Schrif­te­lijke vragen PAS op de plaats voor de verbreding van de NRU


Schriftelijke vragen 141/2019

Op 29 mei heeft de Raad van State uitspraak gedaan over het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Op basis van dit stikstofbeleid worden onder andere vergunningen uitgegeven voor de aanleg van wegen. Ook de vergunning voor het verbreden van de A27 is gebaseerd op het PAS, daar stelde D66 onlangs schriftelijke vragen over. Maar ook de verbreding van de ringweg NRU is op dit programma gebaseerd.

De Partij voor de Dieren heeft zich samen met een meerderheid van de Utrechtse gemeenteraad verzet tegen de verbreding van de A27. Nu de Raad van State het PAS ongeldig heeft verklaard, is de Partij voor de Dieren van mening dat een zelfde kritische houding verwacht mag worden ten aanzien van de verbreding van de ringweg NRU. De NRU ligt namelijk dicht in de buurt van een Natura 2000-gebied, vlakbij het Natura 2000-gebied de Oostelijke Vechtplassen. Uit de milieueffectrapportage (MER) blijkt dat de verbreding van de NRU leidt tot aanzienlijk meer stikstofdepositie op dit gebied. Zo staat in het rapport: ‘‘Door de vernieuwing van de NRU zal er een extra stikstofdepositie ontstaan van 1,44 mol/ha/jaar op het Natura 2000- gebied Oostelijke Vechtplassen. Dit is boven de vastgestelde grenswaarde van 0,05 mol/ha/jaar voor dit gebied, waardoor voor de NRU een vergunningsaanvraag nodig is.’’

Daarom heeft de fractie van de Partij voor de Dieren de volgende vragen:

1. Is het college met de Partij voor de Dieren van mening dat zij met het oog op de PAS-uitspraak een gelijkwaardige kritische houding moet innemen ten aanzien van de gevolgen van de verbreding van de A27 en van de ringweg NRU? Zo nee, kan het college dan uitgebreid uitleggen waarom niet?

2. Hoe beoordeelt het college de uitspraak van de Raad van State over het Programma Aanpak Stikstof in relatie tot het besluit en de vergunningverlening voor het project verbreding ringweg NRU? Is het college van mening dat de PAS-uitspraak betekent dat het project niet uitgevoerd kan worden? Zo nee, waarom niet?

3. Kan het college aantonen dat de verbreding van de ringweg NRU geen nadelige effecten heeft op het nabijgelegen Natura 2000-gebied? Zo nee, hoe verhoudt zich dat tot de kritiek van de Raad van State over de PAS?

4. Wat betekent de uitspraak van de Raad van State eventueel voor de planning van het project verbreding ringweg NRU? S.v.p. een zo gedetailleerd mogelijk beeld te geven welke mijlpalen wel/niet gehaald worden.

5. Kan het college toezeggen er alles aan te doen om onomkeerbare stappen (in het bijzonder de bomenkap) tegen te houden, en de toegezegde financiële middelen te bevriezen, zolang onduidelijkheid bestaat over de gevolgen van de PAS-uitspraak en totdat wij daarover als raad geïnformeerd zijn en gesproken hebben? Zo nee, waarom niet, en hoe beoordeelt het college in dat geval haar keuze om, nu de PAS op zeer losse schroeven staat, het project toch verder uit te voeren zonder dat zij weet of de verbreding kan plaatsvinden binnen de kaders van rechtsgeldige stikstofwetgeving?

6. Is het college bereid deze uitspraak van de Raad van State ook zelf te onderzoeken en te onderzoeken of een alternatief plan kan worden ontwikkeld voor het project verbreding ringweg NRU dat wel voldoende rekening houdt met het omliggende Natura 2000-gebied, volksgezondheid, groen, milieu en klimaat? Zo nee, waarom niet?

De verbredingen van de ringwegen A27 en NRU dienen hetzelfde doel: het Rijk en de regio willen de capaciteit vergroten voor het toenemende autoverkeer uit heel Nederland. Dit draagt niet bij aan de oplossing van het klimaatprobleem, maar jaagt het klimaatprobleem juist verder aan, met daarbij ook gevolgen voor lucht en natuur in en rondom Utrecht. Dat zei ook het CPB: de emissies van CO2 nemen toe door toenemend autoverkeer. De Partij voor de Dieren begrijpt daarom niet dat het college stuurloos tegenstander is van de verbreding van de A27, maar kapitein van de verbreding van de ringweg bij de NRU – waar wij als gemeenteraad en college wél zelf van af kunnen zien.

