PvdD kritisch op Utrechts hore­ca­beleid


7 maart 2018

In Utrecht wordt al een dik jaar op gemeenteraadsniveau gesproken over uitbreiding en verandering van horeca in de stad. Het huidige college van B&W stelt dat het inwoneraantal van de stad groeit, en dat daarmee ook het aantal café-restaurants zou moeten groeien. Opvallend genoeg zou de meeste uitbreiding van horeca plaatsvinden in de binnenstad. De Partij voor de Dieren is altijd erg kritisch geweest op dit horecabeleid.

Eind 2016 kwam het eerste Ontwikkelingskader Horeca Utrecht in de richting van de gemeenteraad. De Partij voor de Dieren agendeerde als eerste en enige partij in Utrecht dit beleidsstuk; we hadden namelijk best een aantal opmerkingen hierover (lees hier onze bijdrage). Opeens zagen meer partijen problemen met het stuk, en roerden zij zich in het debat. Wegens tijdgebrek werd de behandeling vroegtijdig gestopt, zonder dat alle kritiek daadwerkelijk behandeld was. Als Partij voor de Dieren stelden we daarom politieke vragen, maar met de beantwoording waren we niet tevreden.

300 nieuwe vergunningen binnenstad
De Partij voor de Dieren is zeker voorstander van horeca in de stad. Leuke cafés en restaurants horen er gewoon bij en hebben ook een sociale functie. Dat boekwinkels koffie mogen verkopen, vinden we ook een goede ontwikkeling. Maar: er moet een einde komen aan het groeidenken. Er moet niet altijd maar méér! In Utrecht komt vooral meer horeca in de binnenstad, want daar worden jaarlijks circa 60 nieuwe vergunningen verleend. Wat betekent dat er in de afgelopen jaren zo’n 300 zaken bij zijn gekomen. Ruim 70% van de horeca-vergunningen zijn afgegeven in de binnenstad. Terwijl slechts iets meer dan 5% van het totale aantal inwoners van heel Utrecht in de binnenstad woont. Dat is dus nogal scheef.

De Partij voor de Dieren vindt dat de binnenstad niet nóg meer horeca aankan. Inwoners ervaren al teveel overlast van bijvoorbeeld afval op straat, wildplassers en herrie. Grote delen van de binnenstad zijn woongebieden, en inwoners hebben recht op rust. Het lijkt wel alsof er angst bestaat voor een beetje stilte in de stad. Waarom eigenlijk? Nieuwe horeca zou dus eigenlijk alleen mogen na toestemming van omwonenden. Tijdens een debat over dit onderwerp zei een inwoner: “De binnenstad moet geen product zijn waar elke euro investering nog meer euro’s oplevert.” Goed punt, vinden we.

Aangepast plan
Na een hele hoop kritiek van onder meer de Actiegroep Binnenstad 030, en zeker van de Partij voor de Dieren en andere politieke partijen tijdens de commissiebehandeling in januari 2018, heeft de verantwoordelijk wethouder besloten om de passages over de binnenstad uit het voorstel te halen.

Op 8 maart 2018 spreekt de gemeenteraad over het aangepaste plan, waarin de Partij voor de Dieren een aantal goede zaken ziet. Zo wordt het makkelijker om meer horeca te krijgen in de wijken, wél op basis van een aantal strenge regels. Dat ondersteunen we, mits omwonenden nauw betrokken worden en de horeca geen overlast veroorzaakt. Want als inwoners van wijken om hun hoek al prettige cafés en restaurants hebben, kan dat helpen om overbelasting van de binnenstad te voorkomen. En de wijken zelf worden er weer een stuk leuker van.

Toch zien we nog twee grote problemen in dit horecakader. Ten eerste zegt de gemeente toe te zien op strikte naleving van de regels, terwijl de handhaving ervan een bekend probleem is. Het punt is gewoon dat de gemeente te weinig personeel heeft dat kan toezien op regels. Overlast melden is ook een probleem. Als je het nummer belt om overlast te melden, gebeurt er namelijk helemaal niks. Dit draagt niet bij aan de ervaring van overlast, en zeker ook niet aan het vertrouwen in de overheid. De gemeente moet dus meer geld investeren in betere handhaving en een betere bereikbaarheid voor inwoners die last hebben van horeca.

Ten tweede worden onderlinge afspraken tussen een ondernemer en zijn buren nu niet officieel vastgelegd. Als een onderlinge afspraken niet worden nageleefd kunnen inwoners dus nergens terecht. Bovendien is het als een ondernemer eenmaal een vergunning heeft gekregen nauwelijks mogelijk consequenties te verbinden aan slecht gedrag. Tegelijkertijd maakt maatwerk het mogelijk om ondernemers die buiten de regels vallen, maar wel een goede toevoeging zijn voor de buurt meer mogelijkheden te geven, denk bijvoorbeeld aan een klein terras of uitgebreidere openingstijden op bepaalde dagen. De Partij voor de Dieren wil hier verandering in brengen door maatwerk-afspraken vast te leggen in de vergunning en de gemeente een duidelijkere rol te geven in het faciliteren van een loket waar inwoners en ondernemers terechtkunnen als er onduidelijkheden over gemaakte afspraken zijn.

Visie
Voordat de raad verder besluit over ontwikkelingen in de binnenstad vindt de Partij voor de Dieren dat er een duidelijke visie moet komen, opgesteld in samenspraak met bewoners en ondernemers uit deze binnenstad. Het college van B&W neemt het doel om te groeien als uitgangspunt, maar volgens de Partij voor de Dieren is het veel belangrijker om samen na te denken waaróm deze groei gewenst zou zijn, en bijvoorbeeld welke kwaliteiten van de binnenstad we willen behouden of versterken, wat voor binnenstad we samen willen hebben, maken of behouden. En pas op basis van die gezamenlijke visie een nieuw plan voor ontwikkelingen op het gebied van horeca te maken.

Tijdens de behanding van het horecakader op 8 maart 2018 komt de Partij voor de Dieren met een aantal praktische verbeterpunten. Onze moties zetten we op een later moment online.

Conclusie
Als Partij voor de Dieren vinden we dus dat horeca eerlijker verspreid moet worden over de stad. Er moet meer geld komen voor handhaving. Vergunningen komen op naam. En als de gemeente horecaondernemers actief oproept een wekelijkse vegetarische dag in te voeren, zijn we helemaal gelukkig.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief