Schrif­te­lijke vragen Amfi­bie­vrien­de­lijke kolken


Indiendatum: 9 jan. 2023

Schriftelijke vragen 2, 9 januari 2023

Op 6 december kregen we de raadsbrief Amfibievriendelijke kolken, waarin het college toegeeft dat zij het aantal amfibieën dat in straatkolken terechtkomt en sterft heeft onderschat: het blijken er veel meer te zijn dan het college vermoedde. De Partij voor de Dieren is geschokt over dit hoge aantal, maar is tegelijkertijd blij dat het college bereid is maatregelen te nemen, aangezien mensen die (bijna) dagelijks amfibieën uit kolken en putten redden aangeven dat het gaat om een enorm ecologisch en dierenwelzijnsprobleem. In de brief zegt het college dat zij in 2023 uitgebreid gaat onderzoeken op welke locaties er (nog meer) amfibieën in kolken vallen, en dat zij kiest voor uitklimmatten, waardoor “ruim de helft” van de dieren uit een kolk kan klimmen. Over uitklimmaten leven zorgen bij verschillende experts, vrijwilligers en ecologen die amfibieën uit kolken redden. Er lijken echter nog geen perfecte alternatieven te zijn (behalve alle kolken verwijderen). De Partij voor de Dieren deelt de zorgen en heeft de volgende vragen over de raadsbrief:

Het college schrijft: “Uit onderzoek naar verschillende uitklimvoorzieningen in opdracht van RAVON, is gebleken dat “ruim de helft” van de amfibieën met behulp van een uitklimmat de kolk uitklimt.

1. Gaat dit onderzoek ook in op de vraag of de uitklimmatten ook de béste manier zijn om amfibieën te helpen? Zo nee, heeft het college uitgezocht wat (op dit moment) de beste manier is? Zo nee, waarom niet?

2. Indien dit niet de beste manier is om zoveel mogelijk dieren te redden uit kolken: klopt het dat het college de afvoer van water laat prevaleren boven het redden van zoveel mogelijk dieren? Zo ja, waarom?

De uitklimmatten moeten onderhouden en schoongemaakt worden en regelmatig vervangen. De kosten daarvan lijken niet te zijn meegenomen in de brief. Het risico bestaat dus dat er geen onderhoud gepleegd gaat worden aan de matten, wat resulteert in meer dode dieren. Ook lukt het verlijmen van de matten niet goed als er water in de put staat.

3. Klopt het dat (de kosten van het) onderhoud en de schoonmaak van de matten niet meegenomen zijn in de raadsbrief, en dat onderhoud dan niet is ingecalculeerd in de kosten en ook niet het onderhoudsplan? Zo nee, hoe ziet het college dit traject voor zich? Het college schrijft dat “ruim de helft van de amfibieën” met behulp van een mat uit een kolk kan klimmen. We begrepen dat veel dieren proberen via de achterkant een kolk uit te komen (wat niet lukt) of geen gebruik kan maken van zo’n mat omdat het niet goed aangebracht is, met alsnog veel sterfte tot gevolg.

4. Is het college het met de PvdD eens dat “ruim de helft’ van de dieren lang niet voldoende is en dat dan nog steeds de helft van de dieren zal sterven? Zo nee, waarom niet?

5. Welke maatregelen neemt het college nog meer in en rond de betreffende kolken, maar ook alle andere kolken, om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk dieren gered kunnen worden?

A. Zijn roosters voor de opening helemaal geen optie meer (op sommige plekken in Utrecht zijn deze namelijk wel aangebracht door de gemeente)?

B. Is het streven ook nog steeds om zoveel mogelijk kolken te verwijderen, zodat het probleem helemaal niet meer hoeft te ontstaan? Zo nee, hoe zit het dan?

6. We waren er niet van op de hoogte dat ook in wadi’s afvoeren zijn waar kleine dieren in kunnen vallen. Kunnen hier dezelfde oplossingen aangebracht worden als in straatkolken of ziet het college hier andere oplossingen?

Volgens Paddenpatrouille Leiden, die jarenlange ervaring hebben met het redden van amfibieën, zijn er betere manieren om amfibieën te helpen. Zo zijn er 2 oplossingen in de maak die nog wel getest moeten worden, maar die beter zouden helpen.

7. Is het college bereid om met Paddenpatrouille Leiden in gesprek te gaan over wat de beste manier is om amfibieën optimaal te helpen in Utrecht, voordat de uitklimmatten geïnstalleerd worden? Zo nee, waarom niet?

8. We willen heel graag dat de dieren zo spoedig mogelijk geholpen worden. Is het college bereid om dit gesprek zo spoedig mogelijk aan te gaan en ook de reddingswerkzaamheden voor deze dieren te bespoedigen (er staat nu in de brief “In dat kader komen we daar bij u op terug”, zonder tijdsindicatie)? Zo ja, wanneer en met welk tijdspad? Zo nee, waarom niet?

9. Is het college eventueel bereid om pilots te doen met maatregelen die de amfibieën optimaal helpen, ook als er nieuwe producten/kolken op de markt komen die veelbelovend zijn? Zo nee, waarom niet?

Lisanne Snippe, Partij voor de Dieren
Saskia Oskam, Partij voor de Dieren