierop heeft de rechtbank één beroepsschrift ontvangen. Wij vinden dat we een zorgvuldig proces hebben doorlopen en zijn ook van mening dat de communicatie en participatie goed zijn verlopen. Ondanks dat tegemoet is gekomen aan veel vragen en verzoeken van inwoners en belanghebbenden, weten we dat helaas niet iedere omwonende zich kan vinden in het uiteindelijke plan
.

2. Hoe kijkt het college terug op haar besluitvormingsproces?

Op 7 juli 2015 hebben we besloten om de aansluiting van het park Oosterspoorbaan op de Maliesingel (fase 2) separaat van fase 1 (van Koningsweg tot Abstederdijk) te ontwikkelen. Reden voor dit besluit is de complexiteit van dit tweede deel, aangezien de spoorlijn hier in gebruik blijft voor het rangeren van treinen door het Spoorwegmuseum. Na uitgebreide afweging van diverse alternatieven is in september 2017 gekozen voor de
route via de westzijde van de spoorlijn. In 2017 en 2018 zijn tijdens informatieavonden bewoners geïnformeerd over het ontwerp. Daarbij waren
respectievelijk ruim 20 en 19 bewoners aanwezig. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in het Definitief Ontwerp, welke we op 16 juli 2019 hebben vastgesteld. De belangen van omwonenden zijn in ons besluit meegewogen.
We kijken terug op een zorgvuldig en weloverwogen besluitvormingsproces.

3. Op welk moment is de definitieve hoogte van het fietspad vastgesteld, wanneer is dat met inwoners gecommuniceerd en wanneer en op welke wijze konden zij hierover meepraten?

De uitnodiging voor de informatieavond in oktober 2017 is aan meer dan 200 adressen verstuurd, waaronder omwonenden van de Maliesingel, Zonstraat, Minstraat en Abstederdijk. Daarnaast zijn wijkraad Oost en zo’n 30 direct omwonenden via de mail persoonlijk uitgenodigd. Bij de presentatie van het voorlopig ontwerp van het fietspad is aangegeven dat de tijdelijke bouwweg op (bijna) dezelfde hoogte wordt aangelegd als het fietspad, op circa 2,55 meter NAP. Hiermee zijn kosten bespaard, doordat voor een groot deel de fundering van het fietspad er al ligt. Op verzoek van enkele aanwezigen is na deze informatieavond in 2017, naast het verslag, een tekening met de hoogtes (nieuw en bestaand) van de bouwweg én het Hieronymuserf rondgestuurd aan de aanwezigen. Uiteindelijk wordt het fietspad iets (ca. 13 cm) lager aangelegd dan in oktober 2017 met het voorlopig ontwerp is voorgesteld (namelijk op 2,55 i.p.v. 2,68 meter NAP). Het definitief ontwerp waarin deze hoogte van 2,55 meter is opgenomen is in oktober 2018 gepresenteerd aan bewoners en uiteindelijk door ons vastgesteld op 16 juli 2019. Op 6 maart 2019 is de projectleider bij vijf bewoners van de Maliesingel thuis langs geweest om nogmaals uitleg te geven over de hoogteligging van het fietspad in het ontwerp.

4. Hoe breed wordt het toekomstige fietspad, in vergelijking met de huidige bouwweg?

Het fietspad wordt 350 cm breed, de bouwweg is 500 cm breed. Voor de fundering van het fietspad wordt de bouwweg dus versmald met 150 cm.

5. Op welke manier kunnen bewoners meebeslissen over de invulling van de ruimte langs het fietspad?

In oktober 2017 heeft de toenmalige projectleider tijdens de informatieavond aangegeven dat men o.a. vanwege de beperkte fysieke ruimte bij dit gedeelte van de Oosterspoorbaan niet in dezelfde mate kan meepraten als bij fase 1 (zie antwoord 1). Wel is er ruimte geboden om mee te denken over de beplanting. Na de tweede informatieavond in oktober 2018 heeft op 7 november 2018 een gesprek plaatsgevonden met leden van de stichting Oosterspoorbaan, de gemeente en de ontwerper over de groeninrichting en de nieuw te planten
bomen. Het bomenplan is daarop aangepast. Op speciaal verzoek van de bewoners van Abstederdijk 70A is het hekwerk tussen het fietspad en hun tuin iets hoger ontworpen (160 cm). Ook is er in 2019 op verzoek van bewoners een extra boom toegevoegd.

We hebben begrepen dat de gemeente meerdere redenen heeft gehad om het fietspad op deze wijze aan te leggen, onder andere dat het fietspad een maximale helling mag hebben van 1 op 25 (4%). Oftewel per 25 strekkende meter 1 meter omhoog. Desondanks hebben wij nog de volgende inhoudelijke vragen:

6. Had de gemeente het ongewenste dal of kuil in het fietspad tussen de Abstederdijk en Maliesingel (overbruggen van het hoogteverschil) op een andere manier kunnen oplossen? Welke andere ontwerpkeuzes zijn overwogen? Waarom is daar niet voor gekozen.