7. Waarom is het college net als de Partij voor de Dieren wél tegenstander van de verbreding van de A27, maar pleit zij tegelijk hartstochtelijk voor de verbreding van de ringweg bij de NRU?

8. Waarom is het college tegenstander van bomenkap bij de A27, maar voorstander van bomenkap bij de ringweg NRU?

9. Waarom is het college tegenstander van de verbreding van de A27, maar voorstander van de verbreding van de ringweg NRU?

10. Waarom is het college tegenstander van meer interprovinciaal verkeer bij de A27, maar is zij voorstander van een bijna-verdubbeling van het (inter)provinciaal verkeer en fijnstofemissies bij de ringweg NRU?

11. Waarom is het college tegenstander van meer fijnstof en stikstof bij de A27, maar is zij voorstander van meer fijnstof en stikstof bij de ringweg NRU?

Antwoorddatum: 16 jul. 2019

Schriftelijke vragen 141/2019

Op 29 mei heeft de Raad van State uitspraak gedaan over het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Op basis van dit stikstofbeleid worden onder andere vergunningen uitgegeven voor de aanleg van wegen. Ook de vergunning voor het verbreden van de A27 is gebaseerd op het PAS, daar stelde D66 onlangs schriftelijke vragen over. Maar ook de verbreding van de ringweg NRU is op dit programma gebaseerd.

De Partij voor de Dieren heeft zich samen met een meerderheid van de Utrechtse gemeenteraad verzet tegen de verbreding van de A27. Nu de Raad van State het PAS ongeldig heeft verklaard, is de Partij voor de Dieren van mening dat een zelfde kritische houding verwacht mag worden ten aanzien van de verbreding van de ringweg NRU. De NRU ligt namelijk dicht in de buurt van een Natura 2000-gebied, vlakbij het Natura 2000-gebied de Oostelijke Vechtplassen. Uit de milieueffectrapportage (MER) blijkt dat de verbreding van de NRU leidt tot aanzienlijk meer stikstofdepositie op dit gebied. Zo staat in het rapport: ‘‘Door de vernieuwing van de NRU zal er een extra stikstofdepositie ontstaan van 1,44 mol/ha/jaar op het Natura 2000- gebied Oostelijke Vechtplassen. Dit is boven de vastgestelde grenswaarde van 0,05 mol/ha/jaar voor dit gebied, waardoor voor de NRU een vergunningsaanvraag nodig is.’’

Daarom heeft de fractie van de Partij voor de Dieren de volgende vragen:

1. Is het college met de Partij voor de Dieren van mening dat zij met het oog op de PAS-uitspraak een gelijkwaardige kritische houding moet innemen ten aanzien van de gevolgen van de verbreding van de A27 en van de ringweg NRU? Zo nee, kan het college dan uitgebreid uitleggen waarom niet?

Ja

2. Hoe beoordeelt het college de uitspraak van de Raad van State over het Programma Aanpak Stikstof in relatie tot het besluit en de vergunningverlening voor het project verbreding ringweg NRU? Is het college van mening dat de PAS-uitspraak betekent dat het project niet uitgevoerd kan worden? Zo nee, waarom niet?

Op dit moment analyseren wij wat de mogelijke gevolgen zijn van de recente uitspraak van de Raad van State voor de vernieuwing van de NRU. Wij kunnen daarom geen antwoord geven op de vraag hoe verstrekkend deze gevolgen zijn. Omdat het bestemmingsplan nog niet is vastgesteld, kan in het bestemmingsplan nog rekening worden gehouden met de uitspraak van de Raad van State. Wij leggen het bestemmingsplan pas ter besluitvorming voor aan de raad, als er meer duidelijkheid is over de gevolgen van de uitspraak. De vergunning die reeds is verleend op basis van de Wet natuurbescherming voor de natura 2000 gebieden is onherroepelijk. Volledigheidshalve verwijzen we u voor de algemene aanpak naar onze brief van 25 juni 2019 over de gevolgen van de PAS-uitspraak.

3. Kan het college aantonen dat de verbreding van de ringweg NRU geen nadelige effecten heeft op het nabijgelegen Natura 2000-gebied? Zo nee, hoe verhoudt zich dat tot de kritiek van de Raad van State over de PAS?

Nee, uit de berekeningen blijkt dat er als gevolg van de vernieuwing van de NRU stikstofdepositie-effecten zijn op het nabijgelegen Natura 2000-gebied de Oostelijke Vechtplassen. De NRU is opgenomen in het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Door de uitspraak van de Raad van State kan niet langer gebruik worden gemaakt van het PAS. Zie voor vervolg ook antwoord 2.

4. Wat betekent de uitspraak van de Raad van State eventueel voor de planning van het project verbreding ringweg NRU? S.v.p. een zo gedetailleerd mogelijk beeld te geven welke mijlpalen wel/niet gehaald worden.

Op dit moment onderzoeken wij de gevolgen van de uitspraak. De uitkomsten van het onderzoek verwerken wij in het bestemmingsplan NRU. Om dit met de nodige zorgvuldigheid te kunnen doen, stellen we de besluitvorming over het bestemmingsplan uit. De huidige planning gaat uit van een behandeling van het bestemmingsplan in de raad van 3 oktober 2019. Het is nu nog niet mogelijk om hiervoor een nieuwe datum af te geven. Wij kunnen wel aangeven dat, als gevolg van het uitstel van de vaststelling van het bestemmingsplan, de ingebruikname van de nieuwe NRU met een gelijke periode doorschuift. Zodra er meer duidelijkheid is over de concrete gevolgen voor de planning informeren wij u hierover. Het eerstvolgende moment waarop wij u in ieder geval zullen informeren over de ontwikkelingen in de planning als gevolg van de uitspraak is in de aanbiedingsbrief van de 3e voortgangsrapportage NRU, die wij u in september aanbieden.

5. Kan het college toezeggen er alles aan te doen om onomkeerbare stappen (in het bijzonder de bomenkap) tegen te houden, en de toegezegde financiële middelen te bevriezen, zolang onduidelijkheid bestaat over de gevolgen van de PAS-uitspraak en totdat wij daarover als raad geïnformeerd zijn en gesproken hebben? Zo nee, waarom niet, en hoe beoordeelt het college in dat geval haar keuze om, nu de PAS op zeer losse schroeven staat, het project toch verder uit te voeren zonder dat zij weet of de verbreding kan plaatsvinden binnen de kaders van rechtsgeldige stikstofwetgeving?

Wij gaan niet over tot bomenkap voordat er meer duidelijkheid is over de gevolgen van de PASuitspraak en het bestemmingsplan voor de NRU in de raad is behandeld. Uitgangspunt in de vigerende planning voor de NRU is dat conditionerende werkzaamheden, waaronder het verleggen van kabels en leidingen, worden uitgevoerd vooruitlopend op de werkzaamheden aan NRU door de hoofdaannemer. Hiervoor moeten ook bomen worden geveld. De aanvraag voor een velvergunning wordt in verband met de proceduretijd na de zomer ingediend. Indien de vergunning wordt verleend gebruiken wij deze alleen als aan de bovenste twee voorwaarden is voldaan. Zonder financiële middelen is het niet mogelijk om de uitspraak over het PAS te analyseren, het stikstofvraagstuk nader in kaart te brengen voor de NRU en schriftelijke vragen te beantwoorden. Parallel aan de analyse van de PAS-uitspraak werken we verder aan het Voorontwerp en de voorbereiding van de conditionering, waaronder grondverwerving. Dit doen we om de gevolgen voor de
planning zoveel mogelijk te beperken.

6. Is het college bereid deze uitspraak van de Raad van State ook zelf te onderzoeken en te onderzoeken of een alternatief plan kan worden ontwikkeld voor het project verbreding ringweg NRU dat wel voldoende rekening houdt met het omliggende Natura 2000-gebied, volksgezondheid, groen, milieu en klimaat? Zo nee, waarom niet?

Zoals aangegeven bij antwoord 4 onderzoeken wij op dit moment de uitspraak van de Raad van State. Hierbij gaan wij uit van het plan waarvan de randvoorwaarden door de raad in 2014 zijn vastgesteld, en het Integraal Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp in 2018.

De verbredingen van de ringwegen A27 en NRU dienen hetzelfde doel: het Rijk en de regio willen de capaciteit vergroten voor het toenemende autoverkeer uit heel Nederland. Dit draagt niet bij aan de oplossing van het klimaatprobleem, maar jaagt het klimaatprobleem juist verder aan, met daarbij ook gevolgen voor lucht en natuur in en rondom Utrecht. Dat zei ook het CPB: de emissies van CO2 nemen toe door toenemend autoverkeer. De Partij voor de Dieren begrijpt daarom niet dat het college stuurloos tegenstander is van de verbreding van de A27, maar kapitein van de verbreding van de ringweg bij de NRU – waar wij als gemeenteraad en college wél zelf van af kunnen zien.

