Schrif­te­lijke vragen Schone lucht in alle scholen in Utrecht?


Indiendatum: 10 nov. 2020

Schriftelijke vragen 260/2020

Alle schoolgebouwen moeten voldoen aan de bestaande wettelijke normen voor een gezond binnenklimaat. Minister Slob heeft het Landelijke Coördinatieteam Ventilatie op Scholen gevraagd scholen hierbij te helpen en in kaart te brengen in hoeverre scholen voldoen aan de bestaande eisen.

Ventilatie in het schoolgebouw is primair de verantwoordelijkheid van schoolbesturen en/of gemeenten, afhankelijk van wie juridisch eigenaar is van het gebouw. Op 1 oktober jl. is bekend geworden dat het kabinet 360 miljoen euro beschikbaar stelt voor technische aanpassingen, waarvan het eerste deel dit jaar al benut kan worden. Scholen kunnen direct starten met het nemen van maatregelen om acute problemen op te lossen.

In de raadsbrief van 7 oktober jongstleden stelt het college dat zij gebruik wil maken van de financiële middelen die het Rijk beschikbaar stelt. Daarom hebben de fracties van de ChristenUnie, Partij voor de Dieren, D66, SP, VVD, PvdA, GroenLinks, S&S, DENK, CDA en SBU de volgende vragen:

1. Hoe staat het met het plan van aanpak dat gemeente samen met schoolbesturen maakt ter verbetering van de ventilatie?

2. We vernamen dat, om in aanmerking te komen voor financiering, er sprake zal moeten zijn van cofinanciering tussen gemeente en schoolbesturen. Klopt dit? En zo ja, wat zijn daarover de concrete afspraken?

De gemeente werkt al sinds 2010 aan het verbeteren van het binnenklimaat in bestaande schoolgebouwen. De norm hierbij is ‘Frisse scholen klasse B’ uit het Programma van Eisen Frisse scholen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. In de raadsbrief staat dat een aantal bestaande schoolgebouwen al geprogrammeerd staat om uitgevoerd te worden. Voor twaalf scholen geldt dat met de schoolbesturen nog een plan van aanpak ontwikkeld wordt, zodat ook hier stappen gezet worden om het binnenklimaat (in brede zin) te verbeteren.

3. Welke scholen staan nu geprogrammeerd?

4. Voor welke twaalf scholen ontwikkelt de gemeente met schoolbesturen een plan van aanpak? En hoe lang gaat dat proces duren?

5. Kan het college bevestigen dat alle andere scholen wel voldoen aan de norm ‘Frisse scholen klasse B’?

Door ontwikkelingen in de omgeving, of omdat een ventilatiesysteem niet goed onderhouden wordt, kan het voorkomen dat scholen al snel niet meer voldoen aan de norm Frisse scholen klasse B.

6. Welke rol spelen gemeente en schoolbesturen om zorg te dragen voor een binnenklimaat dat continue aan de norm blijft voldoen? Met andere woorden: wat is de verdeling in verantwoordelijkheid en hoe wordt de samenwerking tussen gemeente en schoolbesturen ingevuld?

Het uitgangspunt van de gemeente is: ieder kind verdient een gezond schoolgebouw om goed onderwijs te kunnen volgen.

7. Is het college het met de fracties eens dat alle kinderen en docenten recht hebben op dezelfde luchtkwaliteit conform het huidige vigerende bouwbesluit (waarbij het verschil in de leeftijd van gebouwen eigenlijk geen rol zou mogen spelen)?

8. Welke scholen voldoen aan het vigerende bouwbesluit en welke niet?

9. Kan het college per school laten zien aan welk bouwbesluit het voldoet en wat de verschillen in luchtkwaliteit zijn onder de verschillende bouwbesluiten?

10. Als we als gemeente in de nabije toekomst zouden willen gaan ingrijpen met het vigerende bouwbesluit als uitgangspunt, wat zou dan de prioritering moeten zijn en waarom?

11. En wat zou dan een logische investeringsverdeling tussen gemeente en schoolbesturen zijn? Met andere woorden: wat is een redelijke bijdrage van schoolbesturen en waarom?

Rachel Streefland, CU
Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren
Mohammed Saiah, D66
Ruurt Wiegant, SP
Tess Meerdink, VVD
Hester Assen, PvdA
Julia Kleinrensink, GL
Jeffrey Koppelaar, S&S
Ismail El Abassi, DENK
Sander van Waveren, CDA
Kenneth de Boer, SBU

Indiendatum: 10 nov. 2020
Antwoorddatum: 8 dec. 2020

Schriftelijke vragen 260/2020

Alle schoolgebouwen moeten voldoen aan de bestaande wettelijke normen voor een gezond binnenklimaat. Minister Slob heeft het Landelijke Coördinatieteam Ventilatie op Scholen gevraagd scholen hierbij te helpen en in kaart te brengen in hoeverre scholen voldoen aan de bestaande eisen.

