Commis­sie­bij­drage Financien Program­ma­be­groting 2022


26 oktober 2021

Dit is de vierde en laatste begroting van dit college. De begroting is stabiel, en goed dat de gemeente Utrecht ook door corona en andere externe factoren niet in een financiële crisis verkeert. De begroting kent weinig verrassingen, en het is ook geen verrassing dat het niet onze begroting zou zijn. Complimenten alvast aan de fracties die een eigen tegenbegroting maken, laten we het erop houden dat dit een van onze toekomstambities is.

Bij de begroting horen geen Algemene Beschouwingen. Toch vier meer analytische punten van onze kant:

1. Zoals we ook al bij de Voorjaarsnota zeiden: de begroting stelt wel heel erg de mens centraal. Want er wordt veel geïnvesteerd in bestaanszekerheid, armoedebestrijding en het overeind houden van organisaties. Dat is ook logisch, maar tegelijk, er zijn ook andere crises.

2. Er is bijvoorbeeld de klimaatcrisis, en we zien dat het budget voor het programma duurzaamheid niet groeit. En ook dat er gelaten wordt gezegd dat sommige investeringen niet zijn gedaan vanwege vertraging door corona. Ook wordt er naar het Rijk gekeken voor financiering. Dit is voor ons te afwachtend.

3. Dat het niet onze begroting is, blijkt ook uit de Ten Geleide waar als onder meer pluspunten worden genoemd: het pakken van een terras en de toename van het aantal bezoekers. Zijn dit nu echt de belangrijkste punten waar het in onze begroting om draait?

4. Een deel van de financiële deugdelijkheid van de begroting komt door de groei van de stad. Utrecht heeft een grotere groei dan andere gemeenten en daardoor komt er meer geld in het laatje, maar ontstaan ook nieuwe problemen. Er ontstaat een vicieuze cirkel van meer inwoners, meer bedrijven, meer werk, meer woningnood, meer behoefte aan recreatie, en daardoor meer problemen voor dieren, natuur en klimaat.

Laat ik ook aansluiten bij andere fracties:

- Het aanpassen van de tarieven afvalstoffenheffing en rioolgebruik op grootte van huishoudens, en wel naar vier groepen lijkt ons prima, zoals D66 al opperde.
- Net als de VVD zijn ook wij benieuwd naar toegekomen kosten van gemeentelijk gasgebruik, ook omdat de strekking van onze motie 114/2017 genegeerd is, namelijk: investeren in groen gas.
- Het gebruiken van de financiële reserves in het programma Duurzaamheid in plaats van gelden te blijven oppotten, zoals Student & Starter net opperde in een interruptie, is een goed idee.

Klimaat en biodiversiteit
Dan, het college heeft flink geïnvesteerd in het sociaal opvangen van de klappen van corona. Maar nu is het écht tijd om extra te investeren in klimaat en biodiversiteit. En dat kan ook. De incidentele meevaller vanwege de BUIG-gelden (bijna 15 miljoen, mogelijk meer) wordt toegevoegd aan de algemene reserve om ze bij de volgende Voorjaarsnota te verdelen. Er is ook geld vrijgekomen in de meicirculaire (3,2 miljoen) en het college stelt voor dit te gebruiken voor het weerstandsvermogen. Ons idee: zet dit ook in voor klimaat en biodiversiteit. Erkent de wethouder dat we ook eigen geld hiervoor moeten inzetten? De wethouder kennende, gaat zij nu niets inhoudelijks toezeggen, maar wil zij klimaat en biodiversiteit zwaarwegend meenemen bij de afweging bij de Voorjaarsnota?

Groene leges
Vorig jaar vroegen we als Partij voor de Dieren om het introduceren van groene leges. De wethouder zegde toe te onderzoeken in hoeverre het mogelijk zou zijn gedifferentieerde tarieven in te voeren op basis van duurzaamheidcriteria. Dat onderzoek hebben we binnen en is uitvoerig – dank daarvoor. De wethouder gaf al een winstwaarschuwing, en we snappen dat het lastig is om iets als paspoorten te vergroenen. Maar toch zien we twee onbenutte kansen. Ten eerste standplaatsen, waar een verduurzaming vanaf 2024 mogelijk is, maar deze kans wordt niet gepakt. Daarom de vraag: kan de wethouder toezeggen om daadwerkelijk deze duurzaamheidscriteria vanaf 2024 op te nemen? Ten tweede evenementen. Maar zoals dit college al het beleid aangaande evenementen voor zich uit schuift, worden ook de groene leges aangaande evenementen vooruitgeschoven. Om gek van te worden. Is de wethouder het met ons eens dat dit een gemiste kans is?

Dat het uitgangspunt van kostendekkendheid van leges bij evenementen en horeca niet geldt, vinden wij eveneens onbegrijpelijk. Hier komen we in de commissies op terug. Dan havengelden. Het college wil deze niet verhogen noch vergroenen, omdat anders verkeer over de weg gaat plaatsvinden. Boten, met name de grote, zijn erg vies. Scheepsbrandstof mag bijvoorbeeld veel meer zwavel uitstoten dan wegverkeer. De Voorjaarsnota 2022 komt met een voorstel naar de raad voor “toekomstbestendige en eerlijke tarieven voor boten in Utrecht”. Kan de wethouder toezeggen om toekomstbestendig en eerlijk te kijken naar gedifferentieerde tarieven, zoals we dat ook hebben bij liggeld?

Groei van de stad
Onze begroting steunt op de groei. En in 2022 en 2023 wordt er iets meer dan een half miljoen uitgeven aan een ‘lobby- en mediastrategie’ ten aanzien van de schaalsprong van de stad. Mijn fractie is niet enthousiast over deze investering. Hiermee wordt de groei van de stad alleen maar erger en alle bijkomende problemen alleen maar groter. Tegelijkertijd: in het afgelopen jaar is het college een paar grote rijkssubsidies misgelopen (onder meer het groeifonds). Dat waren subsidies die hadden kunnen helpen om de negatieve gevolgen enigszins op te vangen. Echter: “mogelijke financieringskansen” is wel erg vaag om zomaar een half miljoen voor uit te trekken. Kan het college daarom toezeggen om te rapporteren over bij welke kansen dit budget is ingezet en wat de opbrengsten daarvan waren?

Kippen Julianapark
Bij de Voorjaarsnota maakten we ons met de PvdA druk over extra geld voor het oplossen van het kippenprobleem in het Julianapark. Een dekkingsvoorstel onzerzijds werd terzijde geschoven, en het college deed zelf geen suggestie. Einde verhaal, vreesden wij. Oh nee, toch niet. Midden in de zomer, toen de raad met reces was, was er opeens een doorbraak en werden veel kippen eindelijk wél verhuisd naar een diervriendelijk opvang. Vooropgesteld: de PvdD is natuurlijk blij dat het college er toch voor gekozen heeft de kippen naar een betere leefomgeving te brengen, maar: tot aan vandaag is onduidelijk waar dit van betaald is. Een klein voorbeeld, maar het past in een financieel patroon van plannen die de oppositie indient, het college niet steunt vanwege een zogenaamd slechte dekking, en waarna er toch een oplossing komt. Mijn vraag aan de wethouder is dan ook: hoe kunnen we dit soort situaties voortaan beter oplossen? In de commissie Dierenwelzijn komen we trouwens inhoudelijk terug op de kippen in het Julianapark.