7. Waarom is het college net als de Partij voor de Dieren wél tegenstander van de verbreding van de A27, maar pleit zij tegelijk hartstochtelijk voor de verbreding van de ringweg bij de NRU?

Anders dan bij de A27, blijft na de vernieuwing van de NRU het aantal doorgaande rijstroken gelijk. DeNRU houdt 2 doorgaande rijstroken per rijrichting (2x2). Er is dus geen sprake van een verbreding van de NRU, zoals in de vraag wordt gesteld. De NRU maakt onderdeel uit van de ring Utrecht. De NRU heeft enerzijds een belangrijke regionale
functie en anderzijds een belangrijke functie voor de bereikbaarheid van de stad. In 2016 heeft de raad het mobiliteitsplan Slimme Routes, Slim Regelen, Slim Bestemmen (SRSRSB) vastgesteld. Dit plan gaat uit van meer verblijfskwaliteit, betere oversteekbaarheid en betere leefbaarheid en meer ruimte voor de voetganger en fietser en een systeemsprong voor openbaar vervoer. Het autoverkeer naar de stad moet zo lang mogelijk via de ring blijven rijden, om alleen het laatste stukje door de stad te rijden (rijden via de juiste invalsroute). Zo worden zo min mogelijk mensen blootgesteld aan geluid, stank en onveiligheid als gevolg van druk autoverkeer. Een goed functionerende NRU is hiervoor een belangrijke voorwaarde. In SRSRSB is uitgegaan van een vernieuwing van de NRU met drie ongelijkvloerse kruisingen. Naast een betere doorstroming, biedt de vernieuwing van de NRU kansen om de geluidsituatie voor de omgeving en de oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers te verbeteren.

8. Waarom is het college tegenstander van bomenkap bij de A27, maar voorstander van bomenkap bij de ringweg NRU?

Wij zijn van mening dat de verbreding van de A27 bij Amelisweerd niet nodig is, zoals ook is opgenomen in ons coalitieakkoord. De bomenkap bij de A27 is een direct gevolg van het besluit van de minister om de A27 te verbreden. Het vernieuwen van de NRU is helaas niet mogelijk zonder het vellen van bomen. Wij streven ernaar om zo min mogelijk bomen te vellen.

9. Waarom is het college tegenstander van de verbreding van de A27, maar voorstander van de verbreding van de ringweg NRU?

Zie antwoord 7 en 8.

10. Waarom is het college tegenstander van meer interprovinciaal verkeer bij de A27, maar is zij voorstander van een bijna-verdubbeling van het (inter)provinciaal verkeer en fijnstofemissies bij de ringweg NRU?

Graag zien wij dat reizigers waar dat mogelijk is lopen, fietsen of gebruik maken van het openbaar vervoer. Dat is niet voor alle reizigers en alle verplaatsingen mogelijk. We stimuleren dat gemotoriseerd verkeer in en om Utrecht maximaal duurzaam is. Daarnaast willen we dat autoverkeer naar de stad zolang mogelijk via de ring blijft rijden, om alleen het laatste stukje door de stad te rijden. Om dit te bereiken moet de ring een aantrekkelijker alternatief zijn dan een route door de stad. Dat is voor de gemeente Utrecht het doel van het project NRU. Door de vernieuwing trekt de NRU in de toekomstmeer doorgaand verkeer aan. Dat is helaas de keerzijde van het verminderde verkeer in de stad. Ook
voor de overige delen van de ring is het van belang dat deze aantrekkelijker zijn dan een route door destad. Echter, zijn wij van mening dat de gekozen oplossing in het project Ring Utrecht overgedimensioneerd is (zie hiervoor onze zienswijze op het Ontwerp Tracébesluit Ring Utrecht A27/A12). Voor de volledigheid merken wij op dat er geen sprake is van een verdubbeling van de fijnstofemissie. Als gevolg van autonome ontwikkelingen nemen de concentraties fijnstof in de toekomst aanzienlijk af.

11. Waarom is het college tegenstander van meer fijnstof en stikstof bij de A27, maar is zij voorstander van meer fijnstof en stikstof bij de ringweg NRU?

Uiteraard zijn wij geen voorstander van meer fijnstof en stikstof.