Schrif­te­lijke vragen Gezonde school­lunch (deel 2)


Indiendatum: 25 jan. 2022

Schriftelijke vragen 2022/25

Op basis van eerder gestelde schriftelijke en mondelinge vragen en de recente
raadsinformatiebijeenkomst van 18 januari jl. over gezonde, duurzame en voedzame schoollunches hebben de fracties van D66, Parttij voor de Dieren, CDA, GroenLinks, PvdA, Student & Starter en DENK in aanloop naar het commissiedebat OWE van 17 februari a.s. de volgende vragen:

1. Kan het college de bekostiging van de invoering van een schoollunch op basisscholen in Utrecht in beeld brengen? S.v.p. hierbij enkele scenario’s uitwerken, met:
• mogelijke bijdragen vanuit de gemeente, Rijksoverheid, scholen/koepels, ouders etc.;
• kleinschalig of bijv. in het Speciaal Onderwijs beginnen en dan verder uitrollen;
• verschillende typen schoollunches (zelf meenemen, kant en klaar lunchpakket, zelf smeren, soep met brood/salade in de klas, warme lunch etc.).

2. Kan het college inzichtelijk maken voor de vragen 2 (peiling bij scholen/koepels) en 3 (makelfunctie gemeente) van de MV d.d. 11 maart 2021 wat de toegezegde acties hebben opgeleverd, dan wel wat de actuele stand van zaken is?

3. Betreffende de 4e vraag MV 11 maart ’21: er vanuit gaande dat een uitrol van de schoollunch niet direct overal lukt en past, voor welke aanpak zou het college dan kiezen, en bij welke/ wat voor scholen, en in welke delen van Utrecht zou ze beginnen?

4. Kan het college aangeven wat haar verwachting is over inzet en bekostiging vanuit de Rijksoverheid gegeven het regeerakkoord van het nieuwe kabinet?

5. Heeft het college meer informatie over de opzet en bekostiging van de invoering van gezonde schoollunch in Antwerpen?

6. Tijdens de RIB ging het gesprek enige tijd over wat nu de ‘werkende interventie’ is: gevarieerd en gezond eten en drinken, voeding, voldoende bewegen, voldoende ontspanning en slaap? Hoe kan het grootste blijvende effect worden gerealiseerd en wat betekent dit voor een mogelijke uitrol van de schoollunch-aanpak in Utrecht?

Has Bakker, D66
Maarten van Heuven, Partij voor de Dieren
Bert van Steeg, CDA
Marcel Vonk, GroenLinks
Tessa Sturkenboom, Student & Starter
Hester Assen, PvdA
Mahmut Sungur, DEN

Indiendatum: 25 jan. 2022
Antwoorddatum: 15 feb. 2022

Schriftelijke vragen 2022/25

Op basis van eerder gestelde schriftelijke en mondelinge vragen en de recente
raadsinformatiebijeenkomst van 18 januari jl. over gezonde, duurzame en voedzame schoollunches hebben de fracties van D66, Parttij voor de Dieren, CDA, GroenLinks, PvdA, Student & Starter en DENK in aanloop naar het commissiedebat OWE van 17 februari a.s. de volgende vragen:

1. Kan het college de bekostiging van de invoering van een schoollunch op basisscholen in Utrecht in beeld brengen? S.v.p. hierbij enkele scenario’s uitwerken, met:
• mogelijke bijdragen vanuit de gemeente, Rijksoverheid, scholen/koepels, ouders etc.;
• kleinschalig of bijv. in het Speciaal Onderwijs beginnen en dan verder uitrollen;
• verschillende typen schoollunches (zelf meenemen, kant en klaar lunchpakket, zelf smeren, soep met brood/salade in de klas, warme lunch etc.

We hebben nog geen zicht of er en zo ja hoeveel landelijke middelen er komen om de invoering van een gezonde schoollunch te ondersteunen (zie ook het antwoord op vraag 4). In het RIVM rapport ‘Gezonder op de basisschool’ en de brief van 30 maart 2021 staan enkele belangrijke opmerkingen over randvoorwaarden en duurzaam effect (bij het al dan niet invoeren van een gezonde schoollunch (zie ook het antwoord op vraag 6). In de brief aan de gemeenteraad van 28 januari 2022 staat onder ander dat we in 2022 de verkenning ‘gezondheid op scholen’ gaan uitvoeren naar de behoeften, mogelijkheden en knelpunten van scholen op gezondheidsthema’s, waaronder voeding en bewegen. In het regeerakkoord wordt gesproken over de invoering van een ‘rijke Schooldag’. Een gezonde schoollunch en beweegactiviteiten zou betrokken kunnen worden bij de verdere ontwikkeling rondom dit thema in Utrecht.

Kosten

Vooruitlopend op de uitkomsten van de ‘verkenning gezondheid op school’ en duidelijkheid over rijksmiddelen, kijken we voor de beantwoording van vraag 1 (en ook andere vragen) als eerste naar de brief van 30 maart 2021 van voormalig staatssecretaris van VWS aan de Tweede kamer. De uitwerking van de scenario’s over een gezonde schoollunch op landelijke schaal gebruiken we als basis voor de Utrechtse doorrekening.

Van de twee landelijke scenario’s voor gezonde schoollunches is scenario 1 mét beweegaanbod en scenario 2 zonder beweegaanbod. Scenario 1 kost – exclusief ouderbijdrage - € 4,50 per kind per dag en scenario 2 kost € 2,40 per kind per dag. De scenario’s worden vervolgens doorgerekend op basis van keuzes over het bereik van scholen:
(A) ‘lage sociaal economische status’-scholen (4%)
(B) een deel van de scholen (17%)
(C) alle scholen (100%

In de berekening van de landelijke kosten wordt bij alle bereikpercentages uitgegaan van een ouderlijke bijdrage van € 1,75 per kind per dag, oftewel € 350,- per schooljaar per kind. Voor minima, die in de groep van 4% en 17% oververtegenwoordigd zijn, is dat echter een hoge kostenpost. 12,4% van de Utrechtse kinderen leeft onder de Utrechtse armoedegrens (Armoedemonitor Utrecht 2021).
Informatie over overgewicht per wijk/buurt: Overgewicht komt vanaf de peuterleeftijd vaker voor bij kinderen die wonen in Overvecht, Kanaleneiland, Transwijk, Nieuw Hoograven, Bokkenbuurt en Zuilen-noord en oost. Voor tien- en elfjarigen geldt dat ook kinderen uit de buurten Ondiep, 2e Daalsebuurt, Lombok, Leidsche weg en Leidsche Rijn Centrum vaker te zwaar zijn.

Voor Utrecht berekenen we de scenario’s als volgt:
• We gebruiken de kosten van scenario 1 lunch met de combinatie beweegaanbod (€ 4,50 per dag per kind) en scenario 2 lunch zonder beweegaanbod (€ 2,40 per dag per kind) uit het RIVM-rapport.
• Voor het bereik gebruiken we twee groepen: 24% en 100% van de leerlingen. De 100% zijn alle leerlingen (ongeveer 32.000) op de 115 basisscholen in Utrecht (inclusief speciaal onderwijs). Bij de 24% groep gaat het om de ongeveer 7.500 leerlingen die op de 33 scholen zitten in Utrecht die in aanmerking komen voor brede school subsidies (gebaseerd op schoolscores).
• Bij de 100% groep gaan we net als het RIVM uit van gemiddeld € 1,75 per dag per kind aan ouderbijdrage. Bij de 24% groep gaan we niet uit van die bijdrage en stellen we die op € 0,-.

Er van uitgaande dat scholen een keuzevrijheid hebben bij deelname, dan zou het bereik in de opstartfase altijd lager liggen dan het de 24% of 100% uiteindelijke gewenste bereik. Volgens het RIVM rapport en de brief van 30 maart 2021 is scenario 1 het meest effectief. Wil de maatregel een duurzaam effect hebben, dan is er meer nodig (zie ook beantwoording vraag 6). Bij de keuze tussen de 24% of 100% variant spelen naast financiële ook inhoudelijke afwegingen. Richten op de 24%-groep (keuze voor 33 scholen) past bij het principe van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’. Op de 82 overige scholen zitten echter ook kinderen die te maken hebben met ongezonde leefstijl en/of armoede. Richten op alle scholen en alle kinderen past bij het normaal maken van gezond eten en bewegen.

Type schoollunch

• In de brief van 30 maart 2021 (onderaan pagina 5) staat dat de zelfsmeerlunch het best passende lunchconcept in vergelijking met de kant-en klare - of warme lunch.
• Bij het project ‘smakelijke school’ (zie ook antwoord op vraag 5) krijgen scholen enkele keuzemogelijkheden bij hoe zij de gemeentelijke bijdrage besteden. Dat kan naast een lunch ook een ontbijt zijn.
• In Utrecht hebben we enkele experimenten op het gebied van gezonde schoollunches: Lunchmaatjes met een zelfsmeerlunch (en beweegaanbod) en Groentjessoep met een aanbod van groentesoep (en educatie).

2. Kan het college inzichtelijk maken voor de vragen 2 (peiling bij scholen/koepels) en 3 (makelfunctie gemeente) van de MV d.d. 11 maart 2021 wat de toegezegde acties hebben opgeleverd, dan wel wat de actuele stand van zaken is?

De verkenning gezondheid op scholen gaat in 2022 plaatsvinden. Door corona en daardoor andere prioriteiten bij scholen is deze verkenning nu pas haalbaar. Het aansluiten op de behoeften en mogelijkheden van scholen zien we – ook gelet op het rapport ‘Gezonder op school’ – als cruciaal. Wij geven als gemeente zelf en via de inzet van de vitaliteitsmakelaar bij SportUtrecht al invulling aan een makelfunctie rond het leggen van verbindingen en de ontwikkeling van passend aanbod. Deze inzet richt zich op het speciaal onderwijs in het kader van Gezond Gewicht Utrechtse Jeugd. Via deze link is een overzicht van de inzet in 2021. Zo gingen bijvoorbeeld vier leefstijlaanbieders met een nieuw of aangepast leefstijlprogramma aan de slag op scholen.


3. Betreffende de 4e vraag MV 11 maart ’21: er vanuit gaande dat een uitrol van de schoollunch niet direct overal lukt en past, voor welke aanpak zou het college dan kiezen, en bij welke/ wat voor scholen, en in welke delen van Utrecht zou ze beginnen?

Zie beantwoording op vraag 1 onder de tabellen met de scenario’s. Wij zouden starten op de 33 scholen waar kinderen in een kwetsbare positie oververtegenwoordigd zijn.


4. Kan het college aangeven wat haar verwachting is over inzet en bekostiging vanuit de Rijksoverheid gegeven het regeerakkoord van het nieuwe kabinet?

Er is nog geen duidelijkheid over de inzet en bekostiging vanuit het Rijk. In de eerder genoemde brief van 30 maart 2021 aan de Tweede kamer laat de staatssecretaris het aan het nieuwe kabinet om te oordelen of en hoe het gezonde schoollunch en beweegaanbod uit gaat voeren. In het regeerakkoord staat het volgende (pagina 19): ‘Als onderdeel van een brede aanpak van bestrijding van armoede in kwetsbare wijken door gemeenten investeren we in een rijke schooldag, waarbij scholen zelf bepalen wat zij nodig achten om de kansenongelijkheid te verkleinen. Te denken valt aan begeleiding bij huiswerk, sport en cultuur in samenwerking met plaatselijke verenigingen en bibliotheken. We beginnen bij de scholen waar de nood het hoogst is.’ Een gezonde schoollunch en beweegaanbod kunnen onderdeel zijn van een rijke schooldag, mits dit dan ook een keuze is van de school. In het regeerakkoord staat dat er € 1 miljard beschikbaar is voor het vergroten van de kansengelijkheid. Hoe groot het deel is dat voor een rijke schooldag beschikbaar komt, is nog niet duidelijk. In onder andere de mondelingen vragen verwijst u naar de mogelijkheden van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Op basis van de “Utrechtse Staat van de Jeugd” kunnen keuzes gemaakt worden hoe het gemeentelijke deel van het NPO in te zetten valt.


