Schrif­te­lijke vragen Houtstook in Utrecht


Schriftelijke vragen 60/2015

Op dinsdagavond 3 maart 2015 werd er een raadsinformatieavond over houtstook in Utrecht georganiseerd naar aanleiding van klachten over houtstook die bij de fractie van de Partij voor de Dieren waren binnengekomen. De uitwisseling van informatie over houtstook en de aard van de klachten die geuit zijn door verschillende insprekers tijdens deze bijeenkomst, geeft bij de fractie van de Partij voor de Dieren aanleiding tot het stellen van de volgende vragen aan het college:

1. Is het college bekend met de presentaties die tijdens deze RIA gegeven zijn en de aard van de klachten die de verschillende insprekers geuit hebben?

Uit de presentatie van de GGD Utrecht bleek dat de gemeente nauwelijks inzicht heeft in de ernst van de overlast voor bewoners uit de gemeente Utrecht en geen actieve rol vervuld in de voorlichting aan houtstokers om overlast voor medebewoners zoveel mogelijk te beperken. Uit onderzoek van het RIVM en het CBS blijkt dat maar liefst ruim 10 procent van de Nederlanders last heeft van de houtstook van hun buren.[1] Dit percentage werd tijdens de RIA onderstreept door Jos Merks van www.houtrook.nl die via zijn Stichting Houtrook.nl dagelijks klachten over houtrook binnenkrijgt.

Het verwarmen van woningen met hout neemt de laatste jaren toe en levert voor de omwonenden behalve hinder óók gezondheidsschade op. Houtrook bevat voor de gezondheid schadelijke stoffen, zoals: fijnstof PM2,5/PM10, Benzeen en Dioxine. Vooral mensen met Astma/COPD, kleine kinderen, ouderen met zwakke longen en hartpatiënten ondervinden veel last van houtrook. Ook blijkt uit het onderzoek van het RIVM dat er de laatste jaren een significante stijging plaatsvindt van de emmissiebijdrage van houtstook.[2]

Verschillende insprekers hebben tijdens de RIA over houtstook uitgelegd hoe groot de overlast voor hen is: de inbreuk op hun bewegingsvrijheid en de ernst van de gezondheidsklachten die door de houtstook veroorzaakt worden.

2. Wat doet de gemeente Utrecht tot op heden met klachten van bewoners over houtstook? Graag een toelichting op eventuele maatregelen en de communicatie van de gemeente Utrecht met klager en stoker.

3. Is het college bereid om onderzoek te laten doen naar de overlast van houtstook binnen de gemeente Utrecht? Zo ja: hoe en op welke termijn? Zo nee, waarom niet? Graag een heldere toelichting.

De GGD in Groningen, Friesland en Drenthe brengt de problemen met houtstook verder in kaart en bezint zich op het nemen van concrete maatregelen. De GGD in Amsterdam, Brabant en Zeeland nemen al concrete maatregelen om de overlast en gezondheidsrisico’s van houtrook verder onder de aandacht te brengen.

4. Is het college, gezien het hoge percentage mensen dat (volgens het RIVM en het CBS) last heeft van houtrook en de bijdrage van houtstook aan de emmissie van fijnstof in de leefomgeving, bereid om GGD Utrecht aan te sporen tot een concrete en actieve voorlichtingscampagne met betrekking tot de overlast van houtstook, de gezondheidsrisico’s die houtstook met zich meebrengt en manieren om de overlast voor omwonenden te beperken? Zo ja: op welke manier? Zo nee: waarom niet? Graag in beide gevallen een duidelijke toelichting.

Suggestie: speciaal voor GGD-medewerkers is er door de werkgroep van het RIVM rapport ‘Gezondheidseffecten van houtstook’ (2011)[3] een stappenplan opgesteld. In dit document worden aandachtspunten besproken welke de GGD kunnen helpen bij de aanpak van een casus met overlast door houtkachels. Dit document is enkel beschikbaar voor GGD’en via cGM@rivm.nl.

De gemeente Groningen heeft in 2009 een onderzoek gedaan naar de (juridische) mogelijkheden om de overlast van houtrook terug te dringen.[4]

5. Is het college bereid om bij particulieren die dermate veel overlast veroorzaken voor hun omgeving door op onzorgvuldige wijze te stoken handhavend op te treden? Zo nee, wat is daarvoor de argumentatie? Zo ja, ziet de gemeente Utrecht mogelijkheden om handhavend op te treden op basis van de in Utrecht geldende plaatselijke regelgeving, bijvoorbeeld via de APV, het bouwbesluit/bouwverordening of landelijke regelgeving zoals de Wet Milieubeheer? Graag een duidelijke toelichting.

