Monde­linge vragen Hengel­verbod Neder­eindse Plas


Indiendatum: 26 nov. 2020

Mondelinge vragen 5, 25 november 2020

De Partij voor de Dieren las in de memo bij de raadsbrief Nedereindse Plas van 11 november:

“De enige vorm van waterrecreatie die wij vooralsnog haalbaar achten, is vissen vanaf de walkant. Hierover zijn afspraken met hengelsportverenigingen onder meer voor nachtvissen. Vissen is voor specifieke doelgroepen een belangrijke vorm van vrijetijdsbesteding. Om die reden is het belangrijk om het vissen en ook de vergunning voor nachtvissen in stand te houden voor de georganiseerde vissport.”

We zijn hier verbaasd over, want in de Nota Dierenwelzijn erkent het college dat “hengelen ernstige pijn en stress bij vissen veroorzaakt” en nu vindt het college het ‘belangrijk’ om hengelen in stand te houden. Dit lijkt het belang van hengelaars vóór dierenwelzijn te stellen.

Daarnaast is de Nedereindse Plas zo vervuild dat ook vissen giftige en milieuschadelijke stoffen in zich kunnen dragen. In het KWR rapport uit 2018 stond dat de gehaltes PAK en PCB soms boven de norm zitten, wat een ecologisch risico kan zijn voor vissen. Omdat hengelaars in contact komen met water en vissen brengt dit een gezondheidsrisico met zich mee. Als je er niet mag zwemmen vanwege de veiligheid, zou je er ook niet moeten hengelen.

De Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

1. Is het college het met ons eens dat in de hierboven genoemde zin een onevenwichtige afweging wordt gemaakt tussen het vermaak van hengelaars (die ook hun vrije tijd kunnen besteden aan wandelen of fotografie), en het recht van vissen op een natuurlijk leven vrij van lijden? Zo nee, waarom niet?

2. Door het renoveren van de plas én door het overdragen naar het Recreatieschap kan de Nedereindse Plas als nieuw water worden gezien. Dit betekent volgens de Nota Dierenwelzijn (2019) dat er niet gehengeld zou mogen worden. Is het college bereid om het hengelen in de Nedereindse Plas niet langer toe te staan, en dit ook in de voorwaarden op te nemen richting het Recreatieschap? Zo nee, waarom niet?

3. Als mensen en honden niet in de plas mogen zwemmen vanwege de gezondheidsgevaren, waarom stelt het college hier dan wel hengelaars aan bloot? Is het college bereid om ook vanwege de gezondheidsrisico’s voor hengelaars een hengelverbod in te stellen in/rond de plas? Zo nee, waarom niet?

4. Het college geeft aan dat in ecologisch waardevolle gebieden wat haar betreft niet gehengeld mag worden. Bij de Nedereindse Plas verblijven veel vogels (dieren die ook veelvuldig het slachtoffer worden van hengelgerei). Is het college bereid om deze reden een hengelverbod in te stellen bij de Nedereindse Plas? Zo nee, waarom niet?

5. Mocht het college hengelen hier toch toestaan, is het dan bereid erop aan te dringen dat het richtinggevende advies voor verdere ontwikkeling biodiversiteit voorop stelt en dat hengelen als vorm van waterrecreatie, zoals nu in de memo staat, geschrapt wordt in dit advies en er hier zeker géén voorzieningen voor worden toegevoegd of gewijzigd? Dus geen plekken voor hengelaars faciliteren of inrichten. Zo nee, waarom niet?

6. Op welke manier waarborgt het college dat het intensiveren van recreatie en ontwikkelen van de locatie voor evenementen niet ten koste gaat van de nu relatief diverse biodiversiteit?

Anne Sasbrink, Partij voor de Dieren
Maarten van Heuven, Partij voor de Dieren