Schrif­te­lijke vragen Elke Dag verdient zo spoedig mogelijk een Nacht van de Nacht


Schriftelijke vragen 129/2018

Onder meer in juli 2017 sprak de raad over het Burgerinitiatief Elke Dag verdient een Nacht van de Nacht, tegen lichtvervuiling in Utrecht. Het college deed toen een aantal toezeggingen, maar niet al deze toezeggingen zijn opgenomen in het Duurzaamheidsverslag van 9 mei 2018 en de raadsbrief van 12 september 2018. Ook is er door het college nog geen antwoord gegeven op alle vragen van de Partij voor de Dieren, de ChristenUnie en de initiatiefnemers van het burgerinitiatief (hierna: initiatiefnemers). Kunstmatig licht gedurende de avond en nacht is schadelijk voor de natuur. Vogels gaan te vroeg broeden en nachtdieren als uilen, vleermuizen en nachtvlinders lijden er onder. Ook mensen kunnen er veel last van ondervinden, zij hebben bijvoorbeeld last van slaapproblemen.

De Partij voor de Dieren en de ChristenUnie hebben de volgende vragen over de aanpak van het college rond het tegengaan van lichtvervuiling:

Tijdens de commissiebehandeling van het burgerinitiatief op 4 juli 2017 zegde het college toe dat nieuwe straatverlichting voortaan 0% naar boven uit zal stralen (op een enkele uitzondering na, zoals de Pyke Kochlantaarns binnen de Singels). In de raadsbrief staat dat dit najaar in het Handboek Openbare Ruimte opgenomen gaat worden: “(We gaan) alleen straatverlichting toepassen die voldoet aan de maximale uitstraling naar boven volgens de richtlijn Lichthinder van de NSVV.” We begrepen dat deze maximale uitstraling van de NSVV 5% is en dat komt niet overeen met wat het college toegezegd heeft aan de raad en de initiatiefnemers. Bovendien is de toezegging al een jaar oud, hij had volgens de initiatiefnemers al lang in het handboek moeten staan.

  1. Waarom kiest het college nu voor 5% in plaats van de toegezegde 0%? Kan het college bevestigen dat nieuwe straatverlichting inderdaad 0% naar boven zal uitstralen en dit, zoals toegezegd, opnemen in het Handboek Openbare Ruimte? Als het Handboek Openbare Ruimte is aangepast: is het college bereid om de raad een kopie te sturen van de aanpassingen, zodat de raad kan bekijken of alle toezeggingen wat betreft het Handboek in juli 2017 zijn opgenomen in dit Handboek?

Het college schrijft in haar raadsbrief: “Met de initiatiefnemers is de vervangingsopgave voor de komende jaren naast de groene plekken in de stad gelegd. Er is in kaart gebracht waar verlichting naar de zijkant uitstraalt naar het groen en waar diervriendelijkere verlichting gewenst is. Op deze plekken gaan we bij onderhoud aan de verlichting kijken of diervriendelijke verlichting kan worden toegepast, waarbij we dit afwegen tegen de sociale veiligheid en kosten.

De raadsbrief beschrijft niet wat het college gaat doen om een einde te maken aan verlichting die naar de zijkant uitstraalt in het groen (en aan het water). De toezegging van het college in juli 2017 was namelijk de volgende: “Waar nieuwe armaturen worden geplaatst, wordt ervoor gezorgd dat alleen nog wegen en fietspaden worden aangelicht. De parken, groenstroken en watergangen worden afgeschermd.” Verder werd toegezegd dat bestaande verlichting zo snel mogelijk wordt aangepast, zodat groen en water niet meer naar de zijkant en zeker niet naar de bovenkant aangelicht worden.

3. Kan het college aangeven wat er al gebeurd is op dit gebied sinds de behandeling van het burgerinitiatief in juli 2017 en wat de plannen zijn om deze zij- en bovenaanlichting zo spoedig mogelijk te verwijderen en aan te passen?

Over de passage in de raadsbrief: “Op deze plekken gaan we bij onderhoud aan de verlichting kijken of diervriendelijke verlichting kan worden toegepast, waarbij we dit afwegen tegen de sociale veiligheid en kosten.” We vinden deze toezegging te vaag. En in het Duurzaamheidsverslag staat “In Utrecht staan in totaal 69.075 lampen, waarvan 5.981 ledlampen. In 41 gevallen hebben armaturen amberkleurig ledlicht waardoor vleermuizen minder hinder ervaren.” Dit is, zoals we ook in de commissie zeiden, 0,06% procent van het totaal aantal armaturen.

4. Kan het college concretere toezeggingen doen over het installeren van diervriendelijke(r) verlichting in Utrecht? En wat zijn uw ambities op het gebied van het installeren van diervriendelijke(r) verlichting? Graag SMART maken.

