Schrif­te­lijke vragen Maaien in het Gagelbos


Indiendatum: 29 jun. 2022

Schriftelijke vragen 119/2022

Onlangs kreeg de Partij voor de Dieren een noodkreet van een wandelaarster die haar hond uitliet in het Gagelbos bij Anthoniedijk. Een grote maaimachine was gras aan het maaien in een weiland en zij zag in ieder geval een doodgemaaide veldmuis en een doodsbange jonge haas, die zij in veiligheid heeft kunnen brengen, anders was het diertje ook doodgemaaid. De wandelaarster vroeg zich af waarom hier zo'n grote maaimachine werd gebruikt, en hoe het kan dat dieren (bijna) zijn doodgemaaid. De Partij voor de Dieren heeft contact gezocht met de RUD en de gemeente en het gemaaide gebied bleek van Staatsbosbeheer te zijn, en de landelijke wetgeving blijkt ontoereikend om wilde dieren te beschermen tegen maaimachines. De RUD zou onder meer adviseren om de maaibalk hoger te zetten in plaats van direct boven de grond in te stellen, zodat kleine wilde dieren nog een kans maken. Op de site van Natuurmonumenten lazen we even daarna dat in Brabant een eerste ‘intelligente’ maaimachine in gebruik is genomen, die met behulp van infrarood- en warmtesensoren dieren opspoort en zichzelf stilzet als er dieren in de buurt zijn.

De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

1. Heeft het college inzicht in het aantal en de soorten dieren die in de gemeente Utrecht worden doodgemaaid door maaimachines? Zo nee, is het college bereid dit uit te zoeken, ook bij de verschillende partijen die in de gemeente maaien? Zo nee, waarom niet?

2. Wat doet het college allemaal om ervoor te zorgen dat in Utrecht geen dieren zoals hazen, konijnen en veldmuizen worden doodgemaaid?

2 A. In welke gebieden wordt bijvoorbeeld door de gemeente (en andere partijen) eerst ‘voorgelopen’ om te zien of er zich wilde dieren in het gebied bevinden die gered kunnen worden voordat het maaien begint?

Volgens Staatsbosbeheer is er in het Gagelbos gemaaid om het gebied toegankelijk te houden voor recreatie, “omdat het nu eenmaal een recreatieterrein is” (en om de verschraling van het terrein te bevorderen). Ze zeggen van tevoren een ronde te hebben gelopen en zorgvuldig te hebben gemaaid. Ze geven geen antwoord op de vraag waarom er zo'n grote maaimachine gebruikt is.

3. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat óók in recreatiegebieden de bescherming van de natuur voorop zou moeten staan? Zo nee, waarom niet?

4. Is het college bereid om met Staatsbosbeheer in gesprek te gaan om het maaibeleid (ook) bij hen natuur- en diervriendelijker te maken en te kijken of delen niet gemaaid hoeven te worden om dieren rust en een schuilplaats te bieden? Zo nee, waarom niet?

4 A. Is het college bereid om Staatsbosbeheer te verzoeken niet meer met zo’n grote machine te maaien? Zo nee, waarom niet?

5. We hebben dit al eens eerder geopperd, maar is er een mogelijkheid om in Utrecht in te stellen dat er vaker met een zeis wordt gemaaid in plaats van zware landbouwmachines, die ook nog eens de grond ‘inklinken’? Hoe staat het college hier tegenover en is het college bereid om het gebruik van de zeis, zeker in natuurgebieden, maar ook op kleine grasvelden van de gemeente, te gaan bevorderen? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?

6. Hoe staat het college tegenover het gebruik van de hierboven genoemde ‘intelligente’ maaimachine in Utrecht?

7. Welke mogelijkheden ziet het college nog meer om wilde dieren zoals hazen, konijnen en veldmuizen beter te beschermen tegen maaien in de gemeente Utrecht?

Volgens de RUD is er geen gedragscode voor maaien en ook geen strikte wettelijke regels om te voorkómen dat dieren worden doodgemaaid, en dat hierdoor (vaak ongewild, want maaiers hebben dit liever ook niet. Er zijn echter veel dieren die zich uit angst voor de herrie van de maaimachine op de grond drukken en niet vluchten, zoals hazen, konijnen en veldmuizen) veel dierlijke slachtoffers vallen. Verder geldt in de Regeling Natuurbescherming een uitzondering voor (onder meer) maaien (3.31) als het gaat om het verbod op het opzettelijk doden van dieren (3.10). [1]

8. Vindt het college het net als de Partij voor de Dieren onwenselijk dat de genoemde uitzondering geldt in de Regeling Natuurbescherming? Zo nee, waarom niet?

9. Vindt het college net als de Partij voor de Dieren dat er strengere wet- en regelgeving zou moeten komen voor het maaien van gras, om te voorkómen dat veel dieren hierdoor sterven? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke rol kan het college hierin spelen richting de landelijke en mogelijk ook de provinciale overheid?

10. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat ook voor het maaien van riet strengere wet- en regelgeving zou moeten komen, omdat dit immers is toegestaan in het broedseizoen, veel watervogels kan doden en hun nesten kan vernietigen? Zo nee, waarom niet?

11. Wat doet het college eraan om te voorkómen dat vogels en hun nesten worden gedood/vernietigd door het maaien van riet?

Lisanne Snippe, Partij voor de Dieren
Saskia Oskam, Partij voor de Dieren

[1] De verboden, bedoeld in de artikelen 3.1, 3.2, zesde lid, 3.5, 3.6 tweede lid, of 3.10, en de krachtens artikel 3.11, eerste lid, geldende verplichting tot melding, zijn niet van toepassing op handelingen die zijn beschreven in en aantoonbaar worden uitgevoerd overeenkomstig een door Onze Minister goedgekeurde gedragscode en die plaatsvinden in het kader van:

  • a. een bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer;
  • b. een bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of de bosbouw;
  • c. een bestendig gebruik, of
  • d. ruimtelijke ontwikkeling of inrichting.