Partij voor de Dieren en college delen zorgen om mili­eu­ef­fecten kunstgras voet­bal­velden


24 maart 2016

De Utrechtse fractie van de Partij voor de Dieren maakt zich zorgen over de milieueffecten van kunstgras voetbalvelden en stelde daarom vragen hierover aan het college. Kunstgras voetbalvelden worden bedekt met een strooisel van kunststof korreltjes, om ervoor te zorgen dat spelers beter over het veld kunnen glijden. Deze korreltjes blijven echter niet op het voetbalveld liggen maar verhuizen via voetbalkleding en schoenen naar de omgeving. Hierdoor verdwijnt in Nederland jaarlijks één miljoen kilo plastic korreltjes in het milieu. Voetbalvelden zijn een bron van microplastics door de slijtage van het kunstgras en via het rubbergranulaat (de korreltjes) dat aan het veld wordt toegevoegd.

Utrecht heeft op dit moment 47 kunstgras voetbalvelden. In deze velden verdwijnt jaarlijks 4240 kilo plastic in de vorm van nieuwe instrooikorrels. Enkele velden worden ingestrooid met versnipperde autobanden, gemiddeld 180 kilo per jaar. Voor 10 Utrechtse voetbalvelden geeft het college geen antwoord op de vraag wat voor korrels gebruikt worden. Het gebruik van versnipperde autobanden gaat in de komende jaren afgebouwd worden. Raadslid Eva van Esch: “Dat is een goede ontwikkeling, want het college geeft wel aan dat autobanden niet gevaarlijk zijn voor de volksgezondheid, maar er is alleen het directe gevolg voor voetballers onderzocht en niet het gevaar op de lange termijn en effecten voor het milieu.”

Het jaarlijks opnieuw instrooien van de velden is noodzakelijk omdat korrels in de omgeving verdwijnen en kunnen inklinken. In haar beantwoording geeft het college aan de zorgen van de Partij voor de Dieren te delen over het deel van de korrels dat bij harde wind of regen in het milieu terechtkomt of via kleding en wasmachine in het riool verdwijnt. Om het verdwijnen van de instrooikorrels in het milieu te voorkomen hebben alle velden in Utrecht schoonlooproosters of matten waar een groot deel van de korrels dat via de schoenen wordt meegenomen wordt opgevangen. Ook zijn overal verharde paden rondom de velden aangelegd zodat de plastic korrels eenvoudig kunnen worden opgeveegd en bij het afval gedaan. Van Esch: “Het is mooi dat er zoveel maatregelen getroffen worden om verspreiding van de plastic korrels tegen te gaan. Toch blijft het zorgwekkend dat er alleen in Utrecht al jaarlijks meer dan 4000 kilo plastic in de voetbalvelden verdwijnt. Dat is gigantisch veel en juist microplastics zijn zo klein dat het moeilijk is ze op te vangen en verspreiding in de omgeving te voorkomen.”

Het college geeft zelf aan de alternatieven voor korrels van geproduceerd kunststof en van versnipperde autobanden nauwlettend in de gaten te houden en “zodra er een volwaardig alternatief is deze methode direct te zullen gaan toepassen”. Van Esch: “Dat antwoord geeft aan dat ze zelf ook niet gelukkig zijn met de enorme hoeveelheden plastics die in de kunstgrasvelden gebruikt worden.”

Alternatieven voor de plastics in voetbalvelden zijn bijvoorbeeld velden die op een speciale manier geweven zijn zodat korrels niet meer nodig zijn, of het gebruik van korrels van natuurlijk materiaal.

Van Esch: “Wij hopen op snelle ontwikkelingen zodat het gebruik van plastic in voetbalvelden zo snel mogelijk stopt. Want ook het gebruik van geproduceerde kunststof korrels zijn een twijfelachtig alternatief voor autobanden. De ontwikkelingen op het gebied van natuurgras staan overigens ook niet stil, dus helemaal mooi zou zijn als de velden op termijn weer vervangen worden door natuurgras voetbalvelden.”

De schriftelijke vragen van de PvdD en de antwoorden van het college zijn hier te lezen:

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief