PvdD stelt veront­rei­niging Neder­eindse Plas aan de kaak


1 mei 2015

Partij voor de Dieren Utrecht stelde vandaag schriftelijke vragen over de ernstige verontreiniging in de Nedereindse Plas in Utrecht. Dit deed de PvdD naar aanleiding van diverse reportages van RTV Utrecht verslaggever Marc van Rossum du Chattel. Hij probeert al jaren de waarheid boven tafel te krijgen wat betreft deze verontreiniging. Onlangs ontdekte hij dat er stortafval naar boven komt buiten de door de gemeente aangewezen saneringsplaats. Raadslid Eva van Esch: “De sanering van de gehele Nedereindse Plas had veel eerder moeten plaatsvinden en moet gebeuren zonder cruciale locaties over te slaan. De verontreiniging in deze plas vormt een gevaar voor mens, dier en milieu.”

De Nedereindse Plas is sinds de jaren zestig gebruikt als open stortfront voor zeer verontreinigd en gevaarlijk afval. Er zouden onder meer bacterieel besmet en radioactief ziekenhuisafval, vaten met zware chemicaliën en asbestplaten gestort zijn. Ook is er in de afgelopen decennia door de provincie toestemming verleend voor het storten van chemische ‘laspasta’. In 1972 ontstond massale vissterfte en er kwamen klachten over stankoverlast van omwonenden en recreanten. Sinds 1996 geldt er een zwemverbod en kennisinstituut Deltares, gespecialiseerd in water- en bodemonderzoek, maakte in 2012 bekend dat de Nedereindse Plas zwaar verontreinigd is en een ernstige bedreiging vormt voor mens en dier. Er zijn onder andere hoge concentraties van het zeer giftige Barium aangetroffen in het water. Uit rapporten van Koninklijke Haskoning uit 1994 blijkt tevens dat het gaat om zeer gevaarlijk chemisch afval.

Saneringswerkzaamheden liggen al jarenlang stil. De sanering had in 2010 afgerond moeten zijn, maar is nu al vijf jaar vertraagd. Omdat de betreffende wethouder aanvankelijk aangaf niet inhoudelijk te willen reageren en vervolgens voor de camera zei niets te weten over onder andere het bacterieel besmet en radioactief ziekenhuisafval, vond de Partij voor de Dieren het hoog tijd om ook vanuit de politieke hoek kritische vragen te stellen aan het college van B&W. Mede omdat het college geen aanleiding ziet om het gebied met spoed te saneren en daarbij ook het gedeelte mee te nemen waar onlangs afval aangetroffen is door RTV Utrecht.

Van Esch: “Deze zeer giftige verontreinigingen moeten al jaren bekend zijn bij de gemeente. De Nedereindse plas werd zelfs door omwonenden ‘De Put van Weber’ genoemd. Saneringen zijn al een aantal malen mislukt en het gebied dat gesaneerd wordt blijkt nu niet het gehele verontreinigde gebied te dekken. De gemeente Utrecht heeft de verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor een veilig en schoon leefklimaat voor al haar inwoners.” De Partij voor de Dieren is van mening dat de gehele Nedereindse Plas, inclusief verontreinigde oevers en nabijgelegen stortheuvels, zo snel mogelijk gesaneerd moeten worden.

De schriftelijke vragen vindt u hier.