De gemeente Groningen acht een aantal maatregelen goed uitvoerbaar. In het onderzoek worden als goed uitvoerbaar de volgende maatregelen beschreven:

  • Voorlichting over het stoken van houtkachels, sfeerhaarden en vuurkorven. Bereik en effect zijn niet in te schatten. Prima uitvoerbaar. Gedragsbeïnvloeding: bij klachten stuurt gemeente in overleg met de klager een brief aan de stoker. Zo nodig wordt een gesprek aangegaan met de stoker. Effectiviteit zal hoog zijn bij het gros van de stokers. Zo niet, dan kan de stoker in een gesprek worden aangespoord om de overlast alsnog te beperken. Goed uitvoerbaar.
  • Het opnemen van een verbod in de APV om te stoken bij windstil en/of mistig weer. Hiermee kan bij ongunstige weersomstandigheden zo nodig worden opgetreden tegen notoire stokers. Tevens biedt dit de mogelijkheid om juist die stokers aan te pakken, die stelselmatig de regels van goed stookgedrag overtreden. Op zich zijn deze begrippen nauwkeurig te definiëren en in de praktijk objectief vast te stellen. Het verbod is in principe uitvoerbaar.

6. Is het college bereid om de mogelijkheden voor invoering van bovenstaande maatregelen in de gemeente Utrecht te onderzoeken? Zo ja: hoe en op welke termijn? Zo nee: waarom niet? Graag een heldere toelichting.

Eva van Esch, Partij voor de Dieren

[1] Centraal Bureau voor de Statistiek, ‘Milieuhinder, milieugedrag en milieubesef van personen: persoonskenmerken’, 27 april 2012.

[2] ECN (Energy Research Centre of the Netherlands), ‘Emissies van houtstook door huishoudens’, april 2012, projectnr. 50036. Online te raadplegen via: https://www.ecn.nl/publicaties/PdfFetch.aspx?nr=ECN-E--12-011

[3] Hagens W.I. e.a., RIVM rapport ‘Gezondheidseffecten van houtrook - Een literatuurstudie’, RIVM rapport 609300027/2011, p. 39. Online te raadplegen via: http://www.infomil.nl/publish/pages/75603/gezondheidseffecten_van_houtrook_2011_rivm_609300027.pdf

[4] Gemeente Groningen, ‘Houtstook, Overzicht van denkbare maatregelen, de potentiële effectiviteit hiervan én de vraag of deze uitvoerbaar en handhaafbaar zijn.’, 2009. Online te raadplegen via: http://www.infomil.nl/publish/pages/84818/juridische_onmogelijkheden_houtstook_groningen.doc

Antwoorddatum: 26 mei 2015

Schriftelijke vragen 60/2015

Op dinsdagavond 3 maart 2015 werd er een raadsinformatieavond over houtstook in Utrecht georganiseerd naar aanleiding van klachten over houtstook die bij de fractie van de Partij voor de Dieren waren binnengekomen. De uitwisseling van informatie over houtstook en de aard van de klachten die geuit zijn door verschillende insprekers tijdens deze bijeenkomst, geeft bij de fractie van de Partij voor de Dieren aanleiding tot het stellen van de volgende vragen aan het college:

1. Is het college bekend met de presentaties die tijdens deze RIA gegeven zijn en de aard van de klachten die de verschillende insprekers geuit hebben?

Ja

Uit de presentatie van de GGD Utrecht bleek dat de gemeente nauwelijks inzicht heeft in de ernst van de overlast voor bewoners uit de gemeente Utrecht en geen actieve rol vervuld in de voorlichting aan houtstokers om overlast voor medebewoners zoveel mogelijk te beperken. Uit onderzoek van het RIVM en het CBS blijkt dat maar liefst ruim 10 procent van de Nederlanders last heeft van de houtstook van hun buren.1 Dit percentage werd tijdens de RIA onderstreept door Jos Merks van www.houtrook.nl die via zijn Stichting Houtrook.nl dagelijks klachten over houtrook binnenkrijgt.