5. Over welke kosten heeft u het bijvoorbeeld? En hoeveel is het college bereid uit te geven aan diervriendelijke(r) verlichting?

In de raadsbrief wordt geen antwoord gegeven op de herhaaldelijke vragen van de Partij voor de Dieren en de initiatiefnemers hoe het nu staat met de spoedige vervanging van de armaturen in het Máximapark. Er staat wel: “Dit najaar starten we met de vervanging van de eerste van de circa 2500 naar boven uitstralende armaturen in de stad.”

6. De naar boven uitstralende verlichting in met name Leidsche Rijn wordt vervangen, daar zou in het 3e kwartaal van 2018 een aanvang mee worden gemaakt. Kan het college de stand van zaken toelichten en verzekeren dat er een armatuur wordt gekozen die zijdelings af te schermen is en die niet naar boven uitstraalt? Zodat armaturen die op een weg staan langs een watergang en/of groen wel de weg/het fietspad verlichten, maar niet de watergang en/of het groen?

7. Kan het college toezeggen dat dit najaar eerst wordt gestart met de armaturen in het Máximapark? Zo ja, wanneer zijn alle armaturen in dit park vervangen?

8. Wordt er voor Leidsche Rijn (en specifiek in het Máximapark) gekozen voor armaturen die niet alleen níet naar boven uitstralen, maar ook niet naar de zijkant? Zo nee, waarom niet (dit was een toezegging in juli 2017)? Om wat voor soort armaturen gaat het?

Ook over de bestaande armaturen langs het Amsterdam Rijnkanaal, die nog niet zo lang geleden – ondanks eerdere opmerkingen hierover van de raad - verkeerd zijn aangekocht hebben we niets meer gehoord. In juli 2017 zei het college nog: “De gemeente zal met de initiatiefnemers overleggen hoe de bestaande lichtmasten verbeterd kunnen worden.”

9. Kan het college een update geven over deze verbeteringen? Wat is er gebeurd en wanneer?

In de raadsbrief staat: “We passen de schakelingen voor aanlichting van bruggen, gebouwen en andere objecten in de openbare ruimte de komende drie jaar aan.”

10. De Partij voor de Dieren en de ChristenUnie willen graag weten wanneer hoeveel schakelingen worden aangepast. Met andere woorden: hoeveel schakelingen worden er nog in 2018 aangepast, hoeveel in 2019, 2020 en 2021? En hoeveel zijn er nu al aangepast, na de behandeling van het burgerinitiatief in de raad?

Tijdens de behandeling van het burgerinitiatief zegde het college toe uitgebreid verslag te gaan doen in het Duurzaamheidsverslag van de inspanningen rond het tegengaan van lichtvervuiling en het gebruiken van diervriendelijke verlichting. Echter, van de 44 pagina’s van het Duurzaamheidsverslag wordt 1 pagina gewijd aan licht, waaronder 5 regels over lichtvervuiling en overlast voor mensen en 1 regel over vleermuizen en licht. De rest gaat over energiebesparing en recyclebare materialen. Daarom de volgende vragen:

11. Hoeveel armaturen zijn er in Utrecht sinds juli 2017 aan de bovenkant en de zijkant afgeschermd en hoeveel worden er nog in 2018 afgeschermd?

12. Volgens de initiatiefnemers hebben ecologen op kaarten aangegeven dat het afschermen van armaturen aan de bovenkant en zijkant bijvoorbeeld rond de forten van belang is (net als in en rond parken en watergangen), maar is dat ook gebeurd en in welke mate?

Er is met de initiatiefnemers ook gesproken over het aanpassen of uitdoen van de verlichting onder spoorwegonderdoorgangen. Hier worden vaak ook ecologische verbindingen en/of watergangen verlicht. Er werd een toezegging gedaan dat dit najaar de verlichting boven fietsroutes aangepast zou worden en dat verlichting boven ecologische verbindingen en watergangen uitgedaan zou worden. Dit is nog niet gebeurd.

13. Is het college bereid om zo snel mogelijk deze toezegging uit te voeren en de verlichting onder spoorwegonderdoorgangen boven fietsroutes aan te passen en verlichting boven ecologische verbindingen en watergangen uit te laten doen? Zo nee, waarom niet?

14. Utrecht algemeen: Er zou met de meest urgente plekken begonnen worden met het afschermen van armaturen aan de bovenkant en zijkant, is dit ook gebeurd?

Goed dat bij nieuwe en te vervangen lampen voor sportvelden betere LED verlichting kan worden gebruikt. Er zijn echter veel bestaande armaturen die flink veel licht uitstralen naar de omgeving. Het gaat vaak om groen, maar er zijn ook woningen die flink overlast van sportveldverlichting ervaren. De initiatiefnemers vermoeden dat die uitstraling best wel eens boven de normen zou kunnen zijn (in ieder geval bij een aantal velden).