Ventilatie in het schoolgebouw is primair de verantwoordelijkheid van schoolbesturen en/of gemeenten, afhankelijk van wie juridisch eigenaar is van het gebouw. Op 1 oktober jl. is bekend geworden dat het kabinet 360 miljoen euro beschikbaar stelt voor technische aanpassingen, waarvan het eerste deel dit jaar al benut kan worden. Scholen kunnen direct starten met het nemen van maatregelen om acute problemen op te lossen.

In de raadsbrief van 7 oktober jongstleden stelt het college dat zij gebruik wil maken van de financiële middelen die het Rijk beschikbaar stelt. Daarom hebben de fracties van de ChristenUnie, Partij voor de Dieren, D66, SP, VVD, PvdA, GroenLinks, S&S, DENK, CDA en SBU de volgende vragen:

1. Hoe staat het met het plan van aanpak dat gemeente samen met schoolbesturen maakt ter verbetering van de ventilatie?

Uw raad heeft op 7 oktober de raadsbrief over binnenklimaat van scholen ontvangen en op 29 oktober zijn er mondelingen vragen beantwoord. Daarnaast is er in de coronabrieven hier aandacht aan besteed. Op dit moment wordt samen met de schoolbesturen in Utrecht gewerkt aan het opstellen van een plan
van aanpak. Wij verwachten dat we het plan van aanpak begin 2021 gereed hebben. Onderdeel van het plan van aanpak is de implementatie van de quick wins waaraan nu al uitvoering wordt gegeven (kleine bouwkundige aanpassingen; hybride onderwijs; korter les zodat er langer geventileerd kan
worden, maar ook het extra blijven ventileren door middel van het open van ramen en deuren. Het ventileren door middel van het openen van ramen zal in deze winterperiode per pand en per gebruiker variëren. De afgelopen weken is door de schoolbesturen en gemeente hier hard aan gewerkt. Alle onderzoeken van de schoolgebouwen in gemeentelijke eigendom zijn uitgevoerd en de rapportages voor de meeste scholen zijn beschikbaar. Op basis hiervan worden gericht acties genomen. Daarnaast worden de CO2 meters in overleg met de scholen geplaatst. Onze gezamenlijke prioriteit ligt bij de uitvoering van de quick wins om de komende winter het hoofd te kunnen bieden, zodat alle
schoolgebouwen inzetbaar blijven voor het onderwijs.

Het plan van aanpak bestaat daarnaast uit het in kaart brengen van de structurele oplossingen op
pandniveau. Ook hier wordt hard aan gewerkt, en zal uitgevoerd worden binnen de huidige planning en programmering van het MPOHV. In de bespreking in de commissie van de Programmabegroting is aangegeven dat versnellen van de projecten in het MPOHV niet mogelijk is, omdat de huidige programmering nu al de maximale capaciteit vraagt van zowel schoolbesturen als gemeente. Voor
iedereen is het op dit moment helder dat de uitvoering van de structurele maatregelen de komende jaren tijd en inzet zullen vragen van de schoolbesturen en gemeente.

Voor de financiering van het plan van aanpak anticiperen we op de Rijkssubsidie van in totaal 360 miljoen euro. De voorwaarden van deze Rijkssubsidie voor het verbeteren van de ventilatie is onlangs gepubliceerd waardoor we samen met de schoolbesturen inzichtelijk hebben wat de financiële
mogelijkheden zijn en onder welke voorwaarde toekenning mogelijk is. Uiteraard monitoren we de ontwikkelingen rond het coronavirus en het effect dat dat heeft op de schoolgebouwen.

2. We vernamen dat, om in aanmerking te komen voor financiering, er sprake zal moeten zijn van cofinanciering tussen gemeente en schoolbesturen. Klopt dit? En zo ja, wat zijn daarover de concrete afspraken?

Vanuit het ministerie zijn nog niet alle criteria gedeeld voor de Rijkssubsidie. Wel is bekend dat er inderdaad sprake zal zijn van cofinanciering, de exacte voorwaarden zijn echter onbekend.

De gemeente werkt al sinds 2010 aan het verbeteren van het binnenklimaat in bestaande schoolgebouwen. De norm hierbij is ‘Frisse scholen klasse B’ uit het Programma van Eisen Frisse scholen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. In de raadsbrief staat dat een aantal bestaande schoolgebouwen al geprogrammeerd staat om uitgevoerd te worden. Voor twaalf scholen geldt dat met de schoolbesturen nog een plan van aanpak ontwikkeld wordt, zodat ook hier stappen gezet worden om het binnenklimaat (in brede zin) te verbeteren.

3. Welke scholen staan nu geprogrammeerd?

Alle 47 schoolgebouwen zoals gemeld in de raadsbrief van 7 oktober over binnenklimaat, waarvan 15 tijdelijk gehuisveste scholen worden meegenomen in het plan van aanpak en staan daarmee geprogrammeerd.