5. Heeft het college meer informatie over de opzet en bekostiging van de invoering van gezonde schoollunch in Antwerpen?

Wij hebben informatie ingewonnen over ‘smakelijke school’ in Antwerpen.
Doel: welzijn, leerprestaties en gezondheid
• Bevorderen van het welzijn en leerprestaties van de kinderen en het behalen van gezondheidswinst op korte en lange termijn.
• In het project ‘smakelijke school’ is geen doelstelling rond bewegen meegenomen. Omdat extra beweegactiviteiten bij het project in Antwerpen, laat het zich het beste vergelijken met scenario 2 in het antwoord op vraag 1.
Bereik: opbouw naar 100%
• Alle Antwerpse scholen kunnen kiezen of en hoe zij deelnemen (zie punt 4 onder werkwijze).
• Er zijn in Antwerpen ca. 260 scholen en totaal 65.000 leerlingen in de leeftijd 2,5-12 jaar waar deze regeling betrekking op heeft.
• Ongeveer 33% van de kinderen in Antwerpen leeft in armoede. Voor met name deze groep wil men de genoemde doelen behalen.
• Het is nog niet duidelijk hoeveel van de 260 scholen deel gaan nemen.

Kosten: 13,3 miljoen per jaar
• In Antwerpen gaat men bij de de kosten uit van gemiddeld € 1,00 per dag per kind Dit bedrag is duidelijk lager dan de kosten waar het RIVM van uit gaat bij scenario 2 (namelijk € 2,40 per dag). Er wordt niet uitgegaan van een ouderlijke bijdrage voor ouders die in armoede leven. Berekening als 100% meedoet: 65.000 leerlingen x € 1,- x 205 schooldagen = € 13,3 miljoen.
• De kosten in de komende 5 jaar lopen op naar een totaal van 40 miljoen, waar men in het laatste jaar rekent op 13,3 miljoen.
• Deze kosten zijn exclusief de personele kosten rond de regeling en ondersteuning rond gezondheidsadviezen die de gemeente Antwerpen maakt.
• De gemeente Antwerpen heeft geen extra middelen van de landelijke overheid ontvangen voor het project ‘smakelijke school’.
Werkwijze
• Vanaf 1 februari 2022 kunnen scholen een beroep doen op een toelage van de gemeente Antwerpen.
• De gemeente Antwerpen verstrekt een toelage van gemiddeld € 1,00 per kind per dag: € 0,60 voor kinderen waar ouders zich een bijdrage kunnen veroorloven en € 1,60 voor kinderen die leven in armoede. Het verschil in toelage zit vooral in het dekken van de overblijfkosten (stoeltjesgeld).
• Met deze toelage bekostigen de scholen: de inkoop en (eventuele) bereiding van de lunch, het verstrekken van de lunch en opruimen/afwassen na de lunch. Ook kunnen scholen de extra overblijfkosten opvangen. De dekking van de overblijfkosten zijn ook de voornaamste reden voor het verschil in de toelage tussen kinderen die wel en niet in armoede leven. Ouders van laatstgenoemde groep dragen nu vaak al de overblijfkosten. Als de school meer kosten heeft dan de toelage van de gemeente dekt, dan moeten zijn zelf zorgdragen voor aanvullende financiering.
• Scholen kunnen zelf kiezen wat ze aanbieden: ontbijt, boterhammenlunch of soep en eventueel in combinatie met het aanbieden van fruit. Sommige scholen combineren de toelage met het EU-fruit.
• Een eis bij de inkoop is dat alle producten vegetarisch zijn. Hier is voor gekozen omdat dit past bij de duurzaamheidsdoelen van de stad en het sluit beter aan bij diverse culturen. Verder verlangt de gemeente dat scholen kostenbewust inkopen en keuzes maken op basis van minimaal drie offertes van potentiële leveranciers.

