Schrif­te­lijke vragen Model­vliegclub en koeien boer Van Veen


Indiendatum: 2 nov. 2015

Schriftelijke vragen 164/2015

Op 1 september 2012 vestigde modelvliegclub Midden Nederland zich aan de Ringkade te Utrecht, direct naast het perceel van boer Van Veen, die beroepsmatig op kleinschalige wijze rundvee houdt. Sinds de vestiging van de modelvliegclub zijn er conflicten tussen de vliegclub en de boer, die aangeeft dat zijn rundvee én vogels in het gebied ernstig overlast ondervinden van de modelvliegtuigjes die boven het gebied en zijn weilanden circuleren. De heer Van Veen werd op 31 oktober 2013 tijdens een rechtszaak in het gelijk gesteld. De rechtbank bepaalde later dat de vliegvergunning was vernietigd, maar dat hetgeen erin gesteld was (de rechtsgevolgen), van kracht bleef. De vliegclub mocht dus blijven vliegen en de heer Van Ven besloot hierop zijn koeien en kalveren binnen te houden. De gemeente Utrecht heeft de vliegclub meerdere vergunningen verleend om bij de Ringkade te (blijven) vliegen en verhuurt de grond aan de vliegclub.

De Partij voor de Dieren heeft over het bovenstaande de volgende vragen:

1. Wie heeft besloten dat de modelvliegclub op hun oorspronkelijke locatie weg moest en wat was hier de reden van?

2. Wie heeft besloten dat de modelvliegclub gevestigd kon worden aan de Ringkade en waarom?

3. Welke reden(en) heeft het college om de modelvliegclub in de huidige mate te faciliteren? Gaat het hier niet meer om een private dan een publieke taak?

4. Heeft de gemeente van tevoren onderzoek laten doen naar de aanwezige flora en fauna in het gebied waar de vliegclub zich zou vestigen? Zo nee, waarom niet?

5. Is er bij de aanwijzing van de locatie rekening gehouden met het feit dat een boerenbedrijf op het ernaast gelegen weiland koeien en kalveren heeft lopen? Zo nee, waarom niet?

6. Er zouden andere locaties zijn onderzocht, maar die zouden afgewezen zijn omdat er teveel bomen zouden staan. Welke locaties waren dit?

7. In de huurovereenkomst staat dat het terrein plaats mocht bieden aan maximaal dertig parkeerplaatsen. Echter, bij een bezoek aan de vliegclub bleken de betonnen platen die er lagen plaats te bieden aan minstens twee keer zoveel auto’s. Heeft het college hier al op gehandhaafd? Zo nee, waarom niet?

De PvdD begreep dat de start- en landingsbaan tientallen meters verder het gebied in lopen dan in de afgestempelde en goedkeurde vergunning van het college van B&W van 2013. Er zou nu een nieuwe situatietekening zijn, maar deze draagt geen stempel van het college en er zou ook geen nieuwe omgevingsvergunningaanvraag bekend gemaakt zijn voor deze uitbreiding.

8. Kan het college hier meer duidelijkheid over verschaffen? Graag een uitgebreide toelichting.

Wij hebben begrepen van de heer van Putten (voorzitter modelvliegclub) en de heer van Veen dat de overeenkomst loopt tot eind 2019 en dat de huurovereenkomst voor deze locatie van een tijdelijke aard zou zijn.

9. Klopt het dat de overeenkomst loopt tot eind 2019? Zo nee, wat is dan wel de einddatum van de overeenkomst? En kan deze nog worden verlengd? Zo ja, met welke periode?

10. Indien de vliegclub moet verhuizen omdat zij in het ongelijk wordt gesteld, wie betaalt dan de verhuizing?

11. Vindt het college dat zij de heer van Veen tegemoet moet komen wat betreft de overlast die hij zegt te ervaren voor zijn rundvee? Zo ja, op welke manier(en)? Zo nee, waarom niet?

12. Wat heeft het college het afgelopen jaar gedaan om de situatie te verbeteren? En wat ziet het college zelf als oplossing van dit langer lopende conflict?

Indiendatum: 2 nov. 2015
Antwoorddatum: 10 nov. 2015

Schriftelijke vragen 164/2015

Op 1 september 2012 vestigde modelvliegclub Midden Nederland zich aan de Ringkade te Utrecht, direct naast het perceel van boer Van Veen, die beroepsmatig op kleinschalige wijze rundvee houdt. Sinds de vestiging van de modelvliegclub zijn er conflicten tussen de vliegclub en de boer, die aangeeft dat zijn rundvee én vogels in het gebied ernstig overlast ondervinden van de modelvliegtuigjes die boven het gebied en zijn weilanden circuleren. De heer Van Veen werd op 31 oktober 2013 tijdens een rechtszaak in het gelijk gesteld. De rechtbank bepaalde later dat de vliegvergunning was vernietigd, maar dat hetgeen erin gesteld was (de rechtsgevolgen), van kracht bleef. De vliegclub mocht dus blijven vliegen en de heer Van Veen besloot hierop zijn koeien en kalveren binnen te houden. De gemeente Utrecht heeft de vliegclub meerdere vergunningen verleend om bij de Ringkade te (blijven) vliegen en verhuurt de grond aan de vliegclub.