15. Is het mogelijk om met de VSU een traject te starten om de bestaande sportarmaturen af te schermen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn?

In juli 2017 beloofde het college meer aandacht te besteden aan het Meldpunt Lichthinder. We hebben hier echter niets meer over gehoord. In de raadsbrief staat “Slim melden: sinds maart 2018 is het mogelijk om via de gemeentelijke website een melding te maken van teveel of te weinig verlichting en inschijnende verlichting.”

16. In hoeverre en op welke manieren heeft het college aandacht besteed aan het feit dat inwoners van Utrecht melding kunnen doen van lichtvervuiling?

17. Hoeveel meldingen zijn er sinds maart 2018 via dit meldpunt, of anderszins, bij de gemeente gedaan? En wat is er met die meldingen gebeurd?

De vraagstellers hebben via de site utrecht.slimmelden.nl getest hoe melding kan worden gedaan van lichtvervuiling. Op die site staan overal groene lampjes ingetekend die armaturen (lantaarnpalen) moeten voorstellen. Als je dan op een lampje klikt, kun je melding doen van ‘overlast door te weinig/veel verlichting’. Vervolgens kun je een foto uploaden, maar je kunt géén begeleidende tekst erbij zetten wat je probleem is met deze verlichting. Dit is ons inziens niet voldoende. Ook moet je dan per armatuur aangeven wat het probleem is, terwijl ook een groep armaturen veel overlast kan geven.

18. Kan het college toezeggen dat zij er op korte termijn voor zorgt dat het veel duidelijker vindbaar en eenvoudiger wordt om lichtvervuiling te melden via bovenstaande website?

In antwoord op een melding van de Partij voor de Dieren tijdens de commissie van 6 september 2018 over nieuwe armaturen die op de Zeedijk waren geplaatst schreef het college in de raadsbrief: “Op korte termijn wordt in overleg met de ontwikkelaar gekeken hoe de huidige inrichting (op de Zeedijk) kan worden geoptimaliseerd. Het beperken van de uitstraling van de verlichting naar water en groen is hierbij één van de concrete bespreekpunten.”

19. Hoe kan het dat, ondanks dat het burgerinitiatief in juli 2017 is overgenomen, nog steeds dergelijke nieuwe armaturen in Utrecht geplaatst kunnen worden? Graag hier meer informatie over. En graag ook zo spoedig mogelijk een update over deze bewuste armaturen op de Zeedijk.

20. Bij welke bouwprojecten kunnen we nog meer verwachten dat de armaturen niet in orde zijn, in relatie tot het burgerinitiatief? Kan het college tussentijds bijstellen en zo ja, doet zij dit ook, waardoor armaturen zoals op de Zeedijk niet meer in gebruik genomen (kunnen) worden?

Eva van Esch, Partij voor de Dieren
Jan Wijmenga, ChristenUnie

Antwoorddatum: 30 okt. 2018

Onder meer in juli 2017 sprak de raad over het Burgerinitiatief Elke Dag verdient een Nacht van de Nacht, tegen lichtvervuiling in Utrecht. Het college deed toen een aantal toezeggingen, maar niet al deze toezeggingen zijn opgenomen in het Duurzaamheidsverslag van 9 mei 2018 en de raadsbrief van 12 september 2018. Ook is er door het college nog geen antwoord gegeven op alle vragen van de Partij voor de Dieren, de ChristenUnie en de initiatiefnemers van het burgerinitiatief (hierna: initiatiefnemers). Kunstmatig licht gedurende de avond en nacht is schadelijk voor de natuur. Vogels gaan te vroeg broeden en nachtdieren als uilen, vleermuizen en nachtvlinders lijden er onder. Ook mensen kunnen er veel last van ondervinden, zij hebben bijvoorbeeld last van slaapproblemen.

De Partij voor de Dieren en de ChristenUnie hebben de volgende vragen over de aanpak van het college rond het tegengaan van lichtvervuiling:

Tijdens de commissiebehandeling van het burgerinitiatief op 4 juli 2017 zegde het college toe dat nieuwe straatverlichting voortaan 0% naar boven uit zal stralen (op een enkele uitzondering na, zoals de Pyke Kochlantaarns binnen de Singels). In de raadsbrief staat dat dit najaar in het Handboek Openbare Ruimte opgenomen gaat worden: “(We gaan) alleen straatverlichting toepassen die voldoet aan de maximale uitstraling naar boven volgens de richtlijn Lichthinder van de NSVV.” We begrepen dat deze maximale uitstraling van de NSVV 5% is en dat komt niet overeen met wat het college toegezegd heeft aan de raad en de initiatiefnemers. Bovendien is de toezegging al een jaar oud, hij had volgens de initiatiefnemers al lang in het handboek moeten staan.

1.Waarom kiest het college nu voor 5% in plaats van de toegezegde 0%? Kan het college bevestigen dat nieuwe straatverlichting inderdaad 0% naar boven zal uitstralen en dit, zoals toegezegd, opnemen in het Handboek Openbare Ruimte?

In overleg met de initiatiefnemers hebben we die voorstellen het afgelopen jaar opgepakt. Eén van die acties is het uitfaseren van de armaturen in de stad die een directe uitstraling naar boven hebben en waarvan de meeste in Leidsche Rijn staan. In de raadsbrief van 22 juni 2017 is dan ook aangegeven, evenals bij de behandeling van het burgerinitiatief in juli 2017, dat we de armaturen met directe uitstaling naar boven gaan uitfaseren in de stad. Dit gaat om circa 2500 armaturen in de hele stad en waarvan de meeste in Leidsche Rijn staan.

Daarnaast is toegezegd te streven naar 0% indirecte uitstraling naar boven volgens de richtlijnen van de NSVV (Nederlandse Stichting voor Verlichtingshinder). Deze richtlijnen zijn de meeste concrete handreiking die we daarvoor tot onze beschikking hebben. In het Handboek Openbare Ruimte is daarom deze NSVV richtlijn voor uitstraling naar boven opgenomen. De 5% indirecte uitstraling is een maximum die normaal gesproken in landelijk gebied wordt gehanteerd en is scherper dan de NSVV richtlijn die voor stedelijke gebieden geldt.

Voor het vervangen van de armaturen in Leidsche Rijn is nu gekozen voor een armatuur (bij de vier meter lantaarnpaal) die 3% indirecte uitstraling naar boven heeft. Deze wordt veroorzaakt door reflecties in de lichtkap van het armatuur. Er wordt geen licht direct naar boven uitgestraald. Bij armaturen op 4 meter hoogte is enige zijwaartse uitstraling nodig, omdat anders alleen een rondje licht rondom de lantaarnpaal te zien zou zijn. Voor het verlichten van de straat tot het verlichtingsniveau zodat gezichtsherkenning mogelijk is, moeten dan veel meer lichtmasten dicht op elkaar worden geplaatst. Voor de zes meter lantaarnpaal wordt de 0% indirecte uitstraling naar boven bereikt, omdat daar een vlakke ruit aan de onderzijde van het armatuur kan worden toegepast, zodat er geen zijwaartse uitstraling is.

Doordat de armaturen op grotere hoogte zitten hoeven daarvoor niet meer lichtmasten in de straat te worden geplaatst voor de zichtbaarheid op straat. Initiatiefnemers zijn betrokken geweest bij deze keuze van de armaturen voor Leidsche Rijn. In stedelijk gebied is het bijna niet te voorkomen dat er indirecte uitstraling naar boven is, omdat er altijd enige reflectie is in de armatuur zelf en omdat de weerkaatsing van licht tegen het wegdek, muren en andere objecten voor uitstraling naar boven kan zorgen.

Het college schrijft in haar raadsbrief: “Met de initiatiefnemers is de vervangingsopgave voor de komende jaren naast de groene plekken in de stad gelegd. Er is in kaart gebracht waar verlichting naar de zijkant uitstraalt naar het groen en waar diervriendelijkere verlichting gewenst is. Op deze plekken gaan we bij onderhoud aan de verlichting kijken of diervriendelijke verlichting kan worden toegepast, waarbij we dit afwegen tegen de sociale veiligheid en kosten.

De raadsbrief beschrijft niet wat het college gaat doen om een einde te maken aan verlichting die naar de zijkant uitstraalt in het groen (en aan het water). De toezegging van het college in juli 2017 was namelijk de volgende: “Waar nieuwe armaturen worden geplaatst, wordt ervoor gezorgd dat alleen nog wegen en fietspaden worden aangelicht. De parken, groenstroken en watergangen worden afgeschermd.” Verder werd toegezegd dat bestaande verlichting zo snel mogelijk wordt aangepast, zodat groen en water niet meer naar de zijkant en zeker niet naar de bovenkant aangelicht worden.

2. Als het Handboek Openbare Ruimte is aangepast: is het college bereid om de raad een kopie te sturen van de aanpassingen, zodat de raad kan bekijken of alle toezeggingen wat betreft het Handboek in juli 2017 zijn opgenomen in dit Handboek?

Het Handboek Openbare Ruimte is aangepast en te vinden op de gemeentelijke website. In het onderdeel Handboek straatmeubilair kunt u de wijzigingen, zoals besproken met initiatiefnemers, nalezen.