Het verwarmen van woningen met hout neemt de laatste jaren toe en levert voor de omwonenden behalve hinder óók gezondheidsschade op. Houtrook bevat voor de gezondheid schadelijke stoffen, zoals: fijnstof PM2,5/PM10, Benzeen en Dioxine. Vooral mensen met Astma/COPD, kleine kinderen, ouderen met zwakke longen en hartpatiënten ondervinden veel last van houtrook. Ook blijkt uit het onderzoek van het RIVM dat er de laatste jaren een significante stijging plaatsvindt van de emissiebijdrage van houtstook.2

Verschillende insprekers hebben tijdens de RIA over houtstook uitgelegd hoe groot de overlast voor hen is: de inbreuk op hun bewegingsvrijheid en de ernst van de gezondheidsklachten die door de houtstook veroorzaakt worden.

2. Wat doet de gemeente Utrecht tot op heden met klachten van bewoners over houtstook? Graag een toelichting op eventuele maatregelen en de communicatie van de gemeente Utrecht met klager en stoker.

Voor vragen over gezondheid en rook verwijst de gemeente Utrecht naar het team Medische milieukunde van de GGD regio Utrecht.

Indien een bewoner contact opneemt met de GGD regio Utrecht met een klacht over houtrook dan wordt de melder bevraagd over de aard en ernst van de (gezondheids)klachten. Bij gezondheidsklachten vraagt de GGD aan de melder altijd om contact op te nemen met de huisarts, Samen met de bewoner wordt het stappenplan voor gehinderden uit de toolkit aanpak houtrookoverlast doorgenomen. Het doel hiervan is de bewoner op weg te helpen met het zelf oplossen van de overlastsituatie. Deze aanpak is conform het stappenplan voor GGD’en in de toolkit aanpak houtrookoverlast van het ministerie van I&M.

Indien er een melding over houtrook (via het digitaal loket van de gemeente) wordt ingediend, wordt deze door de uitvoeringsorganisatie Vergunningen, Toezicht en Handhaving in behandeling genomen en onderzocht. Vervolgens wordt zo nodig en mogelijk actie ondernomen. De Wet milieubeheer, het Activiteitenbesluit, de Utrechtse bouwverordening en de Wabo zijn leidend bij het onderzoek en de mogelijk te nemen maatregelen.

3. Is het college bereid om onderzoek te laten doen naar de overlast van houtstook binnen de gemeente Utrecht? Zo ja: hoe en op welke termijn? Zo nee, waarom niet? Graag een heldere toelichting.

Er zijn cijfers uit de gezondheidspeiling Utrecht 2006 en 2010 beschikbaar inzake de door burgers ervaren overlast van open haarden, houtkachels.

Uit de gezondheidspeiling blijkt in 2006, respectievelijk in 2010, 8 en10% van de Utrechtse respondenten hinder of ernstige geurhinder te ervaren van het gebruik van haarden/ allesbranders.

De GGD in Groningen, Friesland en Drenthe brengt de problemen met houtstook verder in kaart en bezint zich op het nemen van concrete maatregelen. De GGD in Amsterdam, Brabant en Zeeland nemen al concrete maatregelen om de overlast en gezondheidsrisico’s van houtrook verder onder de aandacht te brengen.

4. Is het college, gezien het hoge percentage mensen dat (volgens het RIVM en het CBS) last heeft van houtrook en de bijdrage van houtstook aan de emissie van fijnstof in de leefomgeving, bereid om GGD Utrecht aan te sporen tot een concrete en actieve voorlichtingscampagne met betrekking tot de overlast van houtstook, de gezondheidsrisico’s die houtstook met zich meebrengt en manieren om de overlast voor omwonenden te beperken? Zo ja: op welke manier? Zo nee: waarom niet? Graag in beide gevallen een duidelijke toelichting.

Op de website van de GGD regio Utrecht wordt voorlichting gegeven over de gezondheidseffecten van houtrook, hoe je als stoker houtrookoverlast kunt beperken en wat je als gehinderde kunt doen (zie www.ggdru.nl/themas/milieu-en-gezondheid/houtkachels-en-open-haarden.html).

Ook op de website van de gemeente Utrecht is er aandacht voor de effecten van houtstook (zie: www.utrecht.nl/milieu/luchtkwaliteit/wat-kunt-u-doen).

Suggestie: speciaal voor GGD-medewerkers is er door de werkgroep van het RIVM rapport ‘Gezondheidseffecten van houtstook’ (2011)3 een stappenplan opgesteld. In dit document worden aandachtspunten besproken welke de GGD kunnen helpen bij de aanpak van een casus met overlast door houtkachels. Dit document is enkel beschikbaar voor GGD’en via cGM@rivm.nl.