De Partij voor de Dieren heeft over het bovenstaande de volgende vragen:

1. Wie heeft besloten dat de modelvliegclub op hun oorspronkelijke locatie weg moest en wat was hier de reden van?

De eigenaar van de grond wilde de locatie vrij van pacht, huur en/of gebruik hebben voor verkoop.

2. Wie heeft besloten dat de modelvliegclub gevestigd kon worden aan de Ringkade en waarom?

Het College koos er in 2012 voor om mee te werken aan het zoeken naar een permanente locatie voor de modelvliegclub en hiervoor - gezien de urgentie van een vereniging zonder accommodatie - tijdelijk deze locatie aan de Ringkade in Rijnenburg te gebruiken.

3. Welke reden(en) heeft het college om de modelvliegclub in de huidige mate te faciliteren? Gaat het hier niet meer om een private dan een publieke taak?

Het past binnen het gemeentelijke sportbeleid om deze sportvereniging te faciliteren. Het betreft een sportvereniging die via de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtsporten aangesloten is bij NOC*NSF en lid is van de Vereniging Sport Utrecht (VSU).

4. Heeft de gemeente van tevoren onderzoek laten doen naar de aanwezige flora en fauna in het gebied waar de vliegclub zich zou vestigen? Zo nee, waarom niet?

Dit onderzoek is uitgevoerd door de modelvliegclub ten behoeve van de aanvraag van de omgevingsvergunning.

5. Is er bij de aanwijzing van de locatie rekening gehouden met het feit dat een boerenbedrijf op het ernaast gelegen weiland koeien en kalveren heeft lopen? Zo nee, waarom niet?

Daar is rekening mee gehouden.

6. Er zouden andere locaties zijn onderzocht, maar die zouden afgewezen zijn omdat er teveel bomen zouden staan. Welke locaties waren dit?

Noorderpark Oost, Huydecoperweg, De Meerndijk, Haarzuilens Parkbos A en B, Strijkviertel, Nieuwegein-Galecop, De Bilt- Rijnsweerd-Jacobsweg, Noorderpark, Reijerscop, Bunnik/Houten Nieuw Wulven, Haarzuilens-Wielreveld, Thematerkade, Woerden Harmelerwaard, Kasteel Heemstede, Nedereindse plas, Montfoort Mastwijk, De Meern Ringkade 1 en 2, Nedereindseweg.

7. In de huurovereenkomst staat dat het terrein plaats mocht bieden aan maximaal dertig parkeerplaatsen. Echter, bij een bezoek aan de vliegclub bleken de betonnen platen die er lagen plaats te bieden aan minstens twee keer zoveel auto’s. Heeft het college hier al op gehandhaafd? Zo nee, waarom niet? Nee. Er is enige overmaat aan ruimte op de parkeerplaats voor laden/lossen draaien met grotere en kwetsbare vliegtuigen uit grotere bestelbussen/aanhangers.

De PvdD begreep dat de start- en landingsbaan tientallen meters verder het gebied in lopen dan in de afgestempelde en goedkeurde vergunning van het college van B&W van 2013. Er zou nu een nieuwe situatietekening zijn, maar deze draagt geen stempel van het college en er zou ook geen nieuwe omgevingsvergunningaanvraag bekend gemaakt zijn voor deze uitbreiding.

8. Kan het college hier meer duidelijkheid over verschaffen? Graag een uitgebreide toelichting. Er is geen sprake van een start- en landingsbaan die tientallen meters verder het gebied in loopt. Het is een grasveld waar modelvliegtuigen opstijgen en landen. Op de tekening is aangegeven dat dit veld tot het eind van het perceel loopt.

Wij hebben begrepen van de heer van Putten (voorzitter modelvliegclub) en de heer van Veen dat de overeenkomst loopt tot eind 2019 en dat de huurovereenkomst voor deze locatie van een tijdelijke aard zou zijn.

9. Klopt het dat de overeenkomst loopt tot eind 2019? Zo nee, wat is dan wel de einddatum van de overeenkomst? En kan deze nog worden verlengd? Zo ja, met welke periode?

De overeenkomst is aangegaan voor een periode van 5 jaar ingaande 1 september 2012 en zal eindigen per 1 september 2017. Partijen zullen drie maanden voor beëindiging met elkaar in overleg treden of deze overeenkomst nog voort kan duren. Zo ja, dan wordt deze geacht telkenmale met 1 jaar te zijn verlengd en kan deze door elk der partijen worden opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn van 3 maanden.

10. Indien de vliegclub moet verhuizen omdat zij in het ongelijk wordt gesteld, wie betaalt dan de verhuizing?

Deze kwestie ligt bij de Raad van State. Wij wachten deze uitspraak af.

11. Vindt het college dat zij de heer van Veen tegemoet moet komen wat betreft de overlast die hij zegt te ervaren voor zijn rundvee? Zo ja, op welke manier(en)? Zo nee, waarom niet?

Zie antwoord op vraag 10.

12. Wat heeft het college het afgelopen jaar gedaan om de situatie te verbeteren? En wat ziet het college zelf als oplossing van dit langer lopende conflict?

Zie antwoord op vraag 10.