3. Kan het college aangeven wat er al gebeurd is op dit gebied sinds de behandeling van het burgerinitiatief in juli 2017 en wat de plannen zijn om deze zij- en bovenaanlichting zo spoedig mogelijk te verwijderen en aan te passen?

Motie 2017/ 126 draagt ons op bij vervanging van lampen en lichtmasten te zorgen voor zijdelingse afscherming om uitstraling naar groen en water te voorkomen. Zoals in het antwoord van vraag 1 is aangegeven kijken we daarbij waar we werk met werk kunnen maken en beoordelen we de situatie ter plaatse. Het afgelopen jaar is een aantal aanpassingen doorgevoerd zowel bij nieuwe ontwikkeling (voorkomen dat er nieuwe lichthinder ontstaat) en maatregelen die we tijdens onderhoud en beheer hebben kunnen doorvoeren.

1. Nieuwe ontwikkelingen;
- Ontwerp inrichting Amsterdam Rijnkanaal is aangepast. De bestaande verlichtingselementen langs het Amsterdam Rijnkanaal (de ‘lichtstokken’) worden in de nieuw te ontwikkelen zones niet meer toegepast.
- Bij het ontwerp van de openbare inrichting in Rijnvliet is het ontwerp gewijzigd ten opzichte van eerdere ontwerpen zodat armaturen van het water af schijnen en de zijde van het water wordt afgeschermd.
- Langs de Leeuwendaalsekade (Leeuwenstein) zijn de lichtmasten zodanig geplaatst zodat het licht van het water afschijnt.

2. In de vervangingsopgave;
- Bij de fietsbrug langs fort Lunetten is in de brugleuning verlichting geplaatst om te voorkomen dat licht naar boven of naar de fortgracht uitstraalt. De lichtmasten langs de brug zijn verwijderd.
- Bij de Melissekade zijn de grondspots verwijderd nadat de eerdere proef om ze uit te schakelen is geslaagd.
-
Er zijn 750 stuks armaturen vervangen op ontsluitingswegen die licht naar boven uitstraalden.
- In woonstraten in Hoograven en Lunetten zijn 1000 stuks armaturen vervangen zodat daar geen directe uitstraling van verlichting naar de hemel meer voorkomt.

Over de passage in de raadsbrief: “Op deze plekken gaan we bij onderhoud aan de verlichting kijken of diervriendelijke verlichting kan worden toegepast, waarbij we dit afwegen tegen de sociale veiligheid en kosten.” We vinden deze toezegging te vaag. En in het Duurzaamheidsverslag staat “In Utrecht staan in totaal 69.075 lampen, waarvan 5.981 ledlampen. In 41 gevallen hebben armaturen amberkleurig ledlicht waardoor vleermuizen minder hinder ervaren.” Dit is, zoals we ook in de commissie zeiden, 0,06% procent van het totaal aantal armaturen.

4. Kan het college concretere toezeggingen doen over het installeren van diervriendelijke(r) verlichting in Utrecht? En wat zijn uw ambities op het gebied van het installeren van diervriendelijke(r) verlichting? Graag SMART maken.

Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 1 proberen we zoveel mogelijk werk met werk te maken. We hebben eenmalig met initiatiefnemers de inventarisatie van de vervangingsopgave bekeken met stadsecologen om te kijken waar diervriendelijke verlichting kan worden overwogen. Deze locaties zijn op een plattegrond vastgelegd. Op het moment dat de vervanging van verlichting aan de orde is die in aanmerking kan komen voor diervriendelijke verlichting bekijken we de opties. We kunnen dit pas achteraf rapporteren in het Duurzaamheidsverslag over het toepassen van diervriendelijke verlichting omdat er op basis van maatwerk een afweging wordt gemaakt tussen diervriendelijkheid, kosten en sociale veiligheid. Op de Smalle Themaat is dit jaar diervriendelijke, amberkleurige verlichting toegepast.

Aanvullend:
In het verleden heeft een deskundige op het gebied van diervriendelijke verlichting verbonden aan de Wageningen Universiteit (de heer Kamiel Spoeltra) aan de Vrienden van met Maximapark en andere belangstellenden een uiteenzetting gegeven over de invloed van verlichting op de flora en fauna. Als daar interesse voor bestaat kunnen wij hem nogmaals uitnodigen voor een technische bijeenkomst over dit onderwerp voor raadsleden.

5. Over welke kosten heeft u het bijvoorbeeld? En hoeveel is het college bereid uit te geven aan diervriendelijke(r) verlichting?

De meerkosten per lichtmast bedragen ongeveer 300 euro. Gezien de opdracht om werk met werk te maken, passen we waar mogelijk, de diervriendelijke verlichting toe en wordt het prijsverschil in de totale investeringen opgevangen.