4. Voor welke twaalf scholen ontwikkelt de gemeente met schoolbesturen een plan van aanpak? En hoe lang gaat dat proces duren?

De 12 schoolgebouwen zijn onderdeel van de 47 die meegenomen worden in het plan van aanpak. De uitvoering van de quicks wins voor de eigendomspanden als ook de scholen in eigendom van de schoolbesturen worden nu al aangepakt. De uitvoering van de structurele maatregelen gaat, zoals ook in antwoord 1 is aangegeven, meerdere jaren duren.

5. Kan het college bevestigen dat alle andere scholen wel voldoen aan de norm ‘Frisse scholen klasse B’?

De onderwijshuisvestingsprojecten die voor bestaande schoolgebouwen sinds 2010 zijn uitgevoerd voldoen aan het Programma van Eisen gemeente Utrecht klasse B voor de onderdelen ventilatie. Bevestiging dat alle panden voldoen kan echter niet worden gesteld aangezien, aangezien de controle erop en het gebruik ervan bij de school ligt.

Door ontwikkelingen in de omgeving, of omdat een ventilatiesysteem niet goed onderhouden wordt, kan het voorkomen dat scholen al snel niet meer voldoen aan de norm Frisse scholen klasse B.

6. Welke rol spelen gemeente en schoolbesturen om zorg te dragen voor een binnenklimaat dat continue aan de norm blijft voldoen? Met andere woorden: wat is de verdeling in verantwoordelijkheid en hoe wordt de samenwerking tussen gemeente en schoolbesturen ingevuld?

Zowel gemeente en schoolbesturen hebben daarin een eigen verantwoordelijkheid. De gemeente voor de schoolgebouwen in haar eigendom en beheer en de schoolbesturen voor de schoolgebouwen in hun eigendom. Omdat we hierover in gesprek zijn met de scholen, worden de technische
ervaringen met elkaar gedeeld. Verantwoordelijkheid over het gebruik van schoolgebouwen blijft altijd de verantwoordelijkheid van de gebruiker.

Het uitgangspunt van de gemeente is: ieder kind verdient een gezond schoolgebouw om goed onderwijs te kunnen volgen.

7. Is het college het met de fracties eens dat alle kinderen en docenten recht hebben op dezelfde luchtkwaliteit conform het huidige vigerende bouwbesluit (waarbij het verschil in de leeftijd van gebouwen eigenlijk geen rol zou mogen spelen)?

Ja. Om deze reden zet de gemeente Utrecht sinds 2010 samen met de schoolbesturen in op het verbeteren van het binnenklimaat in bestaande schoolgebouwen.

8. Welke scholen voldoen aan het vigerende bouwbesluit en welke niet?

In de raadsbrief van 7 oktober is hiervan een uiteenzetting gegeven. Daarnaast is het zo dat het bouwbesluit 2012 bestaat uit 2 componenten, nieuwbouw en bestaande bouw. Het gewenste maatschappelijk kader zijn de nieuwbouweisen, maar niet alle gebouwen kunnen daaraan voldoen. Ze voldoen dan wel aan het bouwbesluit 2012 bestaande bouw (rechtens verkregen niveau).

9. Kan het college per school laten zien aan welk bouwbesluit het voldoet en wat de verschillen in luchtkwaliteit zijn onder de verschillende bouwbesluiten?

Nee. Een groot gedeelte is eigendom van de schoolbesturen en daarvan zijn geen gegevens beschikbaar. Op basis van deskresearch is de inventarisatie opgesteld en inzichtelijk gemaakt welke scholen wij verwachten dat ze voldoen en van welke niet.

10. Als we als gemeente in de nabije toekomst zouden willen gaan ingrijpen met het vigerende bouwbesluit als uitgangspunt, wat zou dan de prioritering moeten zijn en waarom?

Voor de Quick-wins hebben we in overleg met de schoolbesturen een prioritering gemaakt van scholen die we als eerst moeten aanpakken. Hierbij hebben we type ventilatie en gebruik (voortgezet onderwijs of primair onderwijs) in de prioritering meegenomen.

11. En wat zou dan een logische investeringsverdeling tussen gemeente en schoolbesturen zijn? Met andere woorden: wat is een redelijke bijdrage van schoolbesturen en waarom?

Dit is afhankelijk van de benodigde maatregelen op pandniveau. De doelstellingen voor het verbeteren van het binnenklimaat zijn niet één op één te vergelijken met de wettelijke eisen en wensen die worden gesteld aan de ventilatie rondom corona. Het is dan ook pand afhankelijk wat de juiste
maatregelen zijn en welke kostenverdeling daarbij hoort.


Rachel Streefland, CU
Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren
Mohammed Saiah, D66
Ruurt Wiegant, SP
Tess Meerdink, VVD
Hester Assen, PvdA
Julia Kleinrensink, GL
Jeffrey Koppelaar, S&S
Ismail El Abassi, DENK
Sander van Waveren, CDA
Kenneth de Boer, SBU