PvdD voelt wethouder aan de tand over Dier­vrien­delijk Bouwen


12 mei 2017

Op 11 mei 2017 spraken de gemeenteraad en de wethouder Dierenwelzijn/Bouwen op initiatief van de Partij voor de Dieren en GroenLinks over diervriendelijk bouwen in Utrecht. Aanleiding hiervoor was een plan van het college van B&W dat net een ontheffing heeft gekregen van de Rijksoverheid: het Soortenmanagementplan Diervriendelijk Bouwen. De Partij voor de Dieren vindt dit plan op zich een goed idee, maar vindt het niet ver genoeg gaan. Er wordt namelijk (eerst) gefocust op gebouwen van de gemeente én slechts 3 diersoorten, namelijk de huismus, de gierzwaluw en de gewone dwergvleermuis. Wat de PvdD betreft worden ook gebouwen van bedrijven en particulieren erbij betrokken, én meer dieren- en plantensoorten.

Met het Soortenmanagementplan wil het college van B&W informatie over de gierzwaluw, huismus en gewone dwergvleermuis bij de start van een project beschikbaar hebben. Zo kan er volgens het college in het project eerder en beter rekening worden gehouden met de dieren. De Partij voor de Dieren maakt zich echter zorgen over het eventuele gebrek aan controles als bouwprojecten daadwerkelijk starten: dan kan er namelijk van alles veranderd zijn in de populaties dieren in het gebied. De PvdD pleitte voor controle op kleinere populaties, en spoorde de wethouder aan goed op te letten dat dieren niet in de knel raken, om dierenleed te voorkomen. Ook wil de Partij voor de Dieren dat het college ambitieuzer aan de slag gaat met het plan, zodat zoveel mogelijk dieren in Utrecht geholpen worden. En dat het college niet inzet op het tegengaan van de achteruitgang van soorten als de huismus, maar juist op het vergroten van het aantal huismussen in Utrecht.

PvdD-raadslid Eva van Esch: “Het college moet biodiversiteit én het welzijn van individuele dieren in het oog houden en er alles aan doen om deze te bescherming. Dat is hard nodig in een stad die de komende tijd weer enorm gaat groeien. De bouw van steeds meer gebouwen gaat vaak ten koste van groen, en dat hebben dieren broodnodig om te kunnen overleven in een stad. Wij blijven het Soortenmanagementplan dan ook nauwgezet volgen om te zien of dieren er écht baat bij hebben.”

Lees de bijdrage van de Partij voor de Dieren hier.