In de raadsbrief wordt geen antwoord gegeven op de herhaaldelijke vragen van de Partij voor de Dieren en de initiatiefnemers hoe het nu staat met de spoedige vervanging van de armaturen in het Máximapark. Er staat wel: “Dit najaar starten we met de vervanging van de eerste van de circa 2500 naar boven uitstralende armaturen in de stad.”

6. De naar boven uitstralende verlichting in met name Leidsche Rijn wordt vervangen, daar zou in het 3e kwartaal van 2018 een aanvang mee worden gemaakt. Kan het college de stand van zaken toelichten en verzekeren dat er een armatuur wordt gekozen die zijdelings af te schermen is en die niet naar boven uitstraalt? Zodat armaturen die op een weg staan langs een watergang en/of groen wel de weg/het fietspad verlichten, maar niet de watergang en/of het groen?

Zie antwoord vraag 1. De nieuwe armaturen, waarover de initiatiefnemers een beoordeling hebben gegeven, hebben geen directe lichtuitstraling naar boven. We beoordelen per situatie de nieuwe verlichting op zij- uitstraling naar water en groen. Waar nodig zal de verlichting worden afgeschermd.

7. Kan het college toezeggen dat dit najaar eerst wordt gestart met de armaturen in het Máximapark? Zo ja, wanneer zijn alle armaturen in dit park vervangen?

Zie antwoord vraag 1. Om kapitaalvernietiging te voorkomen starten we dit najaar met de vervanging van 250 armaturen in Langerak omdat de armaturen in dit gebied (bijna) zijn afgeschreven. De armaturen bij het Maximapark komen in de komende jaren tussen 2019-2025 jaar aan de beurt.

8. Wordt er voor Leidsche Rijn (en specifiek in het Máximapark) gekozen voor armaturen die niet alleen níet naar boven uitstralen, maar ook niet naar de zijkant? Zo nee, waarom niet (dit was een toezegging in juli 2017)? Om wat voor soort armaturen gaat het?

Zie antwoord vraag 7. In het Maximapark zelf is alleen verlichting langs de hoofdfietsroute aangebracht. Dit zijn spots die heel gericht de weg verlichten.

Ook over de bestaande armaturen langs het Amsterdam Rijnkanaal, die nog niet zo lang geleden – ondanks eerdere opmerkingen hierover van de raad - verkeerd zijn aangekocht hebben we niets meer gehoord. In juli 2017 zei het college nog: “De gemeente zal met de initiatiefnemers overleggen hoe de bestaande lichtmasten verbeterd kunnen worden.”

9. Kan het college een update geven over deze verbeteringen? Wat is er gebeurd en wanneer?

We hebben moeten concluderen dat het afschermen van de uitstraling naar de zijkant als gevolg heeft dat de verlichting langs het fietspad niet meer voldoet aan normen voor goed zicht en sociale veiligheid. Overigens voldoet de huidige verlichting wel aan de eisen die door Rijkswaterstaat zijn gesteld aan de verlichting langs het Amsterdam Rijnkanaal. De maximale verlichtingssterkte boven het water is niet hoger dan 0,5 lux wat overeenkomt met het licht van de volle maan bij heldere hemel.

In de raadsbrief staat: “We passen de schakelingen voor aanlichting van bruggen, gebouwen en andere objecten in de openbare ruimte de komende drie jaar aan.”

10. De Partij voor de Dieren en de ChristenUnie willen graag weten wanneer hoeveel schakelingen worden aangepast. Met andere woorden: hoeveel schakelingen worden er nog in 2018 aangepast, hoeveel in 2019, 2020 en 2021? En hoeveel zijn er nu al aangepast, na de behandeling van het burgerinitiatief in de raad?

Zoals in de raadsbrief van 22 juni 2017 is gemeld, passen we, als er onderhoud wordt gepleegd, de schakelkasten de komende jaren voor het nieuwe verlichtingsregime aan. Aangezien het onderhoud van de schakelkasten op basis van de technische noodzaak kris kras door de stad plaatsvindt gaan we vanaf 2021 voor de gehele stad op het nieuwe lichtregime over. Op dit moment is ongeveer een derde van de ca. 550 schakelkasten klaar voor het nieuwe lichtregime.

Tijdens de behandeling van het burgerinitiatief zegde het college toe uitgebreid verslag te gaan doen in het Duurzaamheidsverslag van de inspanningen rond het tegengaan van lichtvervuiling en het gebruiken van diervriendelijke verlichting. Echter, van de 44 pagina’s van het Duurzaamheidsverslag wordt 1 pagina gewijd aan licht, waaronder 5 regels over lichtvervuiling en overlast voor mensen en 1 regel over vleermuizen en licht. De rest gaat over energiebesparing en recyclebare materialen. Daarom de volgende vragen:

11. Hoeveel armaturen zijn er in Utrecht sinds juli 2017 aan de bovenkant en de zijkant afgeschermd en hoeveel worden er nog in 2018 afgeschermd?

Als we werk met werk maken geven we de voorkeur aan het vervangen van de armaturen die naar boven of naar de zijkant uitstralen in plaats van het afschermen van armaturen. We hebben dus voornamelijk armaturen vervangen (zie antwoord vraag 3) of we hebben moeten concluderen dat de verlichting met afscherming niet meer zou voldoen voor wat betreft goed zicht en sociale veiligheid (zie vraag 9). Naar aanleiding van enkele klachten waarbij straatverlichting rechtstreeks in woningen scheen is afscherming aangebracht (zie antwoord 17).

12. Volgens de initiatiefnemers hebben ecologen op kaarten aangegeven dat het afschermen van armaturen aan de bovenkant en zijkant bijvoorbeeld rond de forten van belang is (net als in en rond parken en watergangen), maar is dat ook gebeurd en in welke mate?

Zie antwoord vraag 4.

Er is met de initiatiefnemers ook gesproken over het aanpassen of uitdoen van de verlichting onder spoorwegonderdoorgangen. Hier worden vaak ook ecologische verbindingen en/of watergangen verlicht. Er werd een toezegging gedaan dat dit najaar de verlichting boven fietsroutes aangepast zou worden en dat verlichting boven ecologische verbindingen en watergangen uitgedaan zou worden. Dit is nog niet gebeurd.

13. Is het college bereid om zo snel mogelijk deze toezegging uit te voeren en de verlichting onder spoorwegonderdoorgangen boven fietsroutes aan te passen en verlichting boven ecologische verbindingen en watergangen uit te laten doen? Zo nee, waarom niet?

In het overleg met initiatiefnemers zijn deze onderdoorgangen inderdaad ter sprake gekomen. De volgende aanpassingen zijn de afgelopen tijd doorgevoerd:
- Aan de Belcampostraat zijn vier armaturen vervangen door LED armaturen die het licht gericht op de weg stralen.
- Bij Station Terwijde is de verlichting boven het water gedoofd.
- Bij het Lint/Enghlaan zijn de armaturen boven het water gedoofd. Langs het voetpad zijn de armaturen vervangen door LED armaturen.
- Dit jaar nog worden de onderdoorgangen Utrechtseweg, Terwijdesingel en Rivierkom deels gedoofd.

14. Utrecht algemeen: Er zou met de meest urgente plekken begonnen worden met het afschermen van armaturen aan de bovenkant en zijkant, is dit ook gebeurd?

Zie antwoord vraag 11.

Goed dat bij nieuwe en te vervangen lampen voor sportvelden betere LED verlichting kan worden gebruikt. Er zijn echter veel bestaande armaturen die flink veel licht uitstralen naar de omgeving. Het gaat vaak om groen, maar er zijn ook woningen die flink overlast van sportveldverlichting ervaren. De initiatiefnemers vermoeden dat die uitstraling best wel eens boven de normen zou kunnen zijn (in ieder geval bij een aantal velden).

15. Is het mogelijk om met de VSU een traject te starten om de bestaande sportarmaturen af te schermen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn?

Vanuit de gemeente Utrecht zijn de afgelopen jaren bij de VSU aangesloten sportverenigingen ondersteund in het verduurzamen van hun “eigen” sportaccommodatie inclusief verlichting. Er wordt met Sport Utrecht gesproken over welke inzet vanaf 2019 nodig is in het ondersteunen van verenigingen voor het verder verduurzamen van de sportaccommodaties. We nemen de verlichting op sportvelden en het verder beperken van lichthinder in deze gesprekken mee.

In juli 2017 beloofde het college meer aandacht te besteden aan het Meldpunt Lichthinder. We hebben hier echter niets meer over gehoord. In de raadsbrief staat “Slim melden: sinds maart 2018 is het mogelijk om via de gemeentelijke website een melding te maken van teveel of te weinig verlichting en inschijnende verlichting.”

16. In hoeverre en op welke manieren heeft het college aandacht besteed aan het feit dat inwoners van Utrecht melding kunnen doen van lichtvervuiling?

Zoals in de raadsbrief van 22 juni 2017 is aangegeven hebben we (vanuit efficiency) gekozen om ten aanzien van het melden van lichthinder aan te sluiten bij het bestaande gemeentelijke loket om meldingen in de openbare ruimte te maken.

17. Hoeveel meldingen zijn er sinds maart 2018 via dit meldpunt, of anderszins, bij de gemeente gedaan? En wat is er met die meldingen gebeurd?