De gemeente Groningen heeft in 2009 een onderzoek gedaan naar de (juridische) mogelijkheden om de overlast van houtrook terug te dringen.

5. Is het college bereid om bij particulieren die dermate veel overlast veroorzaken voor hun omgeving door op onzorgvuldige wijze te stoken handhavend op te treden? Zo nee, wat is daarvoor de argumentatie? Zo ja, ziet de gemeente Utrecht mogelijkheden om handhavend op te treden op basis van de in Utrecht geldende plaatselijke regelgeving, bijvoorbeeld via de APV, het bouwbesluit/bouwverordening of landelijke regelgeving zoals de Wet Milieubeheer? Graag een duidelijke toelichting.

Waar het om het bedrijfsmatig stoken van hout gaat, reageren wij enerzijds op bouwaanvragen voor bijvoorbeeld schoorstenen en anderzijds op klachten, houden wij toezicht en treden zo nodig handhavend op (op grond van het Activiteitenbesluit en de Wet milieubeheer).

Gaat het om particuliere houtstook dan is het algemene hinderartikel uit de Utrechtse bouwverordening (artikel 7.3.2) uitgangspunt. De bewijslast (dat er sprake is van hinder) ligt bij ons college. Deze bewijslast komt in de praktijk zeer lastig tot stand omdat er op dit moment geen objectieve criteria voorhanden zijn wanneer er sprake is van hinder (daarnaast is hinder een subjectief begrip). De mogelijkheden voor handhavend optreden bij overlast van houtrook door particulieren zijn daarom beperkt. Dit wordt bevestigd door recente uitspraken van de Raad van State over houtkachels: zie bijvoorbeeld uitspraak 201308188/1/A1 en uitspraak 201306442/1/A1.

De gemeente Groningen acht een aantal maatregelen goed uitvoerbaar. In het onderzoek worden als goed uitvoerbaar de volgende maatregelen beschreven:

Voorlichting over het stoken van houtkachels, sfeerhaarden en vuurkorven. Bereik en effect zijn niet in te schatten. Prima uitvoerbaar.

Gedragsbeïnvloeding: bij klachten stuurt gemeente in overleg met de klager een brief aan de stoker. Zo nodig wordt een gesprek aangegaan met de stoker. Effectiviteit zal hoog zijn bij het gros van de stokers. Zo niet, dan kan de stoker in een gesprek worden aangespoord om de overlast alsnog te beperken. Goed uitvoerbaar.

Het opnemen van een verbod in de APV om te stoken bij windstil en/of mistig weer. Hiermee kan bij ongunstige weersomstandigheden zo nodig worden opgetreden tegen notoire stokers. Tevens biedt dit de mogelijkheid om juist die stokers aan te pakken, die stelselmatig de regels van goed stookgedrag overtreden. Op zich zijn deze begrippen nauwkeurig te definiëren en in de praktijk objectief vast te stellen. Het verbod is in principe uitvoerbaar.

6. Is het college bereid om de mogelijkheden voor invoering van bovenstaande maatregelen in de gemeente Utrecht te onderzoeken? Zo ja: hoe en op welke termijn? Zo nee: waarom niet? Graag een heldere toelichting.

- Over voorlichting: zie het antwoord bij vraag 4: de Utrechtse en de Groningse benadering zijn inmiddels identiek.

- Over gedragsbeïnvloeding: In Groningen heeft het versturen van brieven aan notoire stokers met als doel gedragsbeïnvloeding in het verleden inderdaad plaatsgevonden. De gemeente Groningen is daarmee evenwel gestopt, omdat er bij burgers, die hun stookgedrag niet veranderen, geen juridische mogelijkheden zijn om dat aan te pakken. Als duidelijk is wie de veroorzaker is van de overlast stimuleren wij de klager/melder daarover het gesprek aan te gaan met de veroorzaker.

- Over opname van een artikel in de APV over het stoken van houtkachels: in Groningen is uiteindelijk na bestuurlijke afweging geen vorm van stookverbod in de APV terecht gekomen. In Utrecht gaan we bij toekomstige klachten over houtstook en overlast van houtrook de weersomstandigheden registreren. Op basis van deze inventarisatie kan te zijner tijd beoordeeld worden of verdere (juridische) stappen mogelijk en nodig zijn.

Eva van Esch, Partij voor de Dieren