Nee. Uitgangspunt is om een fietspad aan te leggen dat voldoet aan de normen die worden gesteld aan een comfortabele en veilige doorfietsroute. Daarbij hoort de maximale helling van 4% (richtlijn Ontwerpwijzer fietsverkeer CROW). Op dit tracé zijn de hoogtes van de Abstederdijk, de nieuwe brug over de Minstroom en de Maliesingel bepalend voor de hoogte van het fietspad.

7. Waarom is een wat steilere helling vóór de aansluiting op de Maliesingel per se onwenselijk en minder veilig? Men zou ook kunnen beargumenteren dat er sprake is van een natuurlijke afremming van de snelheid die de verkeersveiligheid ten goede komt.

Fietsers moeten in het huidig plan bijna 50 cm stijgen om aan te komen op de Maliesingel. Bij een nog steilere helling moet men te veel moeite doen om op de Maliesingel te komen. In dat geval is er geen sprake van een comfortabele aankomst, zeker niet voor ouderen, en gaat dit ten koste van de benodigde tijd om voldoende overzicht te krijgen op deze drukke kruising. Bij de flauwe helling van maximaal 4% in het huidig ontwerp zal de snelheid net voor aankomst op de Maliesingel op een natuurlijke wijze afremmen.

8. Voor het fietspad gaat gebruik gemaakt worden van de fundering die achterblijft van de bouwweg die de ontwikkelaar van het Hieronymuserf gebruikt. Omdat die bouwweg zwaarder belast werd ligt deze hoger dan dat voor een fietspad nodig is. Hoeveel tijd en budget zou ermee gemoeid zijn als er voor het fietspad geen gebruik gemaakt wordt van de bouwweg van deze ontwikkelaar, maar de gemeente een fietspad aanlegt op een lager niveau?

De bouwweg is op verzoek van de gemeente precies op deze hoogte aangelegd, zodat het nu als fundering kan dienen voor het fietspad. Dit is ook eerder gecommuniceerd, zie antwoord 3. De bouwweg is dus niet hoger aangelegd zoals in de vraag wordt gesuggereerd. Een fietspad op een lager niveau is niet gewenst, zie antwoord 6. Daarom zijn de kosten voor aanleg van een fietspad op een lager niveau niet berekend.

We hebben begrepen dat de huidige brug niet hergebruikt kan worden maar plaats moet maken voor een nieuwe brug. Ook zou de oude spoorbaan, een cultuurhistorisch element, door de ophoging van het fietspad minder goed zichtbaar blijven.

9. Ziet de gemeente kans om het ontwerp van het fietspad aan te passen, zodat er toch beter rekening kan worden gehouden met de bestaande aanwezige objecten?

Het fietspad komt ongeveer een halve meter lager te liggen dan de spoordijk. Hierdoor blijft de spoordijk nog goed zichtbaar. Een fietspad op een nog lager niveau is niet gewenst, zie antwoord 6.

Ter plekke stond een informatiebord met daarop een afbeelding van de toekomstige situatie, waarop ook de ontworpen kruising van het fietspad met de Maliesingel was weergegeven. We waren blij met het informatiebord, maar verbaasd over het ontwerp.

10. Hoe denkt het college over de wijze waarop het fietspad wordt aangesloten op de Maliesingel, met een redelijk scherpe bocht langs de bebouwing? Waarom is hiervoor gekozen? Hoe beoordeelt het college de verkeersveiligheid hiervan?

Met deze bocht zorgen we voor een veilige aansluiting op de Maliesingel. Dit was een hele puzzel omdat voor een directe aansluiting naast de spoorwegovergang op de Zonstraat niet voldoende ruimte is. Na uitvoerige
afweging tijdens het ontwerpproces is het huidig ontwerp de optimale variant gebleken. Fietsverkeer richting de Maliesingel wordt hiermee op een natuurlijke wijze afgeremd vanwege de flauwe helling, de bocht en de inritconstructie. Bovendien sluit het fietspad aan op de buitenbocht van de Maliesingel. Hierdoor is er voldoende zicht op het overige verkeer op de Maliesingel. Fietsers komend vanaf de Oosterspoorbaan moeten voorrang verlenen aan het overige verkeer. De Fietsersbond Utrecht heeft op 5 september 2019 een zienswijze ingediend
over onder andere de boogstraal van deze bocht. Wij hebben het ontwerp geoptimaliseerd n.a.v. deze zienswijze door de boogstraal van de binnenbocht te verruimen van 4 naar 5 meter.

We hebben begrepen dat er momenteel een beroep bij de rechtbank loopt tegen de in oktober 2019 verleende omgevingsvergunning. Deze vergunning is aangevraagd vanwege afwijking van het bestemmingsplan voor het deel nabij de Abstederdijk (ten zuiden van de Minstroom). Het is nog niet bekend wanneer de zitting plaatsvindt.

11. Is de wethouder bereid om ons hierover op de hoogte te houden?

Ja. We zullen u op de hoogte houden van het beroep bij de rechtbank tegen de op 22 oktober 2019 verleende omgevingsvergunning (HZ_WABO-19-01750). Deze vergunning is aangevraagd vanwege afwijking van de bestemming Recreatie voor het deel nabij de Abstederdijk (ten zuiden van de Minstroom).

Jantine Zwinkels, CDA
Anne Sasbrink, PvdD