6. Tijdens de RIB ging het gesprek enige tijd over wat nu de ‘werkende interventie’ is: gevarieerd en gezond eten en drinken, voeding, voldoende bewegen, voldoende ontspanning en slaap? Hoe kan het grootste blijvende effect worden gerealiseerd en wat betekent dit voor een mogelijke uitrol van de schoollunch-aanpak in Utrecht?

Hoewel een ongezonde leefstijl een belangrijke factor is bij het ontwikkelen van een ongezond gewicht is het niet alleen een kwestie van ongezond eten en onvoldoende bewegen. Stress in het gezin (bijvoorbeeld als gevolg van geldzorgen), slaapproblemen en het gebruik van bepaalde medicijnen hebben invloed op de stofwisseling van het lichaam. Daarnaast maakt het ervaren van stress het lastiger om een gezonde leefstijl te hebben en houden. Tot slot leven we in een obesogene (fysieke en sociale) omgeving: een omgeving die mensen stimuleert om veel te eten en daarnaast te weinig te bewegen. Al stad werken we aan gezondheid voor iedereen via het armoedebeleid, aanbod van zorg en welzijn, stimuleren van sport en cultuur. Daarnaast voeren we samen met andere partijen lobby rond wettelijke mogelijkheden voor een gezonde voedselomgeving en prijzen, marketing etc. van voeding. In het kader van Gezond Gewicht Utrechtse Jeugd zetten we in op met name de focuspunten: Multidisciplinaire (groeps)aanpak overgewicht en Gezond speciaal onderwijs. Het aanbieden een gezonde schoollunch voor basisschoolkinderen kan een bijdrage leveren aan een gezonder leven voor kinderen, maar voor goede en blijvende resultaten is meer nodig. Uit het RIVM rapport ‘Gezonder op de basisschool’ en de brief van 30 maart 2021 halen wij de volgende lessen:
(1) Bereidheid van de scholen en aansluiten op de behoeften en mogelijkheden van de scholen is een randvoorwaarde. Zonder dit, kun je niet invoeren en heb je dus geen effect.
(2) Het effect op het BMI van de proef bij ‘gezonder op school’ verdwijnt wanneer kinderen de schoollunch niet meer aangeboden krijgen. Dat betekent: (A) structureel aanbieden of niet. (B) Er is een doorgaande lijn nodig (van kinderopvang tot en met het middelbaar – en beroepsonderwijs)
(3) Er is groter effect te verwachten als we uitgaan van ‘meer bewegen en liefst een gezonde schoollunch’ dan van ‘een gezonde schoollunch en liefst meer bewegen’. Dat betekent in ieder geval dat het niet effectief is om een gezonde lunch te houden in plaats van een half uur buiten bewegen.
(4) Er is groter effect te verwachten als ouders betrokken zijn en zij ook een stap zetten in het maken van gezondere keuzes voor het gezin.
(5) Het is van belang een koppeling te maken met voedingseducatie en schoolbeleid in aansluiting op de aanpak Gezonde School en het EU-fruitprogramma. Een belangrijke basis voor de gezonde schoollunch als een ‘werkende interventie’ is dus een structurele inzet van de gezonde schoollunch. Daarnaast zijn de effecten duurzamer als er een samenhangende aanpak is met o.a. bewegen, een gezonde voedselomgeving en de betrokkenheid van ouders.


Has Bakker, D66
Maarten van Heuven, Partij voor de Dieren
Bert van Steeg, CDA
Marcel Vonk, GroenLinks
Tessa Sturkenboom, Student & Starter
Hester Assen, PvdA
Mahmut Sungur, DEN