Schrif­te­lijke vragen Steriele Utrechtse bomen?


Indiendatum: 15 aug. 2017

Schriftelijke vragen 87/2017

Partij voor de Dieren Utrecht vernam enige tijd geleden dat in de gemeente Den Haag steriele cultivars (cultivated varieties, geteelde variëteiten) van bomen en struiken geplant zijn die geen stuifmeel en nectar produceren en daarmee geen ecologische waarde hebben voor vlinders, bijen, zweefvliegen en andere bestuivers.[1] Ook in andere gemeenten staan steriele bomen die nauwelijks ecologische waarde hebben.

We zijn nu wel erg nieuwsgierig geworden naar de Utrechtse situatie. Utrecht heeft per inwoner weinig groen en daarom is het belangrijk dat de kwaliteit van de bomen en het groen zo goed mogelijk is. Dit betekent zoveel mogelijk grote bomen en zoveel mogelijk ecologisch waardevolle bomen en groen. In het gemeentelijk bomenbeleid staat dat een divers bomenbeleid van bij voorkeur inheemse soorten de voorkeur heeft vanwege de waarde hiervan voor de biodiversiteit, maar onduidelijk blijft in hoeverre ecologische waarde daadwerkelijk doorslaggevend is bij de soortkeuze bij nieuwe aanplant.

We hebben over het bovenstaande de onderstaande vragen:

1. Hoeveel inheemse bomen zijn er in Utrecht geplant tussen 2010 en 2017? Graag een specificatie naar aantallen per soort/per cultivar.

2. Hoeveel bomen zijn geplant die nectar en stuifmeel produceren? Graag een specificatie naar aantallen nectarlevende bomen per soort/per cultivar.[2]

3. Hoeveel bomen zijn geplant die voor vogels eetbare bessen, noten of zaden produceren? Graag een specificatie naar aantallen per soort/cultivar.

4. Hoeveel bomen zijn er in totaal geplant? Graag een specificatie naar aantallen per soort/cultivar.

5. Kan het college uitleggen waarom het zou kiezen voor steriele bomen in Utrecht?

6. Kan het college uitleggen hoe de keuze aangaande welke plantensoort en –cultivar wordt aangeplant in de groenvoorzieningen tot stand komt? Op basis van welke criteria wordt deze keuze gemaakt?

7. Kan het college deze keuze maken, sturen of beïnvloeden? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?

8. Is het college bereid vast te leggen dat in de Utrechtse groenvoorzieningen voortaan bij nieuwe of vervangende beplanting in alle gevallen wordt gekozen voor plantensoorten die op hun bestemming ecologisch waardevol zijn voor bestuivende insecten? Zo nee, waarom niet?

9. Is het college bereid vast te leggen dat in de Utrechtse groenvoorzieningen voortaan bij nieuwe of vervangende beplanting in alle gevallen wordt gekozen voor inheemse wildtypes van plantensoorten in plaats van cultivars? Zo nee, waarom niet?

Eva van Esch, Partij voor de Dieren

[1] Zie https://denhaag.partijvoordedieren.nl/vragen/schriftelijke-vragen-over-steriele-plantsoenen

[2] De soorten zilverlindes die wél zoet ruiken, maar geen nectar produceren zijn geen nectarleverende boom. Hommels en bijen blijven denken dat er nectar te halen valt en blijven zoeken in de boom, tot ze doodgehongerd op de grond eronder vallen. Een voorbeeld hiervan is vaak te zien op de De Lessepsstraat in Zuilen, waar ieder jaar tientallen dode hommels en bijen op de grond liggen onder de bomen.

Indiendatum: 15 aug. 2017
Antwoorddatum: 12 sep. 2017

Schriftelijke vragen 87/2017

Partij voor de Dieren Utrecht vernam enige tijd geleden dat in de gemeente Den Haag steriele cultivars (cultivated varieties, geteelde variëteiten) van bomen en struiken geplant zijn die geen stuifmeel en nectar produceren en daarmee geen ecologische waarde hebben voor vlinders, bijen, zweefvliegen en andere bestuivers.[1] Ook in andere gemeenten staan steriele bomen die nauwelijks ecologische waarde hebben.

We zijn nu wel erg nieuwsgierig geworden naar de Utrechtse situatie. Utrecht heeft per inwoner weinig groen en daarom is het belangrijk dat de kwaliteit van de bomen en het groen zo goed mogelijk is. Dit betekent zoveel mogelijk grote bomen en zoveel mogelijk ecologisch waardevolle bomen en groen. In het gemeentelijk bomenbeleid staat dat een divers bomenbeleid van bij voorkeur inheemse soorten de voorkeur heeft vanwege de waarde hiervan voor de biodiversiteit, maar onduidelijk blijft in hoeverre ecologische waarde daadwerkelijk doorslaggevend is bij de soortkeuze bij nieuwe aanplant.

We hebben over het bovenstaande de onderstaande vragen:

1. Hoeveel inheemse bomen zijn er in Utrecht geplant tussen 2010 en 2017? Graag een specificatie naar aantallen per soort/per cultivar.

6.053 bomen. In de bijlage zijn de aantallen per soort opgenomen. De bomen zijn als inheems aangemerkt als ze als inheems benoemd zijn in het Stadsbomen Vademecum deel 4. Ook de cultivars en kruisingen van deze inheemse soorten zijn aangemerkt als inheems.

2. Hoeveel bomen zijn geplant die nectar en stuifmeel produceren? Graag een specificatie naar aantallen nectarlevende bomen per soort/per cultivar.[2]

7.692 bomen. In de bijlage zijn de aantallen per soort opgenomen. De bomen zijn als nectar en stuifmeel producerend aangemerkt als ze als drachtplant voor stuifmeel en nectar benoemd zijn in het Stadsbomen Vademecum deel 4.

3. Hoeveel bomen zijn geplant die voor vogels eetbare bessen, noten of zaden produceren? Graag een specificatie naar aantallen per soort/cultivar.

5.761 bomen. In de bijlage zijn de aantallen per soort opgenomen. De bomen zijn als voedselboom voor vogels aangemerkt als ze als waardplant/voedselboom voor vogels benoemd zijn in de bomenzoektool TreeEbb.

4. Hoeveel bomen zijn er in totaal geplant? Graag een specificatie naar aantallen per soort/cultivar.

15.470 bomen. In de bijlage zijn de aantallen per soort opgenomen.

5. Kan het college uitleggen waarom het zou kiezen voor steriele bomen in Utrecht?

Soms planten we steriele bomen aan om geen schade te laten ontstaan aan auto’s en voor veiligheid i.v.m. uitglijden op voetpaden. Dit geldt alleen voor woonstraten. In parken en plantsoenen planten we de vruchtdragende soorten aan. Bijvoorbeeld de tamme kastanjes in het Prinses Amaliapark.

6. Kan het college uitleggen hoe de keuze aangaande welke plantensoort en –cultivar wordt aangeplant in de groenvoorzieningen tot stand komt? Op basis van welke criteria wordt deze keuze gemaakt?

In onze brief over ‘scenario’s bij bomen’ van 2 mei 2017 (kenmerk 4297497/170426-RH) hebben wij aangegeven langs welke lijnen bij bomen belangen worden afgewogen en hoe daarbij uw raad en bewoners worden betrokken. Bij de aanplant van bomen in de openbare ruimte wordt bij de plantenkeuze door professionals (landschapsarchitecten, beheerders, stadsingenieurs) rekening gehouden met wensen van bewoners, wijk, locatie, sociale veiligheid, natuurwaarde en bodemgesteldheid.

7. Kan het college deze keuze maken, sturen of beïnvloeden? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?

In het bomenbeleid (2009) is vastgesteld meer diversiteit toe te passen en in de actualisatie Groenstructuurplan (2017) staat belang van de ontwikkeling van natuurwaarden ook opgenomen. Daarmee wordt in de beplantingsplannen rekening mee gehouden.

8. Is het college bereid vast te leggen dat in de Utrechtse groenvoorzieningen voortaan bij nieuwe of vervangende beplanting in alle gevallen wordt gekozen voor plantensoorten die op hun bestemming ecologisch waardevol zijn voor bestuivende insecten? Zo nee, waarom niet?

Neen, niet als een algemene regel. De soortkeuze is van meer factoren afhankelijk (zie beantwoording vraag 6).

9. Is het college bereid vast te leggen dat in de Utrechtse groenvoorzieningen voortaan bij nieuwe of vervangende beplanting in alle gevallen wordt gekozen voor inheemse wildtypes van plantensoorten in plaats van cultivars? Zo nee, waarom niet?

Neen, niet als algemene regel. De soortkeuze is van meer factoren afhankelijk (zie beantwoording vraag 6).

Eva van Esch, Partij voor de Dieren

[1] Zie https://denhaag.partijvoordedieren.nl/vragen/schriftelijke-vragen-over-steriele-plantsoenen

[2] De soorten zilverlindes die wél zoet ruiken, maar geen nectar produceren zijn geen nectarleverende boom. Hommels en bijen blijven denken dat er nectar te halen valt en blijven zoeken in de boom, tot ze doodgehongerd op de grond eronder vallen. Een voorbeeld hiervan is vaak te zien op de De Lessepsstraat in Zuilen, waar ieder jaar tientallen dode hommels en bijen op de grond liggen onder de bomen.