De volgende meldingen zijn tot nu toe gemaakt via het gemeentelijke meldpunt:
- Te veel licht: 21 meldingen waarbij in 17 gevallen maatregelen zijn getroffen omdat de meldingen terecht waren, voornamelijk omdat ze hinder veroorzaakte in woningen bij bewoners.
- Te weinig licht: 18 meldingen
- Onbekend: 9 meldingen. Bij het nagaan van deze meldingen zijn geen bijzonderheden geconstateerd. Omdat de melding anoniem was kon niet worden nagegaan of er volgens de melder teveel of te weinig verlichting was.

De vraagstellers hebben via de site utrecht.slimmelden.nl getest hoe melding kan worden gedaan van lichtvervuiling. Op die site staan overal groene lampjes ingetekend die armaturen (lantaarnpalen) moeten voorstellen. Als je dan op een lampje klikt, kun je melding doen van ‘overlast door te weinig/veel verlichting’. Vervolgens kun je een foto uploaden, maar je kunt géén begeleidende tekst erbij zetten wat je probleem is met deze verlichting. Dit is ons inziens niet voldoende. Ook moet je dan per armatuur aangeven wat het probleem is, terwijl ook een groep armaturen veel overlast kan geven.

18. Kan het college toezeggen dat zij er op korte termijn voor zorgt dat het veel duidelijker vindbaar en eenvoudiger wordt om lichtvervuiling te melden via bovenstaande website?

Via slimmelden worden de meldingen direct doorgezet naar de degene die op locatie de melding onderzoekt en oplost. In de meeste gevallen is direct duidelijk om wat voor soort melding het gaat. Als dit niet het geval is, wordt contact opgenomen met de indiener van de melding. Zie ook antwoord vraag 17.

We gaan onderzoeken of het mogelijk is de meldingen voor te veel en te weinig licht te scheiden op de website, zodat dit een duidelijker onderscheid wordt. Via de bestaande gemeentelijke communicatiemiddelen zullen we aandacht besteden aan de maatregelen die we hebben genomen in het kader van dit burgerinitiatief.

In antwoord op een melding van de Partij voor de Dieren tijdens de commissie van 6 september 2018 over nieuwe armaturen die op de Zeedijk waren geplaatst schreef het college in de raadsbrief: “Op korte termijn wordt in overleg met de ontwikkelaar gekeken hoe de huidige inrichting (op de Zeedijk) kan worden geoptimaliseerd. Het beperken van de uitstraling van de verlichting naar water en groen is hierbij één van de concrete bespreekpunten.”

19. Hoe kan het dat, ondanks dat het burgerinitiatief in juli 2017 is overgenomen, nog steeds dergelijke nieuwe armaturen in Utrecht geplaatst kunnen worden? Graag hier meer informatie over. En graag ook zo spoedig mogelijk een update over deze bewuste armaturen op de Zeedijk.

We hebben ingestemd met het definitieve ontwerp voor Zijdebalen (Zeedijk) op 20 december 2016. Dit is vóór de afhandeling van het burgerinitiatief geweest. We hebben ondertussen gesprekken gevoerd met de ontwikkelaar en afspraken gemaakt om de verlichting af te gaan schermen aan de waterzijde.

20. Bij welke bouwprojecten kunnen we nog meer verwachten dat de armaturen niet in orde zijn, in relatie tot het burgerinitiatief? Kan het college tussentijds bijstellen en zo ja, doet zij dit ook, waardoor armaturen zoals op de Zeedijk niet meer in gebruik genomen (kunnen) worden?

Alle veranderingen in de openbare ruimte, van groot tot klein, worden getoetst aan het Handboek Openbare ruimte dat (zoals bij vraag 2 is vermeld) is aangepast in overleg met de initiatiefnemers. Een specifieke commissie Beheer Inrichting Gebruik (BInG) ziet er op toe dat projecten hieraan voldoen. Het kan voorkomen dat niet aan alle eisen van het handboek voldaan kan worden. Enige flexibiliteit is nodig omdat verlichting per situatie moet worden beoordeeld. Deze afwijkingen moeten aan de commissie worden voorgelegd en kunnen alleen goedkeuring krijgen als ze goed gemotiveerd zijn.

Verder is het mogelijk dat er nog projecten zijn die voor de afhandeling van het burgerinitiatief goedkeuring van de commissie BInG hebben gekregen (of dat er tijdens de uitvoering een ontwerp iets moet worden aangepast).We kunnen dus niet 100% garanderen dat alle nog te realiseren projecten aan het aangepaste handboek voldoen: we proberen dit soort situaties zoveel mogelijk te voorkomen, kunnen achteraf maatregelen (laten) nemen en de gemeente kan er in het uiterste geval voor kiezen om het gebied niet in beheer te nemen.

Eva van Esch, Partij voor de Dieren
Jan Wijmenga, ChristenUnie