Raads­bij­drage Gebied­splan Zuilense Vecht


23 januari 2020

Vorig jaar stemde de Partij voor de Dieren in met de visie voor dit plan. We hadden grote moeite met de onduidelijkheid over de groencompensatie maar de hoop dat dit in de uitwerking van de plannen helderder zou worden.

In het gebiedsplan en ook met de toelichting van de wethouder in de commissie, blijkt dat de groencompensatie voor het verleggen van de rode contour en voor het bouwen in groen, enkel eruit bestaat dat het er in het gebied na de bouw van de woningen, kwalitatief interessanter groen wordt aangelegd.

Voor mijn fractie is dat niet genoeg. Met deze ontwikkeling, hoe mooi de plannen voor meer woningbouw ook zijn, groeit het groene buitengebied dicht. En dat zonder dat er elders in de rode contour compensatie plaatsvindt.

Wat de Partij voor de Dieren betreft wordt er niet gemorreld aan de groene contour. Groen is groen en moet groen blijven.

En als er dan toch een dusdanig fantastisch plan ligt waarvoor er in de groene contour gebouwd moet worden, dan moet compensatie er uit bestaan dat er elders een minimaal gelijk aantal vierkante meters rood wordt teruggegeven aan de groene contour.

De provincie heeft dat voor dit plan niet goed geregeld en de wethouder heeft in de commissie aangegeven dit niet lokaal te willen repareren. Voor de toekomst hebben we daarom een motie.

Dit was ons grootste bezwaarpunt, maar als we dan naar het plan zelf kijken zijn er twee aspecten die voor verbetering vatbaar zijn:

In deel B gaat het over de beplanting en ik wil daar toch alvast op vooruit lopen, om te voorkomen dat we straks een IpvE voorgeschoteld krijgen waarin voorgesteld wordt veel groen te vernietigen.

We willen onze twijfels uitspreken of de voorgestelde omvang van de bebouwing niet veel te groot is in relatie tot de ruimte voor groen die over blijft.

Één specifiek punt van aandacht is de onderbeplanting tussen de bomen aan de gebiedsranden bij de Burgemeester Norbruislaan en de Amsterdamsestraatweg. Het belang van goed doorzicht naar Zuilense Vecht weegt volgens de Partij voor de Dieren niet op, tegen het belang van biodiversiteit en schuilmogelijkheden die dieren vinden in deze beplanting.

De Partij voor de Dieren wil de onderbeplanting daarom behouden. Op andere locaties in de stad zien we ook dat er prima onderbeplanting kan bestaan en dat dat niet ten koste van sociale veiligheid gaat.

Dat de wethouder zegt dat het ook om esthetische uitstraling gaat, daar kan de PvdD zich niet in vinden. Voor ons wegen biodiversiteit en klimaat veel zwaarder dan een strak gazonnetje.

Daarom de motie Struiken Zuilense Vecht.

Ik sluit af met een motie over asfalt. Vorig jaar lag er een visie voor waarin enkel het lint geasfalteerd zou worden. In het nu voorliggende gebiedsplan wordt er voor meer asfalt gekozen. Dat is niet nodig voor het gebruik, het is duurder, de productie van asfalt is zwaar milieubelastend en asfalt is verre van klimaatadaptief. De Partij voor de Dieren stelt daarom voor om voor alternatieven voor de bestrating te kiezen en heeft